Berichten weergeven met het label Frankrijk. Alle berichten weergeven
Berichten weergeven met het label Frankrijk. Alle berichten weergeven

maandag, juni 30, 2008

Geproefd: Crémant d'Alsace

Hoewel champagne de bekendste mousserende wijn is, kent Nederland inmiddels ook cava, prosecco, sekt, sparkling en noem maar op. Als een Franse mousserende wijn uit een gebied anders dan de Champagne komt, wordt dat meestal een crémant genoemd. Zo is er bijvoorbeeld Crémant de Bourgogne, Crémant de Loire en Crémant d'Alsace. De eisen waaraan een crémant moet voldoen, lijken sterk op die van een champagne. Het procédé is grotendeels hetzelfde: een eerste vergisting van de basiswijn wordt gevolgd door een tweede gisting op fles. Maar in de détails zijn er verschillen: voor 100 liter champagne mag bijvoorbeeld maximaal 160 kg druiven gebruikt worden, voor 100 liter crémant 150. Een ander verschil: crémant moet verder minimaal 9 maanden 'sur lie' rijpen, champagne minimaal 15 maanden. En uiteraard is er verschil in de druivenrassen: voor champagne moeten chardonnay, pinot noir en/of pinot meunier de hoofdmoot vormen, eventueel aangevuld met twee onbekendere rassen. Voor crémants is dat per streek anders. In de Loire wordt vooral chenin blanc gebruikt, in Bourgogne chardonnay en in de Alsace zijn pinot blanc, pinot gris, pinot noir, chardonnay en riesling gebruikelijk.

Dit weekend proefde ik twee crémants uit de Elzas. We aten een salade van rucola, eikenbladsla, uitgebakken bacon, in olijfolie gebakken ciabatta en zachtgekookt ei. We combineerden deze salade met een Crémant Brut van Domaine Henri Ehrhart en Le Crémant de Clément van Clément Klur.

Ehrhart
Ter hoogte van de stad Colmar bezit Henri Ehrhart rond het 16e-eeuwse dorp Ammerschwihr ruim 10 hectare wijngaarden. Hier in de zuidelijke heuvels van de Haut-Rhin zijn leisteen, kiezels en leem in ruime mate aanwezig in de bodem. Voor de Brut van Ehrhart is 70% pinot noir, 20% pinot gris en 10% riesling gebruikt. Het alcoholpercentage is 12%.
Wij vonden dit een zeer aangename, lieve wijn. Fruitig, fris, met een stevige mousse. Een echte wijn om mee te toasten, waarschijnlijk een allemansvriend. Of hij het bij het eten zou redden, betwijfelden we ten zeerste. Maar gek genoeg leefde de wijn bij de salade juist helemaal op. De zuren die we eerder misten, kwamen nu duidelijk naar voren, de wijn deed krachtiger aan en de afdronk werd langer. Deze krijgt van ons de hoogste waardering in ons systeem: een 1: Yes, hier drinken we graag meer van. Voor € 13,95 is de crémant van Ehrhart te koop van Wijnkoperij Cees van Noord.

Klur
Wijnproducent Klur kent een lange familietraditie in het maken van wijn. Sinds 1999 maakt het bedrijf enkel biologische wijnen. De wijngaarden omvatten 7 hectare en liggen in het Katzenthal, deels op graniet, deels op een klei-kalksteenbodem.
Klur ‘Le Crémant de Clément’ is uiteraard ook een biologische wijn. Biologisch betekent dat geen gebruik gemaakt is van chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Maar biologisch is voor Klur meer dan dat. Centraal staat een evenwichtige, verantwoorde manier van groeien, oogsten en verwerken, in een tempo dat recht doet aan de plant. Gebruikte druivenrassen voor deze wijn zijn pinot blanc en pinot auxerrois, alcoholpercentage is 12%.
In eerste instantie beviel deze wijn ons meer: complexer in de geur, met enige mineraliteit zowel in de aroma's als in de mond. De mousse was ook sterk, gist en toast overheersten in de smaak. De afdronk bleek echter iets minder aangenaam. Ik omschreef het als groen en bitter, Nico als oxidatief. De wijn kwam over als stevig in zijn zuren.
Bij het eten bleek deze wijn alleen veel minder te passen dan we dachten. De harde kantjes van de wijn werden geaccentueerd, we omschreven hem als 'bruusk'. Deze krijgt van mij een categorie 2: blij als ik dit op een feestje krijg.
De Crémant van Klur kost € 17,95 en is verkrijgbaar via Tamis wijnen – Vino Via wijnimport.

vrijdag, juni 20, 2008

Het Chatus-dilemma

Dat was een goed begin van de werkdag: op mijn bureau stonden dinsdag zomaar twee flessen wijn! Ik had ze besteld, bij Mireille onze stoelmasseuse, die familie in Frankrijk heeft en ook zelf wijn maakt, maar toch, ik had ze nog niet verwacht.
En dan lag er ook nog een briefje bij: ‘nog 5 tot 10 jaar wegleggen en 24 uur van tevoren opmaken’. Als dat niet nieuwsgierig maakt, weet ik het ook niet meer. Stonden daar eindelijk twee flessen Chatus uit de goede zomer 2005, moet ik nog vijf jaar wachten!

Inmiddels heb ik de flessen voorlopig wat rust gegeven in de wijnkast en onderzoek op internet en in de boeken gedaan. Want hoewel ik eerder van Chatus had gehoord (uit Perswijn onder andere), ken ik de wijn totaal niet. Dat was ook de reden dat ik ze besteld had bij Mireille, toen ik hoorde dat zij regelmatig naar de Ardèche ging en er wijn hielp maken. Het moet een krachtige, tanninerijke rode wijn zijn die echt jaren rijping nodig heeft om tot zijn recht te komen. Zelf wist ik dat het een druivenras is dat vóór de grote phylloxeraramp veel aangeplant stond in de Ardèche en de Cevennen en nu door een handjevol producenten weer nieuw leven wordt ingeblazen. Een heel enkele keer kom je het tegen bij een specialistische importeur, zoals Wijnkoperij L’Ardèche of Heimelijk Genoegen. Overigens importeren deze wijn van een andere producent. Hans Melissen besprak een fles Chatus op Wijnsuggestie. Maar echte informatie krijg je op al deze sites niet over de druif. Alle teksten zijn overgeschreven van Franse bronnen, die elkaar ook allemaal lijken over te schrijven.
Nog wat verder surfen bracht me bij de blog van Luc, die erg te spreken was over de wijn. Maar uiteindelijk bood het internet geen uitgebreide informatie. Dan maar de boeken in, dacht ik. In de Wijnencyclopedie van Tom Stevenson: niets. Bij Nicolaas Klei: niets. In de Wijnatlas van Hugh Johnson: niets. Zelfs de onvolprezen Jancis Robinson, recent nog door Wijnerij geroemd voor haar boek over druivenrassen, noemt de chatus in dat boek niet. Helaas beschik ik niet over de Oxford Companion to Wine, die overigens op dit moment in het Nederlands vertaald wordt. Zou daar wel iets in staan over deze bijzondere druif uit de Cevennen?

Wat de Franse bronnen en Luc te melden hadden is het volgende: chatus komt in de Ardèche en de Drôme voor onder diverse lokale benamingen als houron, charos, corbel, cor-besse, vert chenu en gros chanu. Het is een kwetsbare druif, die gevoelig is voor vorst, valse en echte meeldauw en diverse andere plantenziekten. Bemesting met kalium en magnesium is wenselijk. Grijze rot weerstaat hij wel vrij goed.

De druif geeft een wijn die rijk van kleur en tannines is, maar met weinig zuren. De structuur is stevig en hard, en wint bij enige jaren oudering. Na twee jaar begint hij op dronk te komen, maar volledige ontwikkeling komt pas na vijf tot tien jaar. In de neus zijn aroma's van kaneel, eau de vie van pruimen, moerbei, kweeperen, witte peper en vanille te ontdekken. Hij smaakt uitstekend bij vlees in saus en geitenkaas, maar ook bij de Provencaalse keuken, met aubergine, olijven, konijn etc... Samen met donkere chocolade is het bovendien een verrassende ontdekking.

Daar is dus mijn dilemma: mijn flessen Chatus zijn drie jaar oud, uit 2005. In theorie kan ik er dus een van proberen. Zal ik toch, om mijn nieuwsgierigheid te bevredigen, dat ene flesje binnenkort openmaken?

Chatus 2005, Vin de Pays de Coteaux de l'Ardèche, vinifié et élévé par les Vignerons de la Cave de Payzac, verkocht door Vignerons Ardèchois.

Naschrift 21 juni: volgens welingelichte kringen die mij vandaag mailden, is chatus dezelfde druif als nebbiolo, DE druif in het gebied aan andere kant van de Alpen, Piemonte. Een intrigerende mogelijkheid. Dat wordt Chatus naast Barolo of Barbaresco proeven...

donderdag, juni 19, 2008

1+1=3 bij Château Brown

Uit de nieuwe wereld komen veel wijnen van één druivensoort. Gelukkig weten ze daar ook dat blends, wijnen samengesteld uit meerdere druivensoorten, zo hun eigen voordelen hebben. Met blends kun je bepaalde karakteristieken van een druivensoort ophalen of juist verzachten, accentueren of verdoezelen. In Europa blenden ze al veel langer. Misschien wel de bekendste blend van witte druivenrassen is die van sauvignon blanc en semillon. Het is de traditionele assemblage voor witte wijnen uit Bordeaux. Soms worden ook muscadelle of sauvignon gris bijgemengd, maar de hoofdmoot van witte Bordeaux wordt gevormd door die twee druiven, zowel in de simpele wijnen van Entre-deux-Mers als in de grote witte wijnen van de andere kant van de rivier, de Graves. Overigens zeg ik het eigenlijk niet helemaal correct: niet de druiven worden gemengd, maar de wijnen die van deze druivenrassen gemaakt worden.

