vrijdag, mei 09, 2008

Culinaire reiswoordenboeken

In Bordeaux overkwam het me ook: hoewel ik het grootste deel van de menukaart kon lezen (en voor mijn reisgenoten moest vertalen), bleven er toch gerechten of termen die me helemaal niets zeiden. En vraag dan maar eens aan een ober wat daar precies mee bedoeld wordt….

Voor al die mensen die op vakantie graag in een Frans, Spaans of Italiaans restaurant eten, maar lang niet altijd de menukaart (volledig) begrijpen, zijn er nu drie onmisbare naslagwerkjes. Onno Kleyn stelde drie Culinaire reiswoordenboeken samen. De Franse en de Italiaanse zijn gebaseerd op eerdere publicaties, de Spaanse is helemaal nieuw.
En zoals dat met Onno Kleyn gaat: zelfs als je niet in Frankrijk in een restaurant zit, is het boekje nog heerlijk leesvoer. De boekjes bevatten tips over restaurantbezoek, do’s en don’ts, informatie over streekwijnen en –producten en natuurlijk uitgebreide woordenlijsten. Voornamelijk Frans/Spaans/Italiaans – Nederlands, maar ook een beknopt lijstje Nederlands – Vreemde taal. In de Spaanse versie worden zelfs ook Baskische en Catalaanse termen opgenomen, erg handig voor een bezoekje aan bijvoorbeeld Barcelona.

Eerder publiceerde Onno al diverse Reiskookboeken. Die van Frankrijk gaat ook dit jaar weer met ons mee naar de camping. Natuurlijk vergezeld van de Culinaire reiswoordenboeken Frans én Spaans, aangezien we de kids een dagje Barcelona hebben beloofd.

De boekjes zijn uitgegeven door uitgeverij Het Spectrum en kosten € 9,95 per stuk.

woensdag, mei 07, 2008

Lekkere rosé van dichtbij

Nederlandse wijnconsumenten zijn toch maar rare snuiters. Ze halen hun geliefde rosé liefst van zo ver mogelijk. Australië en Chili zijn er al aardig op ingesprongen, op onze grote rosébehoefte. Gelukkig wordt er ook wel dichter bij huis rosé aangeschaft: Franse rosé is nog altijd alomtegenwoordig. Maar helaas worden de wijngebieden die het dichtst bij huis liggen vergeten: in Duitsland maken ze de fraaiste rosé’s tegenwoordig! Naar de Ahr is het vanaf Utrecht slechts 2,5 uur rijden. De Pfalz ligt niet verder weg dan de Elzas en Nahe, Rheinhessen en Franken zijn in minder dan een dag rijden te bereiken. En toch kennen we de Duitse rosé’s niet. Sterker nog, menig Nederlandse wijndrinker zal verrast opkijken zodra hij of zij hoort dat ze in Duitsland ook rosé maken.
Toegegeven: rosé heet niet altijd rosé in Duitsland. Roséwijnen van één druivensoort noemt men er ook Weissherbst, en wijn van rode en witte druiven samen heet Rotling. Maar de wijnen zijn er niet minder spannend en verrukkelijk om.

Gisteren proefde ik op uitnodiging van het Informatiebureau voor Duitse wijn twintig rosé’s. Locatie was het fraaie Landgoed Wolfslaar in Breda. Met de terrasdeuren open en tafeltjes buiten konden de aanwezigen in de lentezon genieten van al het fraais dat uit Duitsland voor ons was opgesteld. Opnieuw was ik onder de indruk van het gebodene, net als een jaar geleden op Prowein. Vooral wijnen van Spätburgunder (pinot noir) waren gisteren goed vertegenwoordigd: allereerst een drietal Blanc de Noirs (witte wijnen van blauwe druiven), vervolgens een fors aantal rosé’s en rotlings.
De Blanc de Noirs combineren het frisse van witte wijnen met de fruitige aroma's van vooral aardbeien en frambozen, maar ook soms kersen. Mijn favoriet was de Spätburgunder Blanc de Noir feinherb van Jean Buscher uit Rheinhessen: kruidige neus, mooie balans in zuren met een heel licht zoetje, dat de wijn wat voller maakt. De wijn zoekt nog een importeur.

