maandag 27 februari 2006

Madeira en chocoladetaart

Binnenkort ben ik uitgenodigd door een kennis om madeira's te komen proeven. Uiteraard zal daar verslag van komen. Voorbereidend aan die proeverij bezochten we afgelopen vrijdagmiddag Van Wageningen en de Lange in Utrecht, om door te nemen welke madeira's zij kunnen leveren. De firma is importeur van Henriques and Henriques, een zeer bekend en goed madeirahuis. Uiteraard proefden we ook diverse wijnen. Aangezien ik me nog te weinig heb verdiept in hoe madeira wordt gemaakt en welke verschillende types er nu precies zijn, zal ik daar nu niet op ingaan. Maar ik wilde wel alvast een verrukkelijke combinatie met madeira doorgeven: 10 jaar oude Bual of Malmsey met een stuk chocoladetaart!

Madeira staat al sinds het liedje van Ted de Braak uit de jaren zeventig zo ongeveer onderaan de ladder van favoriete wijnen in Nederland. Je weet wel... 'Een glaasje madeira my dear....' Geheel ten onrechte, want madeira is ongelooflijk veelzijdig, heeft een schitterende zoet-zuur balans, is met veel gerechten te combineren en zeker niet alleen geschikt voor in de ossenstaartsoep. Als we daar Nederland nu eens van konden doordringen....
Zo'n acht jaar geleden maakte ik voor het eerst kennis met madeira tijdens een proeverij. We waren meteen verkocht en hebben sindsdien af en toe, maar nog veel te weinig, wat flessen gekocht.
Ook na het (voor)proeverijtje vrijdag besloot ik een flesje mee naar huis te nemen, om Nico eens te verrassen. Het werd een 10 jaar oude Bual. Bual is een witte druivensoort die een halfzoete wijn produceert. Andere druivensoorten waarvan madeira wordt gemaakt zijn sercial (droog), verdelho (halfdroog) en malmsey of malvasia (zoet).

De tip om chocoladetaart te eten bij een glaasje Bual kreeg ik vrijdag ook. Bedoeld werd Sachertorte, maar ik besloot de chocoladetaart van Jamie te maken (The Naked Chef, pagina 221). Schoonzus en vriendin maken die taart regelmatig, zelf hadden we er ons nog altijd niet aan gewaagd. Gelukkig lukte alles perfect en smaakte de taart uitstekend. Ook de Bual was verrukkelijk. Voor deze chocoladetaart had onze Bual echter net iets te weinig zoet, ik vermoed dat een malmsey, de zoetste variant madeira, beter geweest was. In een Sachertorte zit meen ik nog room en kersen, in onze taart zit alleen chocolade (72% cacao!).
Ik vind het nog vrij moeilijk het aroma en de smaak van een madeira te beschrijven. Ik kom tot iets als rokerige amandelen, noten. Als ik verslag doe van de proeverij over een maand zal ik iets meer mijn best doen!
Ondanks de niet optimale combinatie hebben we toch genoten en kan ik iedereen aanraden: koop eens een fles halfzoete tot zoete madeira, maak of koop er een taart à la Sacher bij en geniet! Ook als aperitief is een madeira heerlijk. Neem dan een sercial (droog) of verdelho (halfdroog). Er is zelfs ook nog beendroog te krijgen!
Meer info over madeira onder andere op de informatieve site van Wolf Peter Reutter.
N.B. De foto toont niet mijn taart, maar wel chocoladetaart met 15 jaar oude malmsey!

zondag 26 februari 2006

Brood in wijn

Af en toe heb ik me wel eens afgevraagd of er misschien een relatie bestaat tussen de woorden toast, gebakken brood, en toost, een dronk op iemand. Volgens Leo Moulin in Europa aan tafel. Een cultuurgeschiedenis van eten en drinken (Antwerpen 1988) heeft het één inderdaad nauw met het ander te maken. Op iemand’s gezondheid drinken was oorspronkelijk een godsdienstig ritueel: de drank werd gewijd aan huis- of beschermgoden, later aan de gezondheid van de aanwezigen en/of de doden. Bij die heilsdronk werden gebakken stukjes brood (Engels: toast) in de wijn gedoopt, waarna het glas of de beker geheven werd. Dat brood was dan soms nog gloeiend, zodat de wijn of andere drank gelijk verwarmd werd. Deze redenering van Moulin overtuigd mij eigenlijk niet geheel. Er zal waarschijnlijk wel een verband zijn tussen beide woorden, maar het zal iets ingewikkelder liggen dan door hem uitgelegd. Verder is dit boek overigens erg de moeite waard. Veel prachtige afbeeldingen, veel weetjes over de geschiedenis van ons eten en drinken samengebundeld. Maar echt helemaal ‘wetenschappelijk’ lijkt het me niet. Een ander weetje is de volgende, ook over wijn en brood: in Touraine (Loire, Frankrijk) werd brood in suikerwater gedoopt en daarna doordrengt met rode Chinon of Bourgeuil. Halverwege de middag dronk men dit mengsel. Ik vind dit een intrigerende kwestie: brood in wijn. Graag eet ik een stuk goed brood bij mijn glas wijn. Sterker nog, voor brood en wijn mag je me echt wakker maken. Liever heb ik brood dan enig andere pasta, graan of zetmeelproduct bij mijn eten. Die geweldige picknick in Brussel viel me daarom ook zo goed, denk ik. Maar om nu brood ín je wijn te doen? Komende tijd ga ik daar eens een en ander over lezen, tips en opmerkingen van harte welkom.