Welk effect het assembleren van sauvignon blanc en semillon heeft, mocht ik in april aan den lijve ondervinden bij Château Brown in Leognan, net even ten zuiden van Bordeaux. Het wijnhuis is sinds 2005 voor de helft in Nederlandse (Dirkzwager) en voor de andere helft in Franse handen (familie Mau). Oorspronkelijk dateert het domein uit de Middeleeuwen, uit de tijd dat de Engelsen Gascogne en Aquitanië bezaten. Eind 18e eeuw kwam het in handen van een Schotse wijnhandelaar, John Lewis Brown, die het zijn naam gaf.
Vierdevijfde van de productie is rood (80.000 flessen), éénvijfde is wit (20.000 flessen). De rode wijnen worden gemaakt onder leiding van Stéphane Derenoncourt, de witte onder leiding van Philippe Dulong. Voor de witte wijnen worden deels vaten gebruikt van drie à vier jaar oud, deels nieuwe. Zowel de alcoholische vergisting als de rijping gebeurt op vat; malolactische gisting blijft achterwege en geklaard wordt er met eiwit.

Op 16 april jl. was de witte wijn van 2007 nog niet helemaal klaar met de rijping. Wel waren Jean Christophe Mau en oenoloog Dulong al bezig de beste assemblage te bepalen. Ons werd daardoor de unieke gelegenheid geboden zowel de wijnen vóór als na assemblage te proeven: een glas semillon, een glas sauvignon blanc en daarna een glas van de voorlopige blend. In het glas sauvignon blanc kwam het hout in aroma en smaak ons tegemoet: een bak hout, zoals we het omschreven. De wijn had de kenmerkende hoge zuren van een sauvignon blanc, maar verder vrij weinig body. In het glas semillon was dat hout veel minder aanwezig, terwijl deze wijn toch dezelfde behandeling had ondergaan. Hier rook ik nog een lichte geur van gist en wat ananasaroma’s. Deze wijn had meer ‘om het lijf’, maar miste nog van alles. Beide wijnen kregen van de aanwezige vinologen in opleiding niet echt een hoge waardering.

Maar toen kwam het laatste glas: de assemblage van 65% sauvignon blanc en 35% semillon. Dat was plotseling een glas wijn met een mooie structuur, een lichte, subtiele houttoon en een goede balans, kortom: een piepjonge mooie Pessac Leognan in wording. De sauvignon blanc en de semillon vulden elkaar perfect aan: de een zorgt voor de frisse zuren, de andere voor de rondheid en volheid, bijvoorbeeld. Het meest opvallende was nog het totaal verdwijnen van het ‘houtige’ karakter van de ongeassembleerde sauvignon blanc. Onvoorstelbaar dat die mondvol 'hout' zo mooi geïntegreerd was met de semillon. Dit was nu echt een geval van 1 + 1 = 3.

Wij zijn Château Brown en zijn eigenaren dan ook zeer dankbaar voor dit prachtige moment. Van alle proeverijen die we doormaakten, was dit waarschijnlijk wel de waardevolste. Zeker ook omdat we hetzelfde deden met de rode wijnen: zowel cabernet sauvignon als merlot en petit verdot proeven vóór de assemblage en daarna de geassembleerde rode Château Brown. Witte en rode Bordeaux heeft er voor velen die dag weer een dimensie bij gekregen!

zondag, juni 08, 2008

Franc de Pied

Phylloxera, het is een term die op Wijnkronieken nog wel eens valt. Maar was is het nu precies? Met phylloxera bedoelen we een beestje, voluit de phylloxera vastatrix, of druifluis. Tussen circa 1860 en 1920 verwoestte dit hongerige luisje het grootste deel van de wijngaarden van Europa. De druifluis was op een geïmporteerde Amerikaanse druivenstok naar Europa gereisd, waar het een reservoir aan voedsel aantrof waar je u tegen zei. Vanuit de worstels tastte het beestje de druivenstokken aan, die na enige tijd gewoon dood gingen. Er werden eind 19e eeuw de wildste remedies uitgeprobeerd, maar niets hielp. Slechts één ding bleek uiteindelijk te helpen: de Europese druivenrassen enten op resistente Amerikaanse onderstammen. Christie Campbell schreef er een prachtig boek over: How Wine Was Saved for the World.
En dat is wat er sindsdien gebeurt: zogoed als alle Europese druivenstokken zijn geënt op Amerikaanse onderstammen.

Phylloxera is nog altijd niet uitgeroeid. In Australië duikt het de kop op, en in Californië heeft het in de jaren negentig van de 20ste eeuw fors huisgehouden. Zelfs in Frankrijk anno 2008 tref je het nog aan. We kwamen tot die ontdekking tijdens onze wijnreis in april 2008. Bij Domaine Charles Joguet, in Sazilly aan de Vienne (Loire) proefden we een cabernet franc franc de pied: van ongeënte stokken dus. Iedereen was enorm verrast: ongeënte stokken, dat kwam toch niet voor in Europa, en zeker niet in Frankrijk? Maar bij Joguet hadden ze er de laatste decennia mee geëxperimenteerd, onder andere omdat de smaak van wijnen van ongeënte stokken zo veel anders zou zijn dan wijn van geënte stokken. Joquet bezit 1 ha. ongeënte cabernet franc, die een betere zuurgraad en een lager alcohol percentage zouden hebben dan cabernet francs van geënte stokken. Bovendien zou je de wijnen langer kunnen bewaren (vanwege de hogere zuurgraad onder andere).

We proefden Les Varennes de Grand Clos 2006, Franc de Pied: dieppaars van kleur, zeer fruitig, inderdaad hoge zuurgraad, mooie tanninestructuur. Proeven was verder erg lastig: het was fris en we stonden in de buitenlucht, op het erf. De malolactische gisting had plaatsgevonden op vaten van vijf jaar oud en de wijn was in februari 2008 gebotteld. Zoals de naam al aangeeft staan de geënte en de ongeënte stokken op percelen met dezelfde ondergrond.
Vervolgens was Les Varennes de Grand Clos 2006 van geënte stokken aan de beurt, een vatmonster en dus nog niet gebotteld. De malolactische gisting was net afgerond. Deze wijn was beduidend minder fruitig, maar wel krachtiger en kruidiger. Al met al vond ik de wijn van ongeënte stokken de interessantste en het prettigst drinkbaar. Maar helemaal eerlijk is de vergelijking niet: de geënte stokken waren 40 jaar oud, de ongeënte stokken 15 jaar oud....

Helaas is 2006 het laatste jaar dat wijn van de ongeënte stokken op de markt zal verschijnen: dit jaar wordt het perceel gerooid. De phylloxera heeft toegeslagen!

vrijdag, mei 23, 2008

Oesters en Entre-deux-Mers

‘Bordeaux’ staat bekend om zijn mooie wijnen. Maar je kunt er ook uitstekend eten! De stad en het omringende gebied hebben zelfs een aantal specialiteiten, zoals lamsvlees, asperges en oesters. Toen we tijdens onze Bordeaux-reis op de vrije avond langs een kleine oesterbar - Chez Joel D. - kwamen, wist ik meteen wat ik wilde gaan eten. Met zijn drieën zijn we neergeploft om die lange dag vol rode wijnen en eend eens rustig te overdenken en weg te spoelen met een schaal oesters en een fles wijn. Annelies bleek ook nog eens oesterspecialist – dochter van een kweker uit Yerseke. Zij zocht voor ons de beste oesters uit. We namen niet de oesters van Arcachon, uit de streek zelf, maar oesters uit Bretagne, van Quiberon. Ik ga hier niet in op de complexe wereld van de oesterteelt. Als je daarin geïnteresseerd bent, lees dan vooral Oesters van New York, het prachtige boek van Mark Kurlansky.

Wij genoten die avond gewoon van onze schaal ‘huitres de Quiberon’ en onze fles Entre-deux-Mers. Want een lokale wijn moest wel bij de oesters, vond ik. Chablis staat natuurlijk bekend als hét oesterwater bij uitstek, maar een simpele fles witte Bordeaux uit de streek Entre-deux-Mers mag er ook zijn. We kozen voor een fles Château Sainte-Marie, van Stéphane Dupuch, waarschijnlijk niet toevalligerwijs naamgenoot van oesterkweker en eigenaar van de keten van oesterbars Joel D(upuch). En het combineerde uitstekend!