Van de rosé's vond ik vooral de droge varianten erg fraai: frisse zuren, mooie zachte aroma’s van rood fruit en opvallende lange afdronken. Diverse van deze wijnen hebben echt potentieel als eetwijnen. Zo is de Rosé Trocken PN&P van Weingut Johanniger in de Nahe op de eerste editie van Rosé uit Duitsland door Jonnie Boer van De Librije gebruikt bij een speciaal wijn-spijsdiner, vertelde Alain Jacobs, directeur van het Informatiebureau. Deze wijn heeft een fors aantal maanden op eiken vaten gelegen, wat duidelijk in de wijn naar voren komt. Zo op het terras zou ik deze wijn niet drinken, maar bij een door Jonnie bereid stukje lamsvlees lijkt het me een perfecte combinatie.

De zoetere varianten, waaronder ook de aanwezige Rotlings, zijn niet zo mijn stijl, maar daarom niet minder van kwaliteit. Lekker gekoeld op een terras, bij wat rood fruit of zomaar, uitkijkend over het strand of de wijngaarden, zijn het prima alternatieven voor het lekkers-dat-wij-van-zo-ver plegen te halen. Voor de prijs hoef je het ook niet te laten: de meeste rosé’s zijn verkrijgbaar voor prijzen tussen de 4 en de 10 euro.

Mijn favorieten van gisteren:
- Rosé Trocken van Wagner Stempel, uit Rheinhessen. In Nederland te verkrijgen via RieslingPartners.
- Spätburgunder Weissherbst trocken van de Winzergenossenschaft in Mayschoss, in de Ahr. Deze wijn zoekt nog een importeur! Of je kunt zelf even naar Mayschoss rijden...
- Rosé trocken Cuvée Cabernet & Co. van Knipser in de Pfalz, geïmporteerd door Goessens Wijnen in Maastricht.

maandag, mei 05, 2008

Bubbels allerlei

De vraag lag op mijn lippen, maar hem stellen vond ik eigenlijk een beetje raar. Gelukkig raadde Nico mijn gedachten: 'Heeft u misschien champagne per glas?' Hij vroeg het een serveerster van Restaurant Bellevue in Willemstad, maar we verwachtten een negatief antwoord. Mousserende wijnen op glas schenken is lastiger dan stille wijnen; als de fles open is, is de rest nog korter houdbaar dan een stille wijn, en niemand zit te wachten op een glas bubbels waar de prik uit is....
Maar wat schetst onze verbazing: ja hoor, champagne per glas was aanwezig, voor slechts
€ 3,95. We vermoedden al dat het voor die prijs geen echte champagne (dus afkomstig uit het herkomstgebied Champagne in Frankrijk) zou zijn, maar dat mocht de pret niet drukken. In onze glas kregen we een aangenaam frisse, fruitige mousserende wijn, met een prettige mousse. Het bleek een wijn gemaakt volgens de 'méthode traditionelle' uit Argentinië, Los Haroldos Extra Brut, van de druivenrassen chardonnay, chenin en sauvignon blanc. De wijn wordt op dezelfde wijze gemaakt als champagne, maar mag geen champagne heten omdat hij niet gemaakt is in Champagne. Bovendien worden er andere druiven voor gebruikt - met uitzondering van de chardonnay. Los Haroldos is een bezitting van de familie Falasco in het wijngebied Mendoza.
(Restaurant Bellevue is overigens een aanrader, evenals het even verderop in de Voorstraat van Willemstad gelegen Frascati. We aten er goed, waren niet al te duur uit en de wijnkaart was in beide restaurants interessant genoeg.)