donderdag 23 februari 2006

Lezing Le Roy Ladurie

Tip voor liefhebbers van wijngeschiedenis: volgende week dinsdag 28 februari om 20.00 uur geeft de Franse historicus Emmanuel Le Roy Ladurie een lezing in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. Le Roy Ladurie is bij het grote publiek bekend als schrijver van het boek Montaillou, maar heeft daarnaast een zeer indrukwekkende staat van dienst in de geschiedwetenschappen. In de maand februari is hij te gast van de KB, om zich te verdiepen in Nederlandse bronnen rondom de geschiedenis van het klimaat in Europa. Daarover publiceerde hij al in 1967 een boek getiteld Histoire du climat depuis l’an mil (Engelse titel Times of Feast, Times of Famine), maar het onderwerp heeft hem sindsdien niet losgelaten. In 2004 verscheen Histoire humaine et comparée du climat. Canicules et glaciers XIIIe-XVIIIe siècles. Beide boeken schijnen voor doorzetters te zijn, ik ken ze zelf (nog) niet.

De lezing die hij dinsdag geeft zal gaan over de invloed van het klimaat op de geschiedenis. Zo schijnt het dat de Franse Revolutie, in 1789, voorafgegaan is door een koude winter en een slechte oogst, wat leidde tot volksoproeren. Ook bekend is dat de Vlaamse wijnbouw, onder andere rond Leuven en Hasselt, in de 16e eeuw verdween onder andere als gevolg van wat we tegenwoordig de kleine ijstijd noemen. (Denk ook aan al die beroemde winterlandschappen van onze Nederlandse schilders: die stammen allemaal uit de late 16e en de 17e eeuw!).
Niet altijd is er direct verband tussen klimaat en een gebeurtenis: zo zou de wijnbouw rond Parijs in de 14e eeuw niet verdwenen zijn als gevolg van afkoeling en toegenomen neerslag, zoals vaak beweerd wordt, maar meer door economische omstandigheden als bijvoorbeeld te hoge arbeidslonen.

Voor zijn onderzoek baseert Le Roy Ladurie zich onder andere op de startdata van de jaarlijkse wijnoogsten. Daar zijn hele reeksen van bekend, onder andere uit Frankrijk. Als een oogst vroeg in september begon, is de kans groot dat de zomer ervoor zonnig en warm was. Als er pas in oktober geoogst werd, was de zomer waarschijnlijk nat en koud. ‘Zo is het jaar 1816 een goed voorbeeld: dat jaar staat bekend als het jaar zonder zomer. De oogst begon pas op 24 oktober en leverde slechte wijnen op’, aldus de Franse historicus.

Bron: Historisch Nieuwsblad, maart 2006, nr. 2
Lezing: dinsdag 28 februari 20.00 uur, Koninklijke Bibliotheek Den Haag
Toegang gratis, aanmelden verplicht

In petto pasta en kookwijn

In petto is een Duitse koffiehandel, gevestigd in Düsseldorf. Naast koffie horen ook delicatessen tot het assortiment, al gaat de website bijna geheel en al over koffie. Blijkbaar is de firma bezig zijn markt naar Nederland uit te breiden, want onlangs kregen diverse food- en winebloggers via Aldo’s blog Diningandwining een proefpakket delicatessen en/of koffie toegestuurd. Ook ik werd verrast met een doos pasta, pesto, jam, koffie, olie en azijn. En voor wat hoort wat, dus hierbij van mij de eerste notities over de producten. Mijn blog gaat echter over wijn, dus ook aan dat aspect zal aandacht besteed worden, beste lezers. Wees gerust.
Allereerst de appelconfiture: ik ontbijt meestal met een beschuitje en een plak ontbijtkoek. Aangezien mijn zelfgemaakte jam van Japanse kweeperen (in parken zo te plukken, opletten straks in september/oktober) helaas op is, begon ik aan de appelconfiture van In petto. Oeps, dat was helaas een klap in het gezicht. Kweeperen zijn vrij zuur, dit was iets heel anders: stevig aan de kaneel en de vanille, voor mijn smaak iets te. De consistentie van de jam was wel goed, met stukjes appel erin, maar verder, nee, dat is niet mijn smaak. Misschien moet ik er dit weekend maar eens muffins mee vullen en er dan nog eens over schrijven.