De volgende dag kwamen we de wijnen van het Château Sainte-Marie alweer tegen. In het Maison des Vins de l’Entre-deux-Mers presenteerden acht wijnmakers hun voornamelijk witte wijnen. Het Maison des Vins is gevestigd in een gerestaureerd bijgebouw van de Abdij van Sauve-Majeure. Net als in veel andere gebieden waren het de monniken die in dit gebied in de 12e eeuw de wijnbouw startten.
Bij ons staat het gebied bekend als de bron van uiterst simpele, wat zoetige witte wijnen, niet te vergelijken met de grote witte wijnen van de overkant van de rivier, in de Graves. Maar zoals dat voor zoveel geldt: das war einmal….. Die zoete wijntjes stammen uit de jaren '40 tot '60. Sinds de jaren '70 hebben veel producenten in het gebied de omslag naar droge wijnen en moderne technieken gemaakt. Grote aanjager van die omslag was in de jaren '80 wijnmaker en oenoloog, tevens professor aan de Universiteit van Bordeaux, Denis Dubourdieu. Hij wordt wel beschouwd als de redder van de witte Bordeaux. Overigens is Dubourdieu adviseur bij het al genoemde Château Sainte-Marie. Dubourdieu experimenteerde met het inweken van de schillen in de most gedurende een half tot een heel etmaal, waardoor er veel meer aroma's aan de wijn worden afgegeven. Tevens voerde hij de vergisting onder temperatuurcontrole in, wat voor frissere zuren en eveneens aromatischere wijnen zorgt. Een derde vernieuwing was de rijping op de droesem, waardoor alweer meer smaak en kracht in de wijn komt en de wijn bovendien beter kan ouderen. Al deze technieken worden anno 2008 toegepast door de vignerons aangesloten bij het Maison des Vins in Sauve-Majeure.

We proefden zeker acht van deze 'nieuwe' wijnen, allemaal zeer fris en fruitig. De assemblage van witte Bordeaux bestaat traditioneel uit semillon, sauvignon blanc en muscadelle. Opvallend détail bij de selectie die we in het Maison des Vins proefden: in de assemblage van een aantal wijnen wordt sauvignon gris gebruikt, een druif die net als de muscadelle een muskaataroma geeft. Buiten Bordeaux en Chili komt de druif eigenlijk niet voor.

Mijn favorieten van die dag:
- Château Lalande de Taleyran: een lichte frisse wijn met in de geur wit steenfruit. Gevinifieerd bij 18°C en gerijpt op de 'lie'. Mooie eetwijn.
- Château Martinon: fris en zuiver, met aroma's van grapefruit. In de assemblage is 15% sauvignon gris gebruikt, naast 20% sauvignon blanc, 55% semillon en 10% muscadelle.
- Domaine de Ricaud: sappige, complexere wijn, met hoge zuren. Fraaie eetwijn.

Meer over de streekspecialiteiten van Bordeaux lees je in het fraaie boek Carnet des Saveurs en Bordeaux, van Alexandre Le Boulc'h en Franck Salein.
Mark Kurlansky's Oesters van New York heet in het Engels The Big Oyster.

donderdag, mei 15, 2008

Het gaat wel eens mis….

Een feestelijk geluid, die plop van een fles mousserende wijn als de kurk eraf gedraaid wordt. Maar die plop betekent dat er flink wat druk achter die kurk en dus in de fles zat. Met die druk in de flessen mousserende wijn gaat het niet altijd goed, zoals te zien op deze foto in de kelders van Langlois-Chateau in Saint Hilaire Saint Florent, langs de Loire.

Deze fles was bezig aan zijn periode 'sur lattes', op de latjes. Dat betekent dat de niet-mousserende basiswijn, aangevuld met de liqueur de tirage, om een tweede gisting op fles te laten plaats vinden, zo’n 24 maanden horizontaal blijft liggen, sur lie, op zijn droesem. Wettelijk verplicht voor een crémant is in Frankrijk 12 maanden, maar bij Langlois-Chateau gaan ze voor heel fijne mousse en subtiliteit van aroma’s en daarom kwaliteit. Na die 24 maanden worden de flessen gekanteld naar een verticale positie. Vroeger gebeurde dat in de pupitres, houten rekken, tegenwoordig veelal in zogenaamde gyropallettes, die de flessen volautomatisch steeds een stukje rechter op zijn kop zetten. Als uiteindelijk alle lie – gistresten en vaste bestanddelen – verzameld is onder de kurk, volgt het dégorgement, het verwijderen van de prop. De flessen worden door middel van een stikstofbad sterk gekoeld, de prop bevriest en kan vervolgens vrij makkelijk verwijderd worden. De flessen worden – als de stijl van de wijn dat vraagt – bijgevuld met een mengsel van wijn en rietsuiker, de zogenaamde liqueur d'expédition. Daarna wordt de bekende champignonvormige kurk en het metalen korfje, de muselet, aangebracht. Na etikettering is de fles vervolgens helemaal klaar om af te reizen naar de klant.

Deze ene fles moet bovenstaand traject helaas missen. Gelukkig was de ontploffing niet zo groot dat ook de andere flessen ‘aangestoken’ zijn. Waarschijnlijk was er in het glas van de fles een kleine onvolkomenheid, waardoor de druk niet goed opgevangen kon worden.

maandag, mei 05, 2008

Bubbels allerlei

De vraag lag op mijn lippen, maar hem stellen vond ik eigenlijk een beetje raar. Gelukkig raadde Nico mijn gedachten: 'Heeft u misschien champagne per glas?' Hij vroeg het een serveerster van Restaurant Bellevue in Willemstad, maar we verwachtten een negatief antwoord. Mousserende wijnen op glas schenken is lastiger dan stille wijnen; als de fles open is, is de rest nog korter houdbaar dan een stille wijn, en niemand zit te wachten op een glas bubbels waar de prik uit is....
Maar wat schetst onze verbazing: ja hoor, champagne per glas was aanwezig, voor slechts
€ 3,95. We vermoedden al dat het voor die prijs geen echte champagne (dus afkomstig uit het herkomstgebied Champagne in Frankrijk) zou zijn, maar dat mocht de pret niet drukken. In onze glas kregen we een aangenaam frisse, fruitige mousserende wijn, met een prettige mousse. Het bleek een wijn gemaakt volgens de 'méthode traditionelle' uit Argentinië, Los Haroldos Extra Brut, van de druivenrassen chardonnay, chenin en sauvignon blanc. De wijn wordt op dezelfde wijze gemaakt als champagne, maar mag geen champagne heten omdat hij niet gemaakt is in Champagne. Bovendien worden er andere druiven voor gebruikt - met uitzondering van de chardonnay. Los Haroldos is een bezitting van de familie Falasco in het wijngebied Mendoza.
(Restaurant Bellevue is overigens een aanrader, evenals het even verderop in de Voorstraat van Willemstad gelegen Frascati. We aten er goed, waren niet al te duur uit en de wijnkaart was in beide restaurants interessant genoeg.)

Na rosé lijkt het wel of bubbels de nieuwe trend worden. Of komt dat idee voort uit het feit dat ik steeds meer blootsta aan de invloed van 'champagne'-liefhebbers? Zo had één van mijn reisgenoten naar Bordeaux een uitgesproken voorkeur: wél Veuve Cliquot, geen Moët Chandon. Zelf ben ik totaal nog niet gevoelig voor het verschil, eerlijk gezegd. Misschien wel als ik ze naast elkaar zou proeven, maar niet als aperitief in een gezellige omgeving.
Hoe het ook zij, vroeger kon ik mousserende wijnen nooit waarderen, tegenwoordig bestel ik ze al als aperitief.... De momenten om een mousserende wijn open te trekken, dienen zich gelukkig meer en meer aan.
Zo nam ik bijvoorbeeld naar onze zeilcursus van afgelopen week een fles Crémant de Loire van Langlois-Chateau mee. Wat is er nu mooier in het leven dan nippend aan een goed glas mousserende wijn in het zonnetje in de kuip van je eigen (tijdelijke) kajuitjacht te zitten?

Mousserende wijnen hebben de naam duur en chic te zijn, maar eigenlijk hoeft dat helemaal niet. Ja, echte champagne is duur, onder andere vanwege hoge druivenprijzen in dat gebied. Oké, een echt glas champagne, zoals de Billecart-Salmon Brut die we bij Chateau Phélan-Ségur als aperitief kregen, is natuurlijk fantastisch. Maar met een goed gemaakte cava, crémant (mousserende wijnen uit Frankrijk maar niet uit de Champagne, gemaakt volgens de méthode traditionelle), de hierboven genoemde Argentijnse bubbel of een echt goede Prosecco kun je hetzelfde feestelijke gevoel oproepen. Mousserende wijnen zijn bovendien niet alleen feestelijk, maar werken ook enorm verfrissend. Ze maken je mond schoon, zuiveren de smaak en zijn bovendien vaak laag in alcohol, waardoor ze minder snel naar het hoofd stijgen. Vooral om die laatste reden had mijn proefgroepgenote Larissa op de heenreis naar Bordeaux voor in de bus een magnum Prosecco meegenomen, en toch maar geen steviger Italiaanse 'champagne'. De Althea Prosecco di Valdobbiadene Spumante uit Vittorio in de Veneto was dan ook een uiterst verantwoorde én feestelijke start van een mooie reis.

Kortom: beperkt mousserende wijnen niet meer tot Oud en Nieuw! Feestje, diploma, mooie zonnige dag? Trek gewoon een cava, blanquette de limoux, prosecco of natuurlijk champagne open en geniet!