Na rosé lijkt het wel of bubbels de nieuwe trend worden. Of komt dat idee voort uit het feit dat ik steeds meer blootsta aan de invloed van 'champagne'-liefhebbers? Zo had één van mijn reisgenoten naar Bordeaux een uitgesproken voorkeur: wél Veuve Cliquot, geen Moët Chandon. Zelf ben ik totaal nog niet gevoelig voor het verschil, eerlijk gezegd. Misschien wel als ik ze naast elkaar zou proeven, maar niet als aperitief in een gezellige omgeving.
Hoe het ook zij, vroeger kon ik mousserende wijnen nooit waarderen, tegenwoordig bestel ik ze al als aperitief.... De momenten om een mousserende wijn open te trekken, dienen zich gelukkig meer en meer aan.
Zo nam ik bijvoorbeeld naar onze zeilcursus van afgelopen week een fles Crémant de Loire van Langlois-Chateau mee. Wat is er nu mooier in het leven dan nippend aan een goed glas mousserende wijn in het zonnetje in de kuip van je eigen (tijdelijke) kajuitjacht te zitten?

Mousserende wijnen hebben de naam duur en chic te zijn, maar eigenlijk hoeft dat helemaal niet. Ja, echte champagne is duur, onder andere vanwege hoge druivenprijzen in dat gebied. Oké, een echt glas champagne, zoals de Billecart-Salmon Brut die we bij Chateau Phélan-Ségur als aperitief kregen, is natuurlijk fantastisch. Maar met een goed gemaakte cava, crémant (mousserende wijnen uit Frankrijk maar niet uit de Champagne, gemaakt volgens de méthode traditionelle), de hierboven genoemde Argentijnse bubbel of een echt goede Prosecco kun je hetzelfde feestelijke gevoel oproepen. Mousserende wijnen zijn bovendien niet alleen feestelijk, maar werken ook enorm verfrissend. Ze maken je mond schoon, zuiveren de smaak en zijn bovendien vaak laag in alcohol, waardoor ze minder snel naar het hoofd stijgen. Vooral om die laatste reden had mijn proefgroepgenote Larissa op de heenreis naar Bordeaux voor in de bus een magnum Prosecco meegenomen, en toch maar geen steviger Italiaanse 'champagne'. De Althea Prosecco di Valdobbiadene Spumante uit Vittorio in de Veneto was dan ook een uiterst verantwoorde én feestelijke start van een mooie reis.

Kortom: beperkt mousserende wijnen niet meer tot Oud en Nieuw! Feestje, diploma, mooie zonnige dag? Trek gewoon een cava, blanquette de limoux, prosecco of natuurlijk champagne open en geniet!

Foto's: Restaurant Bellevue aan de haven van Willemstad en bubbels aan boord van de Virginia....

zaterdag, mei 03, 2008

Wijntoerisme in Bordeaux

Wijntoerisme is niet iets dat de Fransen van nature afgaat. Zeker de Bordelais niet. Waar je in andere wijngebieden van Frankrijk nog wel borden ziet met 'Vente en directe' of 'Visite nos cave', tref je dat zelden in de diverse wijngebieden van Bordeaux. En verwacht al helemaal geen 'Amerikaanse' toestanden, met picknickmogelijkheden op het domein en T-shirts, paraplu's of kurkentrekkers met het logo van het huis. Dat zul je ook in de rest van Frankrijk weinig tot beperkt aantreffen.

Voor de Bordelais is dit allemaal wel te verklaren door de manier waarop de wijnhandel georganiseerd is: de meeste wijnen werden en worden opgekocht door grote handelshuizen, die ze verder op de markt brengen voor hun leveranciers. Daarnaast is er het en primeur-systeem: de beroemde huizen als Pétrus en Cheval Blanc verkopen over het algemeen de hele oogst al aan handelaren in het voorjaar na de vinificatie. Zodra de wijn een jaar of wat later gebotteld is, gaat hij onmiddellijk het terrein af. Op de grote en beroemde domeinen is dan ook geen verkooplokaal of fles te vinden! Voor een fles Cheval Blanc ben je als consument aangewezen op grote wijnspeciaalzaken, zoals L'Intendant in Bordeaux en La Winery langs de D1 bij Castelnau. Of nog beter: je eigen wijnhandelaar in Nederland!