Verder was gisterenavond de linguini aan de beurt, in een simpel gerecht, bereid door mijn zoon (het was de hoogste tijd om eens aan wat kooklessen te beginnen). Bij de linguini met een scheutje walnotenolie maakte David een prima gehaktsaus, met rode wijn, geroosterde paprika’s, ui en verse Italiaanse kruiden. Uitstekend gelukt, prima. Wat betreft de linguini: een goede stevige pasta, al vond ik de smaak niet heel bijzonder, misschien zelfs een beetje ‘waterig’. Of zou ik teveel aan de gewone pasta’s van de supermarkt gewend zijn? Door deelname aan zo'n 'testpanel' wordt je je wel bewust hoe slecht je de smaak van sommige dingen eigenlijk echt ervaart. Ik sta er zelden bij stil hoe pasta nu werkelijk smaakt.

Tot slot het wijnaspect: eigenlijk een oproep tot discussie. In de gehaktsaus ging een kwart liter rode wijn. Wij koken altijd met de simpelste huiswijnen. Wel wijnen die we nog net zouden willen drinken, maar verder niets speciaals. Volgens sommigen is dit prima, anderen zweren bij het gebruik van juist betere wijnen. Dat zou het gerecht echt ten goede komen. Zelf ben ik er niet zo van overtuigd, het meeste vocht en alcohol verdampt namelijk toch. Maar graag hoor ik andere meningen!

zaterdag 18 februari 2006

Australische verrassingen

Compleet verrast waren we na de eerste slok: dat hadden we niet verwacht van deze Australische Riesling van Jacob’s Creek. Een uitstekende wijn, die we bij een bord zuurkool zeker wel zagen zitten. En ze zijn deze week nog in de aanbieding bij de groothandel (Makro/Lukas Klamer) ook. Heel bleek van kleur, bijna kleurloos. In de neus echte naaimachineolie (= typisch voor Riesling), veel fruit, goede zuren, geen spoortje zoet. Toegegeven, het kan niet op tegen een goede Riesling van de Moezel of uit de Elzas, en zeker niet tegen de volle Rieslings uit Oostenrijk. Maar ondanks dat zagen wij deze Australische Riesling wel zitten. En voor de prijs van € 5,75 koop je in Nederland helaas nauwelijks goede Duitse of Elzasser Riesling. Deze Australische is dan een 'redelijk' alternatief.
Ik had de fles eigenlijk laten proeven gisterenavond om 1. een Australische Riesling op de tafel te hebben en 2. een wijn van een van de grootste merken van down under te schenken. Bovendien had de fles een schroefdop, waar je natuurlijk ook weer een leuk verhaal bij kunt vertellen.

Laat ik even bij het begin beginnen en netjes verslag doen van de avond: ik hield een inleidend verhaal over wijn en wijn uit Australië, voor beginnende tot minder beginnende wijnliefhebbers, aspirant-leden van het Utrechtse Wijnmakers- en Wijngaardeniersgilde. Het werd een heel geanimeerde avond, met informatie over de wijnbouwzones in de wereld (tussen de 30e en 50e breedtegraden), over de definitie van wijn (het gegiste sap van druiven), over wijngeschiedenis, wijnconsumptie in Nederland en de gemiddelde prijs van een liter wijn in Nederland. Als themaland voor de proeverij had ik Australië gekozen, vanwege de viering van 400 jaar Nederlands-Australische relaties dit jaar. Bovendien wist ik zelf niet zo veel over het land, dus was dit een mooie gelegenheid om er eens in te duiken.

Een korte schets van de Australische wijngeschiedenis blog ik binnenkort, vandaag zal ik kort de geproefde wijnen beschrijven. Dat waren
• Barossa Valley Estate Spires Chardonnay 2004, al eerder beschreven;
• Jacob’s Creek Dry Riesling 2004, South Eastern Australia, hierboven zojuist beschreven;
• Tortoiseshell Bay Mourvèdre Shiraz 2005, South Eastern Australia (Hema, € 4,50)
• d’Arenberg, The Footbolt, Shiraz 2003, McLaren Vale (Bloem, € 10,95)

De Tortoiseshell Bay Mourvèdre Shiraz was min of meer op aanraden van Harold Hamersma. In het Parool van 10 januari 2006 werd deze wijn van familiebedrijf Casella beschreven. Eigenlijk had ik een Yellow Tail-wijn willen hebben, met het kangoeroetje op het etiket. Kon ik een mooi verhaal over het succes van het familiebedrijf Casella houden, een van de wereldleiders op het gebied van rode colawijn. In Amerika kunnen ze het niet aangesleept krijgen, schijnt. Maar de Yellow Tail was in mijn omgeving niet zo snel te pakken te krijgen, dus bood het schildpadje van Tortoiseshell uitkomst. ‘Gelukkig’ was dit ook een echte colawijn, ook van Casella. Mij hoeven ze er niet voor wakker te maken: veel te zoet, wel redelijk mooi fruit. Ik kan het niet met Hamersma eens zijn: hij schreef ‘zwarte en rode vruchten, kruidig, zonnig, aards, stoere tannines, mooie bitters, lekker sap, goeie zuren’. Dat zonnige en de zwarte en rode vruchten, daar wil ik in meegaan, maar verder is deze beschrijving mijns inziens wat al te geflatteerd. Bij een aantal aanwezigen viel de wijn echter wel in de smaak.