Foto's: Restaurant Bellevue aan de haven van Willemstad en bubbels aan boord van de Virginia....

zaterdag, mei 03, 2008

Wijntoerisme in Bordeaux

Wijntoerisme is niet iets dat de Fransen van nature afgaat. Zeker de Bordelais niet. Waar je in andere wijngebieden van Frankrijk nog wel borden ziet met 'Vente en directe' of 'Visite nos cave', tref je dat zelden in de diverse wijngebieden van Bordeaux. En verwacht al helemaal geen 'Amerikaanse' toestanden, met picknickmogelijkheden op het domein en T-shirts, paraplu's of kurkentrekkers met het logo van het huis. Dat zul je ook in de rest van Frankrijk weinig tot beperkt aantreffen.

Voor de Bordelais is dit allemaal wel te verklaren door de manier waarop de wijnhandel georganiseerd is: de meeste wijnen werden en worden opgekocht door grote handelshuizen, die ze verder op de markt brengen voor hun leveranciers. Daarnaast is er het en primeur-systeem: de beroemde huizen als Pétrus en Cheval Blanc verkopen over het algemeen de hele oogst al aan handelaren in het voorjaar na de vinificatie. Zodra de wijn een jaar of wat later gebotteld is, gaat hij onmiddellijk het terrein af. Op de grote en beroemde domeinen is dan ook geen verkooplokaal of fles te vinden! Voor een fles Cheval Blanc ben je als consument aangewezen op grote wijnspeciaalzaken, zoals L'Intendant in Bordeaux en La Winery langs de D1 bij Castelnau. Of nog beter: je eigen wijnhandelaar in Nederland!

Toch dringt ook het wijntoerisme in Bordeaux door. Het meest opvallend was dat tijdens mijn reis naar Bordeaux bij Chateau Giscous, waar hard gewerkt werd aan een stijlvolle proefruimte annex verkooplokaal. De paraplu's, poloshirts en stropdassen waren ook al beschikbaar. In de jaren zeventig was Alexis de Lichine, van Prieuré-Lichine, de eerste die in Bordeaux met verkoop aan huis en andere merchandising begon, zo vertelde Frank Jacobs me. Toen werd de van oorsprong Poolse Amerikaan (!) nog zwaar verketterd, nu moeten de meeste château wel dezelfde weg opgaan. De consumenten beginnen het te verwachten en er is een markt voor. De meeste château hebben tegenwoordig dan ook minimaal een mooie glossy informatiebrochure. Die van Phélan-Ségur ga ik zeker ophangen als poster.

Anders is het bij de coöperaties en Maison des Vins. De laatste zijn altijd al informatiecentra voor de wijnen uit het gebied geweest, en daar tref je dan ook mogelijkheden de wijnen van de deelnemende producenten te kopen, naast schorten met de tekst 'Entre-Deux-Mers' en kurkentrekkers met het logo van het Maison des Vins de Entre-Deux-Mers, bijvoorbeeld.
En gelukkig dringen ook andere wijntoeristische zaken langzaam binnen in de Bordeaux. Vorig jaar was ik laaiend enthousiast over de picknickmogelijkheden in Sonoma Valley, nu kan dat in Bordeaux ook. Wil je namelijk in de Medoc wijnen kopen van bekende huizen in de Bordeaux, dan kan ik La Winery aanraden. De wijnwinkel ligt midden in het landelijke gebied, niet in de stad. Het spiksplinternieuwe, hypermoderne gebouw van glas en staal is pas zeer recent geopend en biedt, naast verkoop van wijnen uit heel Frankrijk én de rest van de wereld, ook een wijnbar, proefmogelijkheden, een picknickplaats en tentoonstellingsruimten. Oprichter is Philippe Raoux, van oorsprong wijnbouwer uit een familie van wijnbouwers. Zijn motto: wijn is er om met elkaar te delen; wijn is geen complex product met geheime codes voor ingewijden, maar een bron van plezier, uitwisseling, verkenning en herkenning. Op het terrein van La Winery komen wijn en moderne kunst samen in een unieke culturele ontmoetingsplaats. Dit voor Frankrijk unieke concept verdient zeker navolging, mijns inziens.

Foto's: Hebbedingetjes bij Giscours en interieur La Winery

vrijdag, april 25, 2008

Bordeaux 2007 - rood

'Hoe was de Bordeaux 2007'?, vroeg een wijnhandelaar me deze week. De wijnwereld leeft in spanning, en vooral de betere producenten in Bordeaux. Wat zal Robert Parker te melden hebben? 'Komt mijn wijn er goed of slecht vanaf'?, piekert menig producent. Verwacht wordt dat de Amerikaanse wijncriticus op 30 april zijn oordeel over de oogst van 2007 bekend zal maken. Eerder liet hij al los dat hij het jaar 2007 'overall' teleurstellend vindt, maar dat er wel châteaux zijn die goed hebben gepresteerd.
Vooral de huizen die hebben kunnen wachten met oogsten tot in september en geprofiteerd hebben van de weersverbetering toen, zullen er naar verwachting beter uitspringen dan diegenen die vroeger geoogst hebben. Verwacht wordt dat de cabernet sauvignon-wijnen het beter zullen doen dan de merlot, aangezien cabernet sauvignon later rijpt. De cabernet sauvignon heeft daarmee kunnen profiteren van het goede weer in september.
Verder hebben de Britse critici, bijvoorbeeld Steven Spurrier, al gezegd dat 2007 waarschijnlijk een jaar zal worden voor witte wijnen en minder voor rode.

Over de witte later meer, vandaag de rode. Want wat hebben wij vorige week nu van die rode 2007 geproefd? Zou ik er een oordeel over durven geven? Ik realiseerde me vorige week al dat wij als Wijnacademiecursisten dit jaar enorm geluk hadden: midden in de primeurtijd Bordeaux bezoeken en dan de wijnen mogen proeven van een fors aantal goede huizen is niet voor iedereen weggelegd. Wij hebben waarschijnlijk eerder dan menig Nederlandse handelaar de oogst van 2007 geproefd.

Een opsomming van de 2007s die we proefden:

Petit Cheval, tweede wijn van Château Cheval Blanc: Grand Cru Saint-Emilion
Dominant cabernet franc; nu al hele prettige frisse wijn, in de neus wat kruiden en drop.

Cheval Blanc: 1e Grand Cru Classé Saint-Emilion
45% merlot, 55% cabernet franc; prachtige wijn, helemaal mijn wijn! Vergeten notities te maken, alleen genoten, niet gespuugd. Fris rood fruit en enige kruidigheid, precies zoals je van een Cabernet Franc verwacht.

Château Brown: Pessac-Leognan
Soepele, prettige jonge wijn. Alle petit verdot gaat dit jaar in de blend (5%). Daarnaast 55% cabernet sauvignon en 40% merlot. Heel fruitig, tanninestructuur mooi, goed verwerkt.

Château Du Tertre: 4e Grand Cru Classé, Margaux
23% merlot, 18% cabernet franc, 59% cabernet sauvignon. Wat stoffig in de neus, iets groene tonen, fris, sterk drogende tannines. Moeilijk jaar voor Du Tertre, aldus general manager Alexander van Beek.

Château Giscours: 3e Grand Cru Classe, Margaux
65% cabernet, 35% merlot; nog gesloten, maar mooie balans, veel tannines, mooie zuren; in de blend veel cabernet, aangezien Giscours heeft kunnen wachten met oogsten. De cabernet moet deze wijn dragen.

Château Phélan-Ségur: Cru Bourgeois Exceptionnel, St. Estephe
60% cabernet sauvignon, 40% merlot. Zwoele wijn, stevige tannines, mooie zuren. Ook hier is gelukkig gewacht met plukken.

Mijn algemene indruk: de wijnen met een hoog percentage cabernet sauvignon zullen het waarschijnlijk beter doen dan die met een dominant percentage merlot. De wijnen zijn nu al toegankelijk en erg drinkbaar en moeten waarschijnlijk gewoon jong gedronken worden.

Maar mijn toppers zijn de eerste en tweede wijn van Cheval Blanc. Ook voor cabernet franc was het een heel goed jaar, aldus Kees van Leeuwen. Bij de oogst waren de druiven zeer evenwichtig rijp en gezond.
Aan verdere uitspraken waag ik me niet. De 2007s zullen voor mij echter altijd een speciaal plekje houden, zeker die van de huizen die ik vorige week proefde. Ooit wil ik een Cheval Blanc of een Petit Cheval 2007 te pakken krijgen!

donderdag, april 24, 2008

Vatmonsters

In april een wijngebied bezoeken betekent bijna automatisch dat er grote kans is jonge wijnen te proeven. Sommige van die jonge wijnen waren speciaal voor de gelegenheid voor ons in flessen gegoten: dat was het geval bij Pétrus, waar we een 2006 proefden die verder nog niet gebotteld was, en bij Cheval Blanc, waar we van twee 'échantillons' 2007 mochten genieten.
Bij Château La Couronne in Montagne Saint-Emilion proefden we bovendien échte vatmonsters! Eigenaar Thomas Thiou tapte met een slangetje rechtstreeks uit het vat de glazen vol. We mochten proeven wat twee verschillende vaten, van twee verschillende kuiperijen, voor effect hebben op één en dezelfde wijn (2006). Beide wijnen van dezelfde samenstelling (hoofdzakelijk merlot), lagen 15 maanden op het nieuwe hout, hadden hun tweede gisting op dat vat doorgemaakt en waren nooit overgestoken. Pas na de tweede gisting was de minimale dosis sulfiet toegevoegd om de wijn te stabiliseren.