Toch dringt ook het wijntoerisme in Bordeaux door. Het meest opvallend was dat tijdens mijn reis naar Bordeaux bij Chateau Giscous, waar hard gewerkt werd aan een stijlvolle proefruimte annex verkooplokaal. De paraplu's, poloshirts en stropdassen waren ook al beschikbaar. In de jaren zeventig was Alexis de Lichine, van Prieuré-Lichine, de eerste die in Bordeaux met verkoop aan huis en andere merchandising begon, zo vertelde Frank Jacobs me. Toen werd de van oorsprong Poolse Amerikaan (!) nog zwaar verketterd, nu moeten de meeste château wel dezelfde weg opgaan. De consumenten beginnen het te verwachten en er is een markt voor. De meeste château hebben tegenwoordig dan ook minimaal een mooie glossy informatiebrochure. Die van Phélan-Ségur ga ik zeker ophangen als poster.

Anders is het bij de coöperaties en Maison des Vins. De laatste zijn altijd al informatiecentra voor de wijnen uit het gebied geweest, en daar tref je dan ook mogelijkheden de wijnen van de deelnemende producenten te kopen, naast schorten met de tekst 'Entre-Deux-Mers' en kurkentrekkers met het logo van het Maison des Vins de Entre-Deux-Mers, bijvoorbeeld.
En gelukkig dringen ook andere wijntoeristische zaken langzaam binnen in de Bordeaux. Vorig jaar was ik laaiend enthousiast over de picknickmogelijkheden in Sonoma Valley, nu kan dat in Bordeaux ook. Wil je namelijk in de Medoc wijnen kopen van bekende huizen in de Bordeaux, dan kan ik La Winery aanraden. De wijnwinkel ligt midden in het landelijke gebied, niet in de stad. Het spiksplinternieuwe, hypermoderne gebouw van glas en staal is pas zeer recent geopend en biedt, naast verkoop van wijnen uit heel Frankrijk én de rest van de wereld, ook een wijnbar, proefmogelijkheden, een picknickplaats en tentoonstellingsruimten. Oprichter is Philippe Raoux, van oorsprong wijnbouwer uit een familie van wijnbouwers. Zijn motto: wijn is er om met elkaar te delen; wijn is geen complex product met geheime codes voor ingewijden, maar een bron van plezier, uitwisseling, verkenning en herkenning. Op het terrein van La Winery komen wijn en moderne kunst samen in een unieke culturele ontmoetingsplaats. Dit voor Frankrijk unieke concept verdient zeker navolging, mijns inziens.

Foto's: Hebbedingetjes bij Giscours en interieur La Winery

donderdag, mei 01, 2008

Les 14 - Centraal en Zuidoost-Europa

Wat voor de vorige les - Portugal - geldt, zou misschien ook wel voor de les van 7 (en 21) april kunnen gelden: waarom een dagdeel besteden aan wijnen uit tien landen waarvan je toch zelden of nooit een wijn te drinken krijgt in Nederland? Of je moet er op staan bij een Balkanrestaurant een wijn uit voormalig Joegoslavië te willen drinken, of bij Hongaarse hapjes een Hongaarse wijn. Toch ligt de zaak hier naar mijn idee anders: in Zuidoost-Europa ligt namelijk de bakermat van onze wijncultuur! Wijnbouw zoals wij die kennen, is ontstaan in Georgië. Vanuit Georgië, dat zich als een Europees land beschouwt, deel uitmaakt van de Raad van Europa en geografisch ook deels in Europa ligt, werd over de Zwarte Zee en de Donau al ver voor het begin van onze jaartelling wijn in westelijke richting gevoerd. De vele amforen die op de bodem van de Donau en haar zijrivieren zijn gevonden, getuigen daarvan. Via de Donau drong vervolgens ook de wijnbouw de landen van Centraal en Oost-Europa binnen. De meeste wijngaarden in het gebied zien dan ook het water!