Voor mij had de avond na de Dry Riesling vervolgens nog een echte verrassing: de beste wijn van de avond vond ik The Footbolt van d’Arenberg. Pure Shiraz, met de kruiden en tannines die daarbij horen. Goed rijp fruit, maar niet te, mooie zuren, een hint van vanille (van het eikenhout). Een paar jaar laten liggen zou voor deze wijn waarschijnlijk niet slecht zijn. Ik ga er zeker een paar van kopen om weg te leggen om eens te ervaren hoe zo’n Australiër nu oudert. En om nog eens met aandacht te proeven.

D’Arenberg is eigendom van familie Osborn en is in 1912 ontstaan, toen geheelonthouder Joseph Osborn de Milton Vineyards kocht, in wat nu bekend staat als McLaren Vale in de staat South Australia, veertig kilometer ten zuiden van Adelaïde. Osborn was directeur bij Thomas Hardy and Sons en wilde zijn zonen blijkbaar ook een toekomst in de wijnindustrie nalaten. Tot 1928 werd het fruit van de wijngaarden verkocht, totdat de eigen kelders gereed waren. Voor de nog steeds groeiende markt van het Engelse koloniale rijk werden droge rode tafelwijnen en versterkte wijnen gemaakt. Inmiddels maakt de vierde generatie, Chester Osborn, wijn, en nog altijd zijn droge rode tafelwijnen de specialiteit. Vooral Rhône-variëteiten worden verbouwd, zowel shiraz als grenache en mourvèdre. De wijnen hebben in Australië – het land van de trophy’s en competitions - vele prijzen gewonnen en staan ook in de rest van de wereld zeer goed bekend. Alle wijnen hebben prachtige namen: The Stump Jump, Dead Arm Shiraz, Dry Dam Riesling, The Lucky Lizard Chardonnay, The Laughing Magpie Viognier-Shiraz ….De naam The Footbolt komt van een racepaard waarmee Joseph (Joe) Osborn een boel geld wist te winnen. Met dit geld konden de Milton Vineyards gekocht worden. De wijn wordt gemaakt van stokken die een eeuw oud zijn, nog aangekocht door de grondlegger van het domein.

En zo levert zo’n proeverij toch meestal wel weer wat op: een prima goedkope Nieuwwereldse Riesling en een glimps van de betere wijnen van Australië, The Footbolt Shiraz van d’Arenberg.

donderdag 16 februari 2006

Colawijn

Wat is het toch heerlijk om af en toe gewoon een supermarktwijn open te maken. Thuiskomen, fles uit ijskast trekken, koken en een glas erbij nemen. Moet niet te moeilijke wijn zijn, gewoon lekker. Alsof je een colaatje neemt, maar dan anders. Veel Australische wijnen komen daar uitstekend voor in aanmerking. Ze staan zelfs bekend als ‘colawijnen’: altijd dezelfde kwaliteit, jaar in jaar uit, waar voor je geld, geen gezeur.
Gisteren kocht ik voor mijn verjaardag, voor de eventuele gasten die bleven plakken, nog snel een flesje Lindemans Chardonnay van Albert Heijn. De fles ging niet open, maar vanavond hadden we voorafgaand aan de snelle hamburgers met frites en sla trek in wijn. Die Chardonnay van gisteren lag nog koud…..

Ik heb me recent in Australische wijn verdiept en heb het idee dat ik de etiketten inmiddels iets beter kan lezen. Ik koos een Lindemans Chardonnay Reserve van 2003, prijs € 7,99. Het etiket geeft aan ‘South Australia’, wat ik opvallend vond. De meeste supermarktwijnen hebben namelijk South East Australia, wat aangeeft dat de druiven uit bijna alle wijngebieden van Australië kunnen komen: New South Wales, South Australia en Victoria. South Australia is daarmee een afgebakender gebied dan South East Australia, de druiven komen dan alleen uit de staat van die naam.
De Lindemans Chardonnay viel niet tegen. Niet al te veel vanille van het hout (snippers, staven of echte vaten, daar wil ik af wezen). Fruitig, fris, pittig, prima tijdens het koken. De prijs vind ik wel wat hoog, voor datzelfde geld vind ik de Barossa Valley
Estate Chardonnay van enige dagen geleden een stuk beter. Maar toch, ik zeg het niet vaak, maar vandaag toch maar wel: lang leve (sommige) supermarktwijnen. Het is gewoon maar waar je pet naar staat.