Een producent gebruikt meestal vaten van verschillende tonnellerie's. Dit gebeurt onder andere om niet van één leverancier afhankelijk te zijn en ook om te kunnen variëren met smaak en aroma's bij de assemblage. De wijn uit het eerste vat beviel mij het beste: klassieker, verfijnder, maar ook iets minder expressief. De wijn uit het tweede vat was ronder, vetter, met meer uitgesproken aroma's. Dit tweede vat had een stevigere toasting gehad: was langer gebrand, waardoor de geroosterde lucht en het vanille van het eikenhout sterker naar boven komen.

En wat gebeurde er met de restjes vatmonster in onze glazen? Tot onze stomme verbazing konden we de glazen legen in een gietertje. Kees van Leeuwen kwam langs en goot de verzamelde wijn vervolgens terug in het betreffende vat. De zuurgraad van de jonge wijn is namelijk zo hoog dat menselijke bacteriën geen effect op het resultaat zullen hebben, zo werd ons verzekerd. Toch stonden we wel even te kijken......

Foto's: Thomas Thiou tapt de wijn uit en Kees van Leeuwen haalt de restjes weer op.

woensdag, april 23, 2008

Merlot in Frankrijk


Op Foodlog plaatste Dick dit weekend een raadseltje. Uiteindelijk bleken het de blaadjes van de merlotdruif te zijn. Die Nederlandse merlot was al tamelijk ver: zoals hierboven zag de merlot er vorige week woensdag op Château La Couronne in Montagne Saint-Emilion uit.
En hieronder de broertjes en zusjes, die van een zeer fraai uitzicht genieten!

dinsdag, april 22, 2008

Een reis(je) naar de wijn

Een wijnstudiereis naar Bordeaux is hard werken! Iedereen aan wie je dit vertelt, lacht je onmiddellijk uit, maar het vijftigtal mensen waar ik dit eerste verslag voor schrijf, zullen het beamen. Iedere dag vroeg op, haastig ontbijten en om 8.00 uur de bus in. Iedere dag laat weer in het hotel, met afgepeigerde voeten. Iedere dag eend bij de lunch of het diner. Iedere dag tientallen wijnen proeven, uitspugen en beoordelen. Een gekurkte fles Yquem 1999. Harry Jekkers in de bus. Paëlla. Echt, je wordt er heel, heel moe van ;-)
De komende tijd zal de wijnreis die 48 cursisten van de Wijnacademie samen met hun drie begeleiders en één chauffeur van 13 tot en met 18 april naar de Loire en Bordeaux maakten, regelmatig op Wijnkronieken terugkomen. Om te beginnen een korte schets van de reis.

De reis begon op zondagavond in Vouvray, aan de Loire, waar veertien chenin-producenten ons zeer hartelijk ontvingen in de tufstenen grotten. Vooral het dinerbuffet in de cave van Bourillon Dorléans zal ons bijblijven. De volgende dag maakten we kennis met het Domaine Charles Joquet in Sazilly, bij Chinon, waar Francois-Xavier Barc en niet te vergeten Kevin ons uitleg gaven over de wijngaarden en ons, in de frisse buitenlucht, diverse cabernet francs van 2006 lieten proeven. Buiten werd met een mobiele installatie de Moelleux 2007 gebotteld.
Vervolgens ging de reis naar Saint Hilaire Saint Florent, bij Saumur, waar Michel ons bij Langlois-Chateau inwijdde in de fijne kneepjes van het maken van mousserende wijnen. Geluncht werd er in de bus, onderweg naar Bordeaux, met stokbroodjes en een mooie witte Saumur van oude stokken, van Langlois-Chateau. De laadruimte was inmiddels gevuld met 50 flessen Crémant de Loire.

's Avonds in Bordeaux stonden de wijnen van Laurent de Bosredon, uit de Bergerac, op tafel. In het verleden startte de Bordeauxreis van de Wijnacademie in de Bergerac, maar vanwege de lange reistijden was dit jaar voor de Loire gekozen (een gouden greep!). Om ons toch met zijn fraaie wijnen kennis te laten maken, was de heer De Bosredon naar Bordeaux gekomen. De wijnen werden geschonken bij een diner in de beroemde bistro Le Sommelier. Het voorgerecht bestond uit eend....

De dinsdag stond in het teken van de Rechteroever. In het Maison du Vin van Saint-Emilion onderwees prof.dr. Kees van Leeuwen ons over de bodem van het gebied. Ter illustratie liet hij ons wijnen van de diverse terroirs van Saint-Emilion proeven. Daarna werden wij ontvangen bij Château La Couronne, in Montagne, waar Thomas Thiou sinds 1994 mooie klassieke rode wijnen maakt van hoofdzakelijk merlot. Het weer was inmiddels prachtig geworden. Bij de lunch: eend..... De dag werd echter nog mooier, want 's middags stonden bezoeken aan Pétrus en Cheval Blanc op het programma. En we mochten nog proeven ook! Voor iedereen vormden deze twee bezoeken waarschijnlijk de hoogtepunten van de week.

Woensdag begon met een zeer leerzame rondleiding door Tonnelerie Demptos. De fototoestellen klikten, vele filmpjes zijn gemaakt en het toasten van de vaten is minimaal 48 keer vastgelegd. Ik realiseerde me hoe weinig dit beroep sinds de middeleeuwen veranderd is; een Utrechtse kuiper uit de 15e eeuw zal misschien opgekeken hebben van het lawaai en de vele machines, maar in de basis gebeurt het belangrijkste werk nog altijd met de hand, precies zoals eeuwen geleden.
De lunch werd gebruikt in een prachtig gerestaureerd bijgebouw van de middeleeuwse abdij van Sauve-Majeure. Een achttal producenten was naar het Maison de Vins van Entre-Deux-Mers gekomen om ons kennis te laten maken met hun wijnen. En we waren aangenaam verrast (niet alleen door het Engels van die ene knappe wijnmaker......).
Na een half uurtje in de bus bereikten we vervolgens de buren van Château Yquem, Château Rieussec, eigendom van de Rothschilds van Lafite. De rondleiding door de jonge vrouwelijke wijnmaakster bracht ons in de cuverie en de vatenkelder, waarna uiteraard een Sauternes (2004) geproefd werd.
Het laatste 'kasteel' van de dag was Château Brown, in de appellation Pessac-Leognan. Eigenaren zijn deels Nederlands (Dirkzwager) en deels Frans (familie Mau). Uniek was de proeverij van de diverse wijnen vóór assemblage: onder andere de cabernet sauvignon 2007, de merlot 2007 en de petit verdot 2007. Uiteraard mochten we daarna ook met de uiteindelijke blend kennismaken.
In Restaurant Chiopot, net buiten Bordeaux aan de rivier, wachtte ons nog een diner met de wijnen van Château Preuillac. Hoofdgerecht: .... eend..... Met een fles Yquem 1999 heeft onze tafel de avond waardig afgesloten. Een andere tafel was helaas minder gelukkig: de derde en laatste fles Yquem 1999 uit de voorraad van het restaurant had kurk!

Eén gebied hadden we nu nog niet bezocht: de donderdag stond uiteraard in het teken van de Linkeroever, en speciaal de Haute Medoc. We bezochten de Château's Giscours en Du Tertre in de appellation Margaux en werden er ontvangen door general manager Alexander van Beek.
De lunch vond plaats op Château Phélan-Ségur, een cru bourgeois in de noordelijkste gemeenteappellation van de Medoc, St. Estephe. De rit over de D2, langs alle bekende huizen, was uiteraard een belevenis. Bovendien werd in de bus onze kennis van het gebied alvast getest, als voorbereiding op het finale 'examen' tijdens de lunch. Bij de lunch - verrassing: eend - werden uiteraard wijnen van Phélan-Ségur geschonken, met als topper een 1989 bij het kaasplateau. Tijdens de test die we vervolgens allen moesten afleggen, bleek hoe goed we deze reis hadden opgelet. Bijna iedereen wist namelijk exact welk merk schoenen Kees van Leeuwen op dinsdag had gedragen......

Ons laatste bezoek van de reis betrof een hypermoderne wijnwinkel langs de D1, net buiten Castelnau-de-Medoc. Een Cheval Blanc kon ik er niet kopen, maar gelukkig lag er voldoende ander fraais. Over La Winery en het voor Franse begrippen unieke concept zal ik apart nog berichten.
En zoals veel van dit soort verslagen in reisdagboeken eindigen: moe maar zéér voldaan keerden wij op vrijdagavond in Nederland terug. Wijnstokken, proefglazen, cuves, vaten, nog meer vaten, bottelinstallaties, kelders, flessen, kurken, oesters, bodega's, eend, chauffeur Derk, reisleiders Ellen, Frank en Robert, de hartelijke ontvangsten: het heeft allemaal bijgedragen aan een geweldige reis, die ons begrip van de streek, maar ook het wijnmaken in het bijzonder enorm heeft verdiept. Er daar ging het uiteindelijk om.