Met deze uitleg, en een aantal voorbeelden van zelf opgedoken amfoorresten, begon Paul Blom, eigenaar van Schermer Wijnkopers, zijn les over de wijnen van Centraal en (Zuid)oost- Europa. Landen die aan bod kwamen: Slowakije, Slovenië, Kroatië, Macedonië, Montenegro, Bulgarije, Hongarije, Roemenië, Georgië en Turkije. Tevens was er een kleine toegift uit Moldavië. Aan de hand van 18 wijnen uit genoemde landen maakten we kennis met een gebied dat enerzijds enorm in opkomst is, anderzijds nog een aanzienlijke weg te gaan heeft. De wijnbouw en de technologische ontwikkelingen hebben tijdens het communistische bewind een enorme achterstand opgelopen. En die achterstand is in de wijnen van vandaag helaas wel te proeven; niet eerder kende de middagles een zo hoog percentage wijnen met (kleine) technische fouten. Zo was de Vinterra Feteasca Negra 2006 uit Roemenië over de top (voorbij het moment om te drinken) en had de Tokaji Aszú 4 putnovy 2002 (een zoete wijn) uit Slowakije azijnsteek. Eerlijk gezegd wist ik niet eens dat ze in Slowakije ook Tokaji Aszú maakten: deze beroemde zoete wijn associeer ik alleen met Hongarije. Het Hongaarse voorbeeld, een 6 puttonyos 1999 van Gróf Degenfeld, was gelukkig wel een heel geslaagd voorbeeld van wat wijnen uit deze regio kunnen zijn. Maar dan heb ik het ook wel over de koning der wijnen - rex vinorum - die door koningen en keizers gedronken werd.

Andere verrassend goede voorbeelden vond ik een wijn van de druivensoort sipon (Sipon Mirovino 2007) uit Slovenië en een malvasia (Malvazija Dajla 2006) uit westelijk Istrië. De eerste was een frisse, minerale wijn met licht citrus en een indruk van bloemen (rozen). De tweede had in de neus de aroma's van mentholsnoepjes en anijs. Daarnaast waren er hoge zuren, mineraliteit en een bittertje. De enigszins zilte smaak maakt deze wijn erg geschikt om te drinken bij krab en kreeft. De assemblage van deze wijn is van de hand van Paul Blom zelf, die als adviseur bij het Kroatische domein betrokken is.

Van de meeste rode wijnen was ik minder onder de indruk, al zaten er zeker goede en prettige drinkbare wijnen bij. De Dingac hebben we hier al eerder besproken. Daarnaast vond ik ook een assemblage van cabernet sauvignon en de druif ochsenauge (öküzgözü in het Turks) een leuke kennismaking. Deze wijn wordt gemaakt in het Europese deel van Turkije, in de uitlopers van het Balkangebergte. De wijn heeft wat aardse aroma's, een fruitige smaak (bessen) en is makkelijk drinkbaar. Hij lijkt me licht gekoeld een goede dorstlesser bij wat Turkse hapjes.

Al met al was de les van Paul Blom een boeiende kennismaking met een gebied waar we in de toekomst zeker nog van zullen horen. 'Met wijn is het net als met mensen: er is er gelukkig niet één hetzelfde', aldus een van de uitspraken van Blom. Jammer dat sommige cursisten de kennismaking met die verschillende en soms wat moeilijk te begrijpen 'persoonlijkheden' niet op prijs stelden en halverwege de les vertrokken. Zij hebben een interessant stukje opleiding gemist!

vrijdag, april 25, 2008

Lintje voor Hubrecht Duijker

In mijn mailbox vandaag:

Hubrecht Duiker is vandaag in zijn woonplaats Abcoude benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Hij kreeg deze onderscheiding uit handen van de burgemeester Jan Streng. Hubrecht Duijker geeft aan dit totaal niet verwacht te hebben. Wel is hij enorm trots op de waardering voor zijn werk. Overigens ziet Duijker deze benoeming ook als compliment voor alle wijnen die hij tot nu toe heeft beschreven.