maandag 13 februari 2006

Proeverij Grand Cru Bordeaux

Achtentwintig Bordeauxs op een rij, het was een hele opgave. Gisteren proefden we bij Van Wageningen en de Lange in Utrecht 28 Grand Cru Bordeauxs, in de prijscategorie 15 – 35 euro. Over het algemeen ben ik niet zo'n grote Bordeaux-fan, maar deze proeverij was erg de moeite waard. Ondanks de negatieve berichtgeving over het gebied komen er nog steeds heel leuke en betaalbare wijnen vandaan en kunnen ook de minder grote Bordeaux-wijnen nog steeds groot(s) zijn. Je moet wel goed blijven letten op de prijs – kwaliteit verhouding: de duurste fles op tafel was een Chateau Beychevelle 2002, A.C. St. Julien, 5e Grand Cru Classé voor € 35,00. Hopjes in de neus, mooie donkerrode kleur, een groot rijpingspotentieel. Maar om nou te zeggen: dat was de fles van de middag, nee. Voor minder geld troffen we ook hele goede andere flessen. Zoals een Graves uit hetzelfde jaar: Chateau Larrivet Haut Brion, A.C. Pessac Leognan, voor mij één van de lekkerste flessen gisteren. Fris rood fruit, stevige tannines, maar niet te veel. Prijs € 29,50. Ook één die me is bijgebleven is de Chateau Laroze 1995 A.C. St. Emilion Grand Cru Classé, eveneens € 29,50. Dat is natuurlijk wel een beetje appelen met peren vergelijken, maar uiteindelijk gaat het toch om het plezier dat je aan een wijn beleeft, niet waar? Deze Laroze had een heerlijke zachte geur van zoete dropjes, een mooie heldere rode kleur, was fris en had een goede finish, met nog ruim voldoende zuren.

En dan was er een fles van ongeveer dezelfde leeftijd: Chateau d'Issan 1994, A.C. Margaux, 3e Grand Cru Classé. Een geur van fruitsnoepjes, dieppaarse kleur, vanille in de neus, maar niet te overheersend, een levendige indruk van groene thee af en toe. Vergeleek je deze Margaux met een St. Julien uit hetzelfde jaar, Chateau Lagrange 1994, A.C. St. Julien, 3e Grand Cru Classé, dan kwam de Chateau d'Issan er minder goed vanaf. Dan leek hij vermoeider, zonder verder bewaarpotentieel, terwijl de Lagrange nog een aantal jaren voor zich leek te hebben. Waar dat dan aan ligt? Voor een deel aan de frisse zuren die de Lagrange in mijn beleving nog had en de d'Issan niet. Maar dat is míjn beleving. Als je zo'n uurtje of twee rond een proeftafel loopt, hoor je heel wat meningen en uitspraken over de wijnen. Sommigen zijn het met elkaar eens, anderen faliekant met elkaar oneens. En dat is ook het leuke van zo'n proeverij: praten over de wijn, vergelijken, je een beeld vormen.

Mijn algemene indruk is er één van levendigheid en variatie: er was geen fles bij die ik niet cadeau zou willen krijgen, er was voldoende variatie (al wordt het maken van onderscheid na de twintigste wijn echt zo goed als ondoenlijk), voldoende belofte.
De wijnen werden op een uitstekende temperatuur geserveerd, de opbouw was goed: eerst de Graves, dan de rechteroever (St. Emilion en Pomerol), daarna Medoc en Haut Medoc, en tot slot de vier dorpen Margaux, St. Julien, Pauillac en St. Estephe. Eerlijk gezegd heb ik de laatste twee dorpen nog wel geproefd, maar is er steeds minder beklijfd. Bij St. Estephe heb ik al helemaal geen notities meer. Volgende keer moet ik zo'n tafel maar eens vanaf de andere kant beginnen...

De firma Van Wageningen en de Lange viert dit jaar zijn 120-jarig bestaan. Deze Grand Cru-proeverij was een prachtige start van het jubileumjaar, een start waarin duidelijk de kracht van het bedrijf is getoond. Al sinds 1886 jaar worden betaalbare, goede Bordeauxs geïmporteerd. 120 jaar later weten de eigenaren dat gelukkig nog steeds vol te houden!