Foto's: Ontvangstruimte bij Château Pétrus en vatenkelder van Château Rieussec.

vrijdag, april 04, 2008

'Vin bon et frais' - jonge rode wijn met geitenkaas

‘Je scai où est Chinon et la cave Paincte, aussi j'y ai bu maints verres de vin bon et frais’.

De Franse schrijver François Rabelais schreef er al over: de jonge, frisse wijn uit Chinon. Hij kon het weten, hij werd in 1494 in La Devinière bij Chinon geboren. Dikke kans dat Rabelais, zo rond 1525, meestal jonge wijn dronk, dezelfde jonge rode Chinon die ik onlangs proefde. De boer had deze wijn nog niet eens gebotteld, maar proefgroeplid Paul had alvast een vatmonster meegenomen.

Normaal gesproken drink je een rode Chinon pas in de herfst na de oogst en de productie. Maar een wijn zo piepjong drinken is een nuttige ervaring! Tenslotte was het in vroeger eeuwen niet anders. Wijn die in september of oktober werd gemaakt, werd al gedronken in november en december. En soms was die wijn nog niet eens uitgegist….

Met deze anno 2008 wijn was het niet zo erg gesteld. Dit was wel degelijk ‘wijn’, geen most. Maar eerlijk gezegd konden we hem geen van allen echt thuisbrengen: we vonden hem jong (!), wat zuur, wat wrang, maar toch wel sappig. Over het druivenras werden we het niet eens: gamay misschien? Het vatmonster had weinig afdronk en niet zo veel body.
Totdat we er een stokbroodje met zachte witte geitenkaas bij aten. Toen bleek die jonge rode Chinon van Domaine Nono in Cravant-les-Côteaux ineens een andere drank! Niets bleef er over van alle discussies over rode wijn met kaas: DEZE rode wijn met DEZE witte kaas was een ‘match made in heaven’. Opnieuw bleek dat een wijn uit de streek een unieke smaakcombinatie vormt met een kaas uit hetzelfde gebied. (De kaas kwam uit Poitou-Charentes, maar dat is dicht genoeg bij de Loire en de Vienne, waaraan Cravant ligt.)
De smaakcombinatie te beschrijven is tamelijk omslachtig, je moet zoiets gewoon eens proeven: hele jonge rode Chinon met zachte witte geitenkaas. Onthoud die combinatie: je mag er mij voor wakker maken.

Het citaat komt uit de mond van Pantagruel, de held uit de boeken van Rabelais. Die Cave Paincte bestaat nog steeds: de Confrerie des Bons Entonneurs Rabelaisiens houdt er zijn bijeenkomsten. De grot is uitgehakt in de tufsteen onder het kasteel van Chinon (zie afbeelding). Langs Chinon stroomt de Vienne; enige kilometers stroomopwaarts ligt Cravant-les-Côteaux, waar de jonge wijn vandaan kwam die ik onlangs proefde. Binnenkort te koop bij 'Wijn Op Maat' in Utrecht.

maandag, maart 31, 2008

Sauvignon blanc vs. Sauvignon blanc

Het zou dé oplossing zijn voor al die mensen die niet zo veel van wijn (willen) weten: label een fles met het druivenras dat voor de wijn gebruikt is, en iedereen weet altijd precies welke wijn hij moet kopen. Hou je van Cabernet sauvignon: zorg dat je een fles koopt waar Cabernet sauvignon op staat. Hou je van Sauvignon blanc: koop een fles met die naam op het etiket. Als er op een fles uit Sancerre mocht staan dat hij van sauvignon blanc was gemaakt (wat dus NIET mag volgens de Franse wijnwetgeving), zou het voor de consument een stuk makkelijker zijn, aldus de redenering van velen.

Maar is dat wel zo? Is een Sauvignon blanc uit Nieuw-Zeeland hetzelfde als een Sauvignon blanc uit de Loire? Smaakt een Sauvignon blanc uit Zuid-Afrika net zoals eentje uit Oostenrijk? Nee, dus!
Hoe sterk wijnen van één en dezelfde druivensoort van elkaar kunnen verschillen, heb ik gisteren weer eens ervaren. Allemaal Sauvignon blanc's stonden op tafel: naast een frisse, heerlijke Quincy stond een fraaie Zuid-Afrikaan. Maar wat een verschil in smaak. En naast een slappe Chileen proefden we een niet zo frisse Nieuw-Zeelander: allemaal Sauvignon blanc, allemaal anders. Voor de één mag je me wakker maken, de ander wil ik nog niet eens cadeau krijgen. Dus wat heb je er dan aan dat er Sauvignon blanc op het etiket staat? Helemaal niets, in mijn ogen. Je moet nog steeds weten uit welk gebied de wijn komt en wie de maker is. En dan nog: het herkomstgebiedje Quincy ligt hemelsbreed 60 kilometer van Sancerre, maar wat een verschil tussen die twee wijnen. De Quincy: vol, exotisch, fris. Een Sancerre: fris, mineraal, met fris'groene' elementen. Het feit dat je een Quincy en een Sancerre allebei kunt aanduiden als een Loire-wijn, zegt nog steeds niet alles.

En dan heb je nog gebieden die zo experimenteel bezig zijn, dat je er werkelijk geen moment aan zou denken dat daar een heerlijk frisse, knisperende Sauvignon blanc vandaan kan komen. Maar laten ze nu tussen Pezenas en Sète, vlakbij het Basin de Thau, op een steenworp afstand van de Middellandse Zee, een prachtige, koele, frisse Sauvignon blanc maken, die ik werkelijk voor een Loire-wijn hield? De kalkhoudende bodem met kiezels en fossielen van de wijngaarden van Les Domaines Paul Mas brengen ondanks het warme klimaat een fraaie wijn met frisse zuren voort. De zee zorgt voor de koelte, de zon voor het mooie warme fruit. In dat laatste verschilt deze wijn misschien toch iets van een Loire-wijn: je proeft iets meer 'warmte' in het glas.

De Sauvignon blanc van Les Domaines Paul Mas was een Vin de Pays d'Oc van 2007 en gelabeld 'Sud de France', een van de eerste wijnen die ik met dit nieuwe 'logo' voor alle wijnen van de Languedoc en de Roussillon proefde. De wijn werd aangeschaft in Wijk bij Duurstede, 'chez' Paul voor zo'n 6 euro. Een aanrader!

Meer over Sauvignon blanc in dit stukje van de Languedoc lees je hier.

zondag, maart 23, 2008

Quincy met de groenten van Jeroen

Onlangs organiseerde het convivium Utrecht van Slow Food zijn tweemaandelijkse gastentafel bij traiteur Jeroen van Nijnatten. Jeroen had heerlijk voor ons gekookt, maar de topper voor mij was de schotel met heel bijzonder klaar gemaakte groenten. Om je een indruk te geven van de creativiteit op ons bord:
- chips van rauwe biet, wortel, pastinaak en schorseneren;
- lasagna van dunne plakken van te voren gebakken portobello met blue Shropshire kaas en truffel;
- cavolo nero (palmkool) even geblancheerd en dan fijngesneden opgebakken met een beetje pecorino;
- artisjokviolet met arganolie.
- mousse van gorgonzola dolci met sud 'n sol tomaten, gerookte pijnboompitten en mascarpone;
- dun gesneden geblancheerde kervelknolletjes met sesamolie.

Bij die groenten schonk Jeroen een mooie, friszachte Italiaanse wijn, Monte del Frá, Bianco di Custoza Supériore Cà del Magro 2006. We dronken deze eerder, hadden er zelfs een paar flessen van in huis. De wijn was weer even heerlijk. Voorafgaand aan de groenten stonden echter wat schaaltjes Italiaanse 'crudités' - courgette, aubergine en paprika, samen met wat Italiaanse ham - op tafel, vergezeld van een glas Quincy. Voor mij was dat glas, dat ik nog wat doordronk bij de groenten van hierboven, de wijnontdekking van de avond. Wat een fantastische sauvignon blanc was dat: vergelijkbaar met een Sancerre, maar toch ook weer helemaal anders. Veel voller, veel rijker, maar toch met dezelfde frisheid.

Heel toevallig was ik de wijnen van Quincy de weken ervoor al op allerlei plaatsen tegengekomen. Zo gaat dat: nog nooit heb je van een herkomstgebied gehoord, en dan loop je er vervolgens continue tegenaan. Er was bijvoorbeeld een tentamenvraag aan gewijd bij de vinologenexamens en de wijnhandel die ik assisteer bij het vullen van de website, blijkt precies die Quincy die ik vorige week dronk, in het assortiment te hebben. Dat kan toch allemaal geen toeval zijn: die Quincy van Domaine du Tremblay moest gewoon op mijn pad komen.

Domaine du Tremblay
Quincy is een herkomstgebied iets westelijk van Bourges; de wijngaarden liggen onder andere op glooiende hellingen in het dal van de Cher, een zijrivier van de Loire. Landbouwingenieurs Chantal Wilk en Jean Tatin startten zo'n vijftien jaar geleden, in een tijd dat de AOC Quincy vernieuwd en geherstructureerd werd, hun werkzaamheden op Le Tremblay, dat Jean Tatin erfde van zijn vader. De wijngaarden worden al genoemd in middeleeuwse documenten. Tegenwoordig omvat Le Tremblay 9 ha op zes verschillende percelen.
Dankzij verschillen in de bodem (zand, klei) van die percelen en de leeftijd van de stokken kunnen de wijnen jaar in jaar geassembleerd worden tot een evenwichtig geheel. Van de zanderige bodems komen levendige basiswijnen, van de klei komen meer vlezige en krachtige wijnen. In de wijngaard besteden Chantal en Jean veel aandacht aan de gezondheid van het plantmateriaal en de druiven. Geleiding, groene snoei en groene oogst moeten er voor zorgen dat de stokken optimaal fruit leveren.