Sinds 1974 is Hubrecht Duijker full-time wijnschrijver. Naast talloze artikelen over wijn heeft Hubrecht een groot scala aan boeken geschreven. Zo verschijnt in samenwerking met Harold Hamersma al jaren de Wijnalmanak. Andere bekende werken die van zijn hand verschenen zijn Wijngids voor beginners en Hubrecht Duijker over wijn.

Veel van zijn boeken zijn in andere talen uitgebracht, zelfs in het Frans. Hij werd benoemd tot ereburger van Margaux, en in 1999 riep een internationale jury hem uit tot beste wijnpublicist ter wereld.


Hubrecht, gefeliciteerd! Het is meer dan verdiend én gegund!

Bordeaux 2007 - rood

'Hoe was de Bordeaux 2007'?, vroeg een wijnhandelaar me deze week. De wijnwereld leeft in spanning, en vooral de betere producenten in Bordeaux. Wat zal Robert Parker te melden hebben? 'Komt mijn wijn er goed of slecht vanaf'?, piekert menig producent. Verwacht wordt dat de Amerikaanse wijncriticus op 30 april zijn oordeel over de oogst van 2007 bekend zal maken. Eerder liet hij al los dat hij het jaar 2007 'overall' teleurstellend vindt, maar dat er wel châteaux zijn die goed hebben gepresteerd.
Vooral de huizen die hebben kunnen wachten met oogsten tot in september en geprofiteerd hebben van de weersverbetering toen, zullen er naar verwachting beter uitspringen dan diegenen die vroeger geoogst hebben. Verwacht wordt dat de cabernet sauvignon-wijnen het beter zullen doen dan de merlot, aangezien cabernet sauvignon later rijpt. De cabernet sauvignon heeft daarmee kunnen profiteren van het goede weer in september.
Verder hebben de Britse critici, bijvoorbeeld Steven Spurrier, al gezegd dat 2007 waarschijnlijk een jaar zal worden voor witte wijnen en minder voor rode.

Over de witte later meer, vandaag de rode. Want wat hebben wij vorige week nu van die rode 2007 geproefd? Zou ik er een oordeel over durven geven? Ik realiseerde me vorige week al dat wij als Wijnacademiecursisten dit jaar enorm geluk hadden: midden in de primeurtijd Bordeaux bezoeken en dan de wijnen mogen proeven van een fors aantal goede huizen is niet voor iedereen weggelegd. Wij hebben waarschijnlijk eerder dan menig Nederlandse handelaar de oogst van 2007 geproefd.

Een opsomming van de 2007s die we proefden:

Petit Cheval, tweede wijn van Château Cheval Blanc: Grand Cru Saint-Emilion
Dominant cabernet franc; nu al hele prettige frisse wijn, in de neus wat kruiden en drop.

Cheval Blanc: 1e Grand Cru Classé Saint-Emilion
45% merlot, 55% cabernet franc; prachtige wijn, helemaal mijn wijn! Vergeten notities te maken, alleen genoten, niet gespuugd. Fris rood fruit en enige kruidigheid, precies zoals je van een Cabernet Franc verwacht.

Château Brown: Pessac-Leognan
Soepele, prettige jonge wijn. Alle petit verdot gaat dit jaar in de blend (5%). Daarnaast 55% cabernet sauvignon en 40% merlot. Heel fruitig, tanninestructuur mooi, goed verwerkt.