vrijdag 10 februari 2006

Bordeaux en de Haut Pays

Altijd al gedacht dat die wijnhandelaren in Bordeaux enigszins arrogant waren? Het is natuurlijk vreselijk anachronistisch, niet te vergelijken enzovoorts, maar onlangs kwam ik toch weer een staaltje van dominantie door Bordeaux tegen dat ik even wil delen.
In de twaalfde en dertiende eeuw heeft de Engelse koning grote bezittingen in Frankrijk, onder andere uit de erfenis van Eleanora van Aquitanië. Ook de havenstad Bordeaux en het achterland Gascogne zijn in Engelse handen. Met als gevolg dat Engeland vanaf circa 1200 voornamelijk uit dit gebied bevoorraad wordt met wijn. Het zijn vooral de kooplieden van Bordeaux en het omringende platteland die de commerciële banden tussen Engeland en Gascogne vorm geven. Zij kunnen wijn uitvoeren zonder de zogenaamde Grote Belasting (Great Custom) te hoeven betalen. Maar daarbovenop – en nu komt het – wisten ze de wijnen van de zogenaamde Haut Pays van de markt te houden tot na Sint Maarten (11 november) of zelfs tot Kerstmis. Dat betekende dus dat de wijnen van Bordeaux en omgeving eerst aan de beurt waren om verkocht te worden. De meeste transacties vonden namelijk plaats voor 11 november. Deze dag gold in heel West-Europa als de dag waarop in een stad of dorp de nieuw wijn weer beschikbaar moest zijn. Ook in Utrecht werd op Sint Maarten feest gevierd, waarbij de viering met aangeleverde verse wijnen een grote rol speelde. De wijnen van de Haut Pays – het gebied in de valleien van Lot, Garonne, Baïse en Tarn (denk aan Cahors, Gaillac) – mochten pas na 11 november via Bordeaux uitgevoerd worden als de meeste handelaren al weer op huis aan waren. Bovendien moest over deze wijnen belasting betaald worden. Gelukkig lukte het ondanks dit Bordeauxse monopolie toch wel om voor deze toen goed gewaardeerde wijnen markten te vinden, maar het is wel een tekenende voetnoot in de wijngeschiedenis, vind ik. Ook nu nog geldt dat de wijnen uit de Sud-Ouest veel minder bekend zijn dan die van Bordeaux. Sommige delen van dit gebied, zoals de valleien van de Tarn, zijn zelfs nog steeds niet hersteld van de klap van de phylloxera-epidemie in de 19e eeuw. Dat kunnen we 'Bordeaux' uiteraard niet aanrekenen, maar toch...

Informatie uit: Studies in the Medieval Wine Trade, Margery Kirkbride James, edited by Elspeth M. Veale, Oxford 1971

woensdag 8 februari 2006

Savennières

Savennières is een kleine appellation ten zuidwesten van Angers, in de Loire. Er komen goede witte wijnen vandaan, gemaakt van de chenindruif. Leisteen en paarse zandsteen in de bodem geven de wijnen een heel apart karakter. Binnen Savennières zijn er nog de mini-appellations Coulée de Serrant en Roche-aux-moines. De totale opbrengst van deze drie gebiedjes was in 2003 slechts een kleine 4500 hl. Ter vergelijking de Chablis in 2003: ruim 140.000 hl.
Zondag dronken we bij de roodbaars onze laatste (in 2001 of 2002) zelfgeïmporteerde Savennières Les Clos 2000, van Guy Rochais, eigenaar van Chateau de Plaisance. Dit domein staat bekend om zijn goede wijnen van een andere Loire-mini-appellation: de zoete wijnen van Chaume, gelegen in de vallei van het riviertje de Layon. Maar Rochais bezit ook wat wijnstokken in de Savenièrres, op een helling die jarenlang verwaarloosd is geweest maar sinds de jaren negentig weer in productie is genomen.
Onze fles was zes jaar oud, maar bij het eten zondag nog uitstekend in vorm. Een mooi, volle wijn, met de typische zuren van de chenin, een kleur van lichte appelsap (aldus mijn dochter). Helaas, helaas, we dronken de fles niet leeg en lieten ‘m staan tot dinsdag, bij de pasta met zeebanket. En dat hadden we niet moeten doen. Helemaal weg was íe, met een blikkerige smaak, geen afdronk meer. Jammer, weer wat geleerd. Deze wijnen kunnen wel oud worden (Hugh Johnson noemt in zijn Pocket Wine Book savennières uit midden jaren zeventig, om nu te drinken!), maar langer dan een dag open laten staan blijkt toch echt funest. In dat terwijl de 2000 in 2004 door Johnson nog aangemerkt stond als 'nu beschikbaar, kan nog bleven liggen'.