De wijnen van Domaine du Tremblay trekken inmiddels regelmatig de aandacht. De Guide Hachette 2008 heeft de gewone Quincy 2006 bedacht met coup de coeur, een eervolle afbeelding van het etiket in de gids. En in Nederland zijn ze op verschillende plaatsen te vinden.

En wil je kennismaken met Jeroen's kookkunst: Jeroen is traiteur en kan de mooiste dingen voor je regelen. Eet smakelijk!

maandag, maart 17, 2008

Zon in de druipende bossen

Een druilerige middag was het gisteren, dus wat kun je dan beter doen dan wijn gaan proeven? Samen met Anda Schippers begaf ik mij zondag naar het in de bossen gelegen Groot Kievitsdal, om kennis te maken met het mooie assortiment van wijnhandel Vinoblesse uit Baarn. Ruim zestig wijnen op vijf tafels waren er te proeven. Sommigen wijnen hadden hun maker meegenomen, om uitleg te geven, andere spraken voor zichzelf.
Zo'n proeverij moet je te lijf gaan met een doel, anders zie de door de bomen het bos niet meer. Mijn doel was een leuke wijn te vinden die we makkelijk zo doordeweeks konden openen, bij de boerenkool, de pasta of iets anders simpels. Ik had een heel specifiek smaakpalet in gedachten: het pittige en fruitige dat je vaak tegenkomt in Zuid-Franse wijnen van grenache, syrah, mourvèdre, cinsault, carignan etc.

Anda en ik begonnen bij de wijnen uit de Pfalz, waarbij vooral de Spätlese Trocken van Janson Bernhard ons beviel. Een assemblage van gewürztraminer en riesling van hetzelfde huis kon ons minder bekoren, maar, zo legde Tjitske Brouwer ons uit, dat had ook zeker te maken met de leeftijd van de wijn. Aangezien de wijn uit 2007 was en nog maar net in de fles zat, was er nog weinig balans tussen de Rieslingcomponenten en de specifieke Gewürztraminerkenmerken. Over een maand of zes, na enige tijd flesrijping en rust, zou dit een prachtige wijn worden die bij vele gerechten zou passen.

Dit jonge karakter van de wijnen bleek ook bij vele andere flessen op de tafel; gelukkig werd de proever er op het proefformulier ook voor gewaarschuwd. "De wijnen zijn jong, sommige - nèt of nog niet op fles - misschien zelfs niet direct 'lekker'... Gesloten, tikje wrang... door de zuren en de tannines (bij rood), die mits in goede verhouding juist de essentiële componenten van een goede wijn zijn. Let op de concentratie tussen zoet, zuur en bitter. En op duur en finesse van de afdronk." Een goed advies, maar soms wel lastig op je te blijven realiseren. Jonge wijnen proeven blijkt een hele kunst!

Toch hebben we een aantal prachtige wijnen geproefd. Beiden waren we helemaal weg van een Provençaalse rosé, van de hand van Raimond de Villeneuve van Chateau de Roquefort. Deze rosé was vorig jaar de Rosé van het Jaar in de categorie Boutiquewijnen bij Proefschrift. De Corail 2007 is gemaakt van biologisch geteelde en gevinifieerde grenache, cinsault, mourvèdre en syrah. Daarnaast maken ook twee witte druivensoorten deel uit van de assemblage: rolle (vermentino) en clairette. Het was plotseling heel even zomer, daar in die druipende bossen bij De Vuursche.... De wijn gaat in mei geleverd worden: ik zal de tuinstoelen vast gaan schoonmaken!

Een kanjer vond ik ook de Montepulciano d'Abruzzo San Zopito 2006. Prachtig fris rood fruit en kruiden in de neus, soepel, warm, pittig, makkelijk drinkbaar: dat waren de notities die ik maakte. Pas later las ik de omschrijving van de maker: een 85-jarige oude heer, Alberico D'Intino, die pas sinds een paar jaar van zijn wijnstokken een beperkte hoeveelheid (4500 flessen) wijn maakte. Uiteraard heb ik van deze wijn, waar ik echt verliefd op werd, een aantal flessen besteld. Het was niet helemaal de prijs (€ 10,85) die ik voor een 'huiswijn' in mijn hoofd had, maar ik kon gewoon geen weerstand aan deze wijn bieden. Zomaar een lekkere pasta of simpele stoofschotel maken en er dan deze Italiaan bij opentrekken.... Ik kijk al uit naar de levering van de flessen. Overigens waren alle Italiaanse wijnen op de tafel heerlijk fris en fruitig: het was het enige land dat mij over de hele linie uitstekend beviel.

Ook de wijnen uit de Languedoc bevielen me goed: een simpele maar lekkere Coteaux du Languedoc Noblesse Saint Julien, een prachtige, maar jonge La Clape Les Cades 2006 van Pech Redon en een Minervois 2005 van Domaine des Murettes. De laatste twee kwamen ook aardig in de buurt om 'huiswijn' bij ons te worden, maar helaas was ik toen al verliefd op de Montepulciano geworden. De Languedoc/Roussillon zal moeten wachten tot we er deze zomer zelf op bezoek gaan. Er zijn gewoon te veel lekkere wijnen op de wereld... en bij Vinoblesse zijn er een aardig aantal te koop.

dinsdag, februari 26, 2008

Après-tentamenwijn

Pff, het tentamen is voorbij. Na weekenden lang blokken heb ik vanmiddag de eerste module van het vinologenexamen afgelegd: vinificatie en Frankrijk. Over de uitslag ben ik gematigd positief (dus ook gematigd negatief). Het kan vriezen of het kan dooien.... We zullen zien over een week of twee.
Echter, de spanning moest er wel even uit vanavond, en daarvoor heb ik werkelijk bij tamelijke toeval een gouden greep uit de wijnkast gedaan. Op het menu stond een simpele Indiase groentencurry, met zoete bataat, courgette, tomaat en paprika. Nico had hem met gekruide sojabrokken en een lepel 'milde' curry van Patak lekker pittig gemaakt.

Hierop anticiperend had ik bij thuiskomst van het examen een fles bubbels koud gelegd: enerzijds om het afsluiten van een intensieve periode te vieren, anderzijds omdat Hugh Johnson bij Indiase gerechten iets dergelijks aanraadde. De champagne die we in huis hadden leek me te droog én nu nog iets te feestelijk. Maar de Blanquette de Limoux Methode Ancestrale Brut van Domaine La Maurette, een mousserende wijn uit de Limoux gemaakt van het druivenras mauzac, leek me wél een goede keuze. Feestelijk genoeg om de ontspanning te vieren, 'zoet' genoeg door het fruitige en appelige karakter van de wijn, spannend genoeg om stand te houden tegen de heftige kruiderijen. Bovendien heeft de wijn maar een alcoholpercentage van 10%!

En ja hoor, het werkte. Nog niet vaak heeft een simpele groentencurry met rijst zo heerlijk gesmaakt, en dat alles dankzij de heerlijk frisse, rinse bubbels uit het diepe zuiden van Frankrijk. Enige weken eerder had ik de wijn geschonken als verjaardagswijn, bij de hapjes 's avonds. Daar kwam hij niet zo tot zijn recht. Maar vanavond bij het eten leefde deze wijn helemaal op: een echte après-tentamenwijn is ontdekt!

De Limoux is een herkomstgebied in de Languedoc. Jaarlijks wordt er een liefdadigheidsfestijn - Toques et Cloches - georganiseerd, waarbij beroemde koks het afsluitende diner verzorgen. Vorig jaar was die kok Jonnie Boer van De Librije, met groot succes. Mede daardoor is het gebied in Nederland redelijk bekend.
Vanouds komt in de Limoux de mauzac voor; daarnaast nemen chardonnay en chenin blanc een belangrijke plaats in onder de witte druivenrassen. De Limoux is verder vooral bekend om de mousserende wijnen, mogelijk ouder dan champagne. Maar ook stille wijnen komen er voor. De Blanquette de Limoux van Domaine La Maurette wordt geïmporteerd door A2Vins. Wil je informatie over de wijn, reageer dan even op dit blogje.

vrijdag, januari 25, 2008

Geproefd: Castel Chardonnay

Aan mijn goede vriendin, de kok van Herberg De Ketel en de Kurk, en haar man gaf ik een paar maanden geleden een proeffles Castel Chardonnay 2006 mee, om eens te kijken wat andere wijndrinkers nu van zo'n fles vinden. Zij zijn beiden 'gewone' liefhebbers, hebben geen wijncursussen gedaan en zijn niet zo totaal met het wijnvirus besmet als Nico en ik. Hun beschrijving mag er echter zijn, daar heb ik niets meer aan toe te voegen.