Château Du Tertre: 4e Grand Cru Classé, Margaux
23% merlot, 18% cabernet franc, 59% cabernet sauvignon. Wat stoffig in de neus, iets groene tonen, fris, sterk drogende tannines. Moeilijk jaar voor Du Tertre, aldus general manager Alexander van Beek.

Château Giscours: 3e Grand Cru Classe, Margaux
65% cabernet, 35% merlot; nog gesloten, maar mooie balans, veel tannines, mooie zuren; in de blend veel cabernet, aangezien Giscours heeft kunnen wachten met oogsten. De cabernet moet deze wijn dragen.

Château Phélan-Ségur: Cru Bourgeois Exceptionnel, St. Estephe
60% cabernet sauvignon, 40% merlot. Zwoele wijn, stevige tannines, mooie zuren. Ook hier is gelukkig gewacht met plukken.

Mijn algemene indruk: de wijnen met een hoog percentage cabernet sauvignon zullen het waarschijnlijk beter doen dan die met een dominant percentage merlot. De wijnen zijn nu al toegankelijk en erg drinkbaar en moeten waarschijnlijk gewoon jong gedronken worden.

Maar mijn toppers zijn de eerste en tweede wijn van Cheval Blanc. Ook voor cabernet franc was het een heel goed jaar, aldus Kees van Leeuwen. Bij de oogst waren de druiven zeer evenwichtig rijp en gezond.
Aan verdere uitspraken waag ik me niet. De 2007s zullen voor mij echter altijd een speciaal plekje houden, zeker die van de huizen die ik vorige week proefde. Ooit wil ik een Cheval Blanc of een Petit Cheval 2007 te pakken krijgen!

donderdag, april 24, 2008

Vatmonsters

In april een wijngebied bezoeken betekent bijna automatisch dat er grote kans is jonge wijnen te proeven. Sommige van die jonge wijnen waren speciaal voor de gelegenheid voor ons in flessen gegoten: dat was het geval bij Pétrus, waar we een 2006 proefden die verder nog niet gebotteld was, en bij Cheval Blanc, waar we van twee 'échantillons' 2007 mochten genieten.
Bij Château La Couronne in Montagne Saint-Emilion proefden we bovendien échte vatmonsters! Eigenaar Thomas Thiou tapte met een slangetje rechtstreeks uit het vat de glazen vol. We mochten proeven wat twee verschillende vaten, van twee verschillende kuiperijen, voor effect hebben op één en dezelfde wijn (2006). Beide wijnen van dezelfde samenstelling (hoofdzakelijk merlot), lagen 15 maanden op het nieuwe hout, hadden hun tweede gisting op dat vat doorgemaakt en waren nooit overgestoken. Pas na de tweede gisting was de minimale dosis sulfiet toegevoegd om de wijn te stabiliseren.

Een producent gebruikt meestal vaten van verschillende tonnellerie's. Dit gebeurt onder andere om niet van één leverancier afhankelijk te zijn en ook om te kunnen variëren met smaak en aroma's bij de assemblage. De wijn uit het eerste vat beviel mij het beste: klassieker, verfijnder, maar ook iets minder expressief. De wijn uit het tweede vat was ronder, vetter, met meer uitgesproken aroma's. Dit tweede vat had een stevigere toasting gehad: was langer gebrand, waardoor de geroosterde lucht en het vanille van het eikenhout sterker naar boven komen.

En wat gebeurde er met de restjes vatmonster in onze glazen? Tot onze stomme verbazing konden we de glazen legen in een gietertje. Kees van Leeuwen kwam langs en goot de verzamelde wijn vervolgens terug in het betreffende vat. De zuurgraad van de jonge wijn is namelijk zo hoog dat menselijke bacteriën geen effect op het resultaat zullen hebben, zo werd ons verzekerd. Toch stonden we wel even te kijken......

Foto's: Thomas Thiou tapt de wijn uit en Kees van Leeuwen haalt de restjes weer op.