Franse bloggers blijken overigens dol te zijn op Loire-wijnen. Ik pas weer helemaal in een trend…. Op de site van de Vins de Loire trof ik een pagina waarop diverse Franse blogueurs gepresenteerd worden. Ik ga m’n Frans maar weer eens oppoetsen en wat neuzen, het lijkt de moeite waard.

zondag 5 februari 2006

Druifhoen

Op zoek naar recepten met fazant sloeg ik vorige week ook eens een kookboek open dat we jaren geleden van een vriendin kregen die met een Duitser ging trouwen: Kulinarische Streifzüge durch Franken. Mooie foto’s, typisch Duitse gerechten, maar verder nooit gebruikt. Fazant vond ik er niet, maar wel de Rebhühn, in het Nederlands patrijs. De Rebhühn werd omwikkeld met wijnbladeren en spek en twintig minuten in de oven gegaard. Serveren met in boter geglaceerde wijndruiven en aardappelpuree. Ik vond het opvallend dat de naam Rebhühn – letterlijk eigenlijk druifhoen – en de manier waarop je patrijs in Franken klaarmaakt zo nauw met elkaar verwant zijn. De vraag ‘Wat hebben patrijzen met druiven?’ bleef me deze week bezighouden, dus vandaag maar wat gegoogled. Ik vond diverse recepten waarin de patrijzen met wijnbladeren en druiven gegeten werden. Komen deze hoenders misschien veel in wijngaarden voor? Helaas heb ik geen enkele link tussen het beest en de druif kunnen vinden. Reb komt etymologisch niet eens van Rebe, druif, maar van de klank die het beestje maakt – rep, rep – en dan uitgesproken met een lange –e-.
Beste foodbloggers: wie er meer info heeft over een verband tussen patrijzen en wijn/druiven, ik hou me aanbevolen.
Er is overigens wel een andere link tussen 'patrijzen' en wijn: de term oeil de perdrix – patrijzenoog - wordt gebruikt om de kleur van een wijn aan te duiden: hele lichte pinot noir. In Zwitserland is er zelfs in het kanton Neuchâtel een appellation Oeil de Perdrix, voor rosés van pinot noir. Ze worden ‘pétillant’ – prikkelend – gevinificeerd, en de schillen hebben zo goed als geen contact met de most. Daardoor wordt de kleur van de wijn heel licht, met een zweempje oranje-roze. Ik heb deze wijn nooit op, maar het schijnt een ‘delicate speciality’ te zijn, zoals Jancis Robinson het uitdrukte in haar Vines, Grapes & Wines.

zaterdag 4 februari 2006

Prima supermarkt-chardonnay

Binnenkort geef ik een lezing over wijn voor het Utrechts Wijnmakers- en Wijngaardeniersgilde. Het gilde is nog in oprichting, de aspirant leden zijn over het algemeen nog niet heel erg lang met wijn bezig. Vandaar dat het een inleidend verhaal wordt. Uiteraard moet er ook geproefd worden. In het kader van 400 jaar Nederlands-Australische relaties heb ik voor het thema Australië gekozen. Hoogste tijd dus om eens wat wijnen te gaan kiezen en voorproeven. Keuze genoeg, maar welke te kiezen? Zoals gebruikelijk besloot ik tot de praktische aanpak: het heeft weinig zin mensen wijnen te laten proeven die ze vervolgens zo goed als nergens kunnen kopen. Als eerste koos ik dus maar een wijn uit de betere AH.
We aten vrijdag kip gerold in tortilla’s, met tomatensaus, kruiden als rode peper en oregano, en zure room met feta erover heen. Aangezien ik tijdens het boodschappen doen besloot dat ik die avond zin had in een makkelijke, lekker wegdrinkende fles wijn, kwam ik al snel op de gedachte maar eens bij de Chardonnay’s te gaan kijken. Meestal ben ik er niet zo dol op, maar op de een op andere manier paste het wel bij mijn stemming. Ik vond een Barossa Valley Estate Spires Chardonnay 2004 voor het aanzienlijke bedrag (in de supermarkt, mind you..) van € 7,99. Ze hebben er in de sjiekere AH’s tegenwoordig van die infokaartjes bij, die verder weinig meer zeggen dan het ruglabel, maar vooruit. Samen met de presentatie in houten kisten van de Vrienden van de Goede Wijn verkoopt het wel.
De wijn bleek een uitstekende combinatie bij het eten. Rijpe exotische vruchten in de neus, een beetje meloen, wat ananas. De zuren waren soms wel aardig scherp, maar bij het eten kwam dat aardig uit. Echt een fles om al gezellig kletsend zo weg te drinken. Heerlijk….

De Barossa Valley ligt zo’n 80 kilometer ten noordoosten van Adelaide, South Australia. Andere bekende wijngebieden in de buurt zijn de Clare Valley, Eden Valley, Adelaide Plains, en Adelaide Hills. Al rond 1840 zijn hier de eerste wijngaarden geplant. De Barossa Valley Estate, waarvan deze Chardonnay afkomstig is, is een samenwerkingsverband van zo’n tachtig derde en vierde generatie druivenproducenten die in 1985 hun krachten gebundeld hebben om wijn te gaan maken. Net als nu was er midden jaren tachtig een overproductie aan druiven. Aangezien de boeren hun druiven niet kwijt konden aan de wijnproducenten, zijn ze coöperatief maar zelf wijn gaan maken. Met inmiddels zeer goede resultaten.
Hoewel de Barossa Valley van ouds bekend is om zijn rode wijnen van shiraz, grenache en mourvèdre, komen er ook goede witte vandaag, onder andere Rieslings en Chardonnay’s. Ook het bekende Jacob’s Creek, eigendom van Orlando, ligt in de Barossa Valley.