Eerste indruk was die van een Chardonnay zoals die tegenwoordig vaak gemaakt worden. Heel fruitig, beetje tropisch, meloen, komkommer, mango. Wat vlak van geur. (Over de geur waren we het niet helemaal eens.) In tweede instantie roken we iets harsigs, misschien houtig.
Smaak: heel gemiddeld, ook dat tropische fruit, wel lekker, maar niet heel bijzonder.
Afdronk: het harsige in de geur zit sterk in de afdronk, misschien vernisachtig, ik vond het een beetje naar. Verder is de afdronk wat zuur, maar dat mag wel voor een fruitige wijn.
Algeheel oordeel: geen onaardige wijn, best prima als je hem bij iemand te drinken krijgt, maar niet eentje om eens te kopen. Vooral dat rare chemische luchtje/smaakje was niet fijn.


Kortom: een categorie 2-wijn dus, de blij-als-ik-dit-op-een-feestje-krijg wijn. Deze witte Castel valt daarmee in dezelfde categorie als het rode broertje, een Merlot, die ik eerder beschreef, maar komt er naar mijn mening toch minder goed vanaf.

Ik geef alleen nog wat technische informatie over deze supermarkt Chardonnay, afkomstig van de fiche technique. Eerlijk gezegd zie je niet vaak dergelijke keurige beschrijvingen voor zulke goedkope merkwijnen, maar deze tekst geeft uitstekende informatie. Daarom zal ik hem de liefhebbers niet onthouden.

"De druiven voor de wijn zijn afkomstig uit twee gebieden. De Hérault, met kalkhoudende kleigrond en een mediterraan klimaat, levert druiven, die wanneer ze volrijp zijn voor een hoog alcoholgehalte kunnen zorgen. De Aude is een halfcontinentaal gebied. Hier rijpen de druiven langzamer, waarna ze liefhebbers van Chardonnay volop frisse, levendige smaken bieden. Door het blenden van de wijnen uit deze twee streken ontstaat een harmonieus evenwicht tussen frisheid, fruit en alcohol.

Voor het persen worden de druiven gekoeld. Door ze daarna te laten gisten op lage temperatuur krijgt de wijn een prachtig smaakpalet. De wijn rust 2 maanden op de most, zodat de smaak van het druivenras nog intenser wordt. Een deel van de wijn krijgt fustrijping, die de vanille tonen in het bouquet verklaren. Door de wijn ook regelmatig met de most om te roeren, wordt hij vol van structuur. Aan de uiteindelijke blend wordt nog 9% Viognier toegevoegd voor body en de smaak van steenvruchten."

maandag, januari 21, 2008

Fruitcocktails: pinot noir of gamay?

Vorige week maandag proefden we in de proefclub wijnen uit de Bourgogne en Beaujolais, maar we hadden er allemaal de grootste moeite mee. We raakten vooral verstrikt in het herkennen van de druivenrassen: wat was nou een pinot noir (Bourgogne), wat een gamay (Beaujolais)? En omdat we de druivenrassen niet herkenden, lukte ook het identificeren van de wijnen erg slecht dit keer.

De meeste druivenrassen kunnen omschreven worden met een aantal karakteristieken, en je zou willen aannemen dat wijnboeken allemaal dezelfde karakteristieken voor een druif gebruiken. Helaas. Ik heb voor pinot noir en gamay eens wat steekproeven genomen en zie hier het resultaat.

Pinot noir
Tom Stevenson (Wijnencyclopedie) - afhankelijk van klimaat en rijpheid kan de smaak variëren van kersen tot aardbeien.
Christian Callec (Geïllustreerde Wijnencyclopedie) - aardse ondertoon, iets tussen stallucht en mest; veel fruitigheid, voornamelijk rode bessen, (bos)aardbeien en soms kersen.
Consumentenbond Wijngids 2005 - viooltjes, aardbei, framboos en kers (jong), braam; rook, tabak, koffie, teer en dierlijke toetsen bij houtgerijpte wijnen.
Wereld van Wijn (AH) - in de smaak aardbeien, kersen, truffels, kool. Aardbeien, rozen, truffels, wildachtig in de geur.
Stencils Wijnacademie - lichtzoetige en spontane wat gronderige rozenbottel/bessen/kersen neus en bij zeer hoge Bourgognes een duidelijke boerse intense stalmestgeur.

Nou, maak daar maar eens chocolade (misschien liever: jam) van.

Gamay

Tom Stevenson - peerdroparoma in Beaujolais Nouveau.
Christian Callec - vooral fruitig: frambozen, (bos)aardbeien, aalbessen en kersen, bloemenaroma's in de betere Beaujolais.
Consumentenbond - niet genoemd.
Wereld van Wijn (AH) - framboos, rood zomerfruit.
Stencils Wijnacademie - in de geur licht melkzuur, uitgesproken fruitig en frambozenzuurtjesachtig; qua smaak licht en makkelijk.

Zie je ons probleem? Wie proeft er door deze fruitcocktails nog wat wat is? Bovendien wordt er in de beschrijvingen niet altijd onderscheid gemaakt tussen het echte karakter van de druif en de gebruikte vinificatietechniek: de geur van licht melkzuur komt eerder van de maceration semi-carbonique (door de druk van een stikstofdeken begint de gisting ín de druiven, die daardoor van binnenuit uit elkaar gedrukt worden) die in de Beaujolais wordt gebruikt, dan van de gamay....

De rode wijnen die we proefden volgen hieronder
1: Domaine Charles et Fils, La Combotte, 2005, AOC Haute-Côtes de Beaune : pinot noir
2: Domaine Marius Delarche, Les Verglesses, Pernand-Verglesses Premier Cru, 2005 : pinot noir
3: Domaine Charles et Fils, Les Fremiets, Volnay Premier Cru, 2005: pinot noir
4: Domaine Pierre Savoye, Sur cotes de Py, Morgon, 2005 : gamay
5: Jean-Jacques Béréziat, Domaine de la Roche Saint Martin, Côtes de Brouilly, 2005 : gamay
Allen afkomstig van Henri Bloem Wijnkopers.

6: Passe- tout-grains 2006 : pinot noir en gamay.
Eigen import uit een Franse supermarkt, prijs 2 euro.

Van deze wijnen viel vooral de Volnay in de smaak, maar dat was ook te verwachten. Gelukkig had ik die wel als pinot noir herkend. Maar bij alle andere wijnen was het gokken: zijn dit nu kersen, aardbeien of frambozen die ik ruik?
Er waren bovendien ook een paar wijnen die niet voor herhaling vatbaar zijn. Gert Crum's waarschuwing dat je echt de producent moet kennen, wil je goede wijnen uit het gebied kunnen kopen, geldt blijkbaar zelfs voor het kopen van dergelijke wijn bij een Nederlandse wijnhandel. Waarschijnlijk is dit de les we die maandag hebben geleerd, want een gamay van een pinot noir onderscheiden moeten we nog maar eens oefenen....

vrijdag, januari 18, 2008

Snoeien en groeien

Hoewel het nog geen Sint Vincentius is, 22 januari, zou dit weekend wel eens goed kunnen zijn om je druivenranken te snoeien. Het weer is zacht, dus je kunt lekker de (moes)tuin in! In Frankrijk zijn ze al een heel eind: deze foto’s, gemaakt rond de jaarwisseling in de Drôme, kreeg ik van een kennis.

Snoeien van druiven kan op verschillende manieren en hangt nauw samen met de geleidesystemen voor de ranken. Vaak zijn de snoeiwijzen en geleidesystemen per streek / appellation voorgeschreven in de wet. Altijd zijn de gekozen methoden erop gericht de druivenstok optimaal te laten produceren, waarbij rekening gehouden wordt met vochtigheid (rot moet zo veel mogelijk tegengehouden worden), zonuren, wind, gewenste opbrengst aan druiventrossen per stok etc… Met een mooi woord heet dat ‘canopy management’, gebladerte- of bladerdekmanagement. Zo zul je in Nederland en Noord-Frankrijk vooral systemen zien waarbij de ranken hoog boven de grond worden geleid, om invloed van (nacht)vorst en optrekkend vocht te beperken.

Druivenstokken kunnen geleid of ongeleid zijn. De eerste foto toont een van de oudste manieren om een druivenstok te laten groeien: als een struik, of gobelet, in het Engels bush vine. De jonge ranken worden niet geleid langs draden (soms is er wel een paaltje) en groeien rechtstreeks uit de jaar na jaar ouder wordende stronk.
Deze zeer verweerde oude stokken staan kort bij de grond en worden gesnoeid via de sporensnoeimethode, in tegenstelling tot de zogenaamde stamsnoeimethode. Heel kort gezegd komt het erop neer dat bij stamsnoei de draagtak - de tak die de ranken met het fruit moet dragen - jaarlijks wordt vervangen, bij sporensnoei wordt deze jaar na jaar ouder.
Een andere groeiwijze die ook gecombineerd wordt met de sporensnoeimethode is de ‘cordon’. De cordon is een blijvende, steeds ouder wordende tak (soms ook twee takken) waarop ieder jaar nieuw ranken ontstaan. Op de tweede foto is duidelijk zo’n cordon te zien: de oude verweerde armen van de druivenstok dragen een aantal sporen. Uit de ogen op die sporen ontspringen over een maand of twee de nieuwe loten. De cordon-methode is erg geschikt om machinaal te snoeien. Dat is goed zichtbaar op de laatste foto.

Meer weten over groei- en snoeiwijzen? Kijk bij The Winedoctor, een fantastische site voor informatie over wijn!

Foto’s: Guy Lier