De Spires Chardonnay 2004 is mijns inziens een prima representant van een Australische wijn. Wijn nummer 1 voor mijn proeverij is wat mij betreft gevonden.

woensdag 1 februari 2006

Mega Purple

Het is eigenlijk tegen mijn normale beleid om zo maar blog-entries van elders over te nemen. Maar dit keer maak ik een uitzondering voor Alder van Vinography.com. Alder heeft weer een fantastisch stukje geschreven over het toevoegen van 'additieven' aan wijn. Ditmaal gaat het om een substantie die Mega Purple heet en die toegevoegd zou worden om de kleur van een wijn op te halen. Mega Purple zou bestaan uit extract van 100% druivenschillen en is dus puur natuur. Toch heeft Alder zo zijn twijfels, en met hem velen die reageerden. Zelf moest ik denken aan de praktijken van wijnhandelaren in de Douro in de 17e en 18e eeuw: om portwijnen donkerder te laten lijken, werd er vlierbessensap aan de wijnen toegevoegd. Met als gevolg dat op een gegeven moment alle vlierbessenstruiken gerooid en verboden werden in de vallei van de Douro.... Er is eigenlijk helemaal niets nieuws onder de zon.
Is het bovendien niet erg naief om te denken dat we wijnen uit de hele wereld kunnen drinken - die dus grote afstanden afleggen - zonder dat daar bepaalde stoffen aan toegevoegd worden om smaak, houdbaarheid, kleur e.d. te 'verbeteren'? Ik weet het antwoord echt niet, en Alder ook niet. Ik heb mijn wijn ook het liefst puur natuur, zonder enige toevoeging. Maar wat weet ik nou eigenlijk van wat er in mijn wijn zit????

Verschuivingen

Wow, begint er echt iets te schuiven in wijnschrijvend Nederland? Zijn de wijnkringen nu al aan het samensmelten? Vast niet, maar toch.... De Perswijn die gisteren op de mat viel heeft een interview met Nicolaas Klei. Het interview was aardig, meldde mijn echtgenoot mij, maar Tot op de bodem werd niet goed beoordeeld. Reden voor hem om het boek gelijk maar te gaan opslaan en ervan te genieten….
Niet alleen wordt Nicolaas Klei genoemd in Perswijn, op de site wordt vandaag zelfs melding gemaakt van Prikkers – in een flauwe bijdrage van René van Heusden – en wordt aandacht besteed aan Udo Goëbel, vinoloog van het jaar en inkoper van Gall&Gall. Die zit voor een lange tijd in Zuid-Afrika en doet verslag van zijn belevenissen in een blog. Ik kan deze blog van harte aanbevelen, Udo schrijf vlot en zeer leesbaar. Voor als je wilt weten hoe het nu op een groot wijnbedrijf toegaat.

Iets anders zal vanaf vandaag veel minder gaan schuiven: wijnflessen! Allemaal naar C1000 om daar te kijken naar de nieuwe stapelbare flessen die Wine to Wine heeft ontworpen. De fles zou ruimtebesparend zijn in opslag, transport en in het schap, maar verliest de karakteristieke flesvorm niet uit het oog, aldus Janetta Wanders-Brouwer, commercieel directeur van Wine to Wine. De nieuwe fles heeft een holle zijkant, waardoor flessen als het ware in elkaar geschoven of gestapeld kunnen worden. Dit zorgt voor een enorme ruimte- en kostenbesparing. Op een pallet passen 792 flessen WineTime tegen de gebruikelijke 672 traditionele flessen. De besparing is 18% op de ruimte én de logistieke kosten. Ik moet zeggen dat ik best wel benieuwd ben en binnenkort toch eens bij de C1000 zal binnenlopen. Ben benieuwd of ze hier al te zien zijn.

Wine to Wine is een onderdeel van de Siebrand groep, een bekende naam in merkwijnen in Nederland. Goedkope flessen zoete wijn uit het schap van de supermarkt zijn vaak van Siebrand afkomstig. De oorsprong van de firma gaat terug tot 1920, eigenlijk ook op een gebeurtenis waarbij er iets ‘verschoof’. In februari 1920 liep een schip met vaten wijn vast voor de kust van Terschelling. De vaten met goede Portugese wijn sloegen overboord en spoelden op het eiland aan. Jan Willem Siebrand, geboren in Kampen, nam al zijn spaargeld op en kocht één van de vaten voor 200 gulden. Hij tikte wat lege flessen op de kop en vulde ze met de wijn. Binnen een dag had íe het hele vat verkocht. Met dat geld kocht hij weer een aantal aangespoelde vaten, waarna een bloeiende business was geboren.

bronnen: Wine to Wine, Foodlog, Perswijn