Berichten weergeven met het label Italië. Alle berichten weergeven
Berichten weergeven met het label Italië. Alle berichten weergeven

maandag, maart 17, 2008

Zon in de druipende bossen

Een druilerige middag was het gisteren, dus wat kun je dan beter doen dan wijn gaan proeven? Samen met Anda Schippers begaf ik mij zondag naar het in de bossen gelegen Groot Kievitsdal, om kennis te maken met het mooie assortiment van wijnhandel Vinoblesse uit Baarn. Ruim zestig wijnen op vijf tafels waren er te proeven. Sommigen wijnen hadden hun maker meegenomen, om uitleg te geven, andere spraken voor zichzelf.
Zo'n proeverij moet je te lijf gaan met een doel, anders zie de door de bomen het bos niet meer. Mijn doel was een leuke wijn te vinden die we makkelijk zo doordeweeks konden openen, bij de boerenkool, de pasta of iets anders simpels. Ik had een heel specifiek smaakpalet in gedachten: het pittige en fruitige dat je vaak tegenkomt in Zuid-Franse wijnen van grenache, syrah, mourvèdre, cinsault, carignan etc.

Anda en ik begonnen bij de wijnen uit de Pfalz, waarbij vooral de Spätlese Trocken van Janson Bernhard ons beviel. Een assemblage van gewürztraminer en riesling van hetzelfde huis kon ons minder bekoren, maar, zo legde Tjitske Brouwer ons uit, dat had ook zeker te maken met de leeftijd van de wijn. Aangezien de wijn uit 2007 was en nog maar net in de fles zat, was er nog weinig balans tussen de Rieslingcomponenten en de specifieke Gewürztraminerkenmerken. Over een maand of zes, na enige tijd flesrijping en rust, zou dit een prachtige wijn worden die bij vele gerechten zou passen.

Dit jonge karakter van de wijnen bleek ook bij vele andere flessen op de tafel; gelukkig werd de proever er op het proefformulier ook voor gewaarschuwd. "De wijnen zijn jong, sommige - nèt of nog niet op fles - misschien zelfs niet direct 'lekker'... Gesloten, tikje wrang... door de zuren en de tannines (bij rood), die mits in goede verhouding juist de essentiële componenten van een goede wijn zijn. Let op de concentratie tussen zoet, zuur en bitter. En op duur en finesse van de afdronk." Een goed advies, maar soms wel lastig op je te blijven realiseren. Jonge wijnen proeven blijkt een hele kunst!

Toch hebben we een aantal prachtige wijnen geproefd. Beiden waren we helemaal weg van een Provençaalse rosé, van de hand van Raimond de Villeneuve van Chateau de Roquefort. Deze rosé was vorig jaar de Rosé van het Jaar in de categorie Boutiquewijnen bij Proefschrift. De Corail 2007 is gemaakt van biologisch geteelde en gevinifieerde grenache, cinsault, mourvèdre en syrah. Daarnaast maken ook twee witte druivensoorten deel uit van de assemblage: rolle (vermentino) en clairette. Het was plotseling heel even zomer, daar in die druipende bossen bij De Vuursche.... De wijn gaat in mei geleverd worden: ik zal de tuinstoelen vast gaan schoonmaken!

Een kanjer vond ik ook de Montepulciano d'Abruzzo San Zopito 2006. Prachtig fris rood fruit en kruiden in de neus, soepel, warm, pittig, makkelijk drinkbaar: dat waren de notities die ik maakte. Pas later las ik de omschrijving van de maker: een 85-jarige oude heer, Alberico D'Intino, die pas sinds een paar jaar van zijn wijnstokken een beperkte hoeveelheid (4500 flessen) wijn maakte. Uiteraard heb ik van deze wijn, waar ik echt verliefd op werd, een aantal flessen besteld. Het was niet helemaal de prijs (€ 10,85) die ik voor een 'huiswijn' in mijn hoofd had, maar ik kon gewoon geen weerstand aan deze wijn bieden. Zomaar een lekkere pasta of simpele stoofschotel maken en er dan deze Italiaan bij opentrekken.... Ik kijk al uit naar de levering van de flessen. Overigens waren alle Italiaanse wijnen op de tafel heerlijk fris en fruitig: het was het enige land dat mij over de hele linie uitstekend beviel.

Ook de wijnen uit de Languedoc bevielen me goed: een simpele maar lekkere Coteaux du Languedoc Noblesse Saint Julien, een prachtige, maar jonge La Clape Les Cades 2006 van Pech Redon en een Minervois 2005 van Domaine des Murettes. De laatste twee kwamen ook aardig in de buurt om 'huiswijn' bij ons te worden, maar helaas was ik toen al verliefd op de Montepulciano geworden. De Languedoc/Roussillon zal moeten wachten tot we er deze zomer zelf op bezoek gaan. Er zijn gewoon te veel lekkere wijnen op de wereld... en bij Vinoblesse zijn er een aardig aantal te koop.

maandag, maart 03, 2008

Proefsessies Italië

Om Italië als wijnland goed te leren kennen, zit er maar één ding op: veel proeven. Ik heb het geluk dat ik twee Italië-specialisten in mijn proefgroepje heb: Arjan is als liefhebber goed thuis in onder andere Barolo's en Barbaresco's, Larissa richt zich vakmatig samen met haar werkgever op diverse bijzondere wijnen uit heel Italië. Beiden verzorgden een prachtige sessie met Italiaanse wijnen de afgelopen weken, en van beide sessies heb ik veel geleerd. Terwijl in de sessie van Arjan de 'grote' en bekende wijnen van Italië centraal stonden, had Larissa zich uitgeleefd in allerhande onbekende druivenrassen. De proeverijen belichtten daarmee vanuit verschillende leerzame hoeken het wijnland Italië, dat ik langzaam beter begin te leren kennen.

De proefsessie bij Arjan was vooral leerzaam door de prachtige wijnen, maar ook door het bovenhalen van Italiaanse wijnervaringen die ik in het verleden heb gehad, maar die om de een of andere reden was vergeten.
We begonnen met een 2003 Moscato d'Asti, Luigi IV, een wijn die ik wel eens een enkele keer heb gedronken zonder enthousiast te worden. Deze fles was echter zeker de moeite waard en opvallend fris, ondanks zijn leeftijd. Ik zal zeker in de toekomst nog eens een Moscato d'Asti kopen.
Van de tweede wijn geef ik mijn notities; eens kijken of je eruit haalt wat het uiteindelijk bleek te zijn. 'Helderrood, bubbels, zoete geur, rood fruit, cerise, kruidig, lichte tannines, heftige speldenprikjes in de mond, laag alcohol, cassisachtig, mooie zuren, zoet.'
Gaat je al een licht op? Helemaal aan het eind van het proeven schoot me een wijnervaring uit mijn middelbare schooltijd in gedachten: het was slechts een geur, een indruk, maar ik dacht ineens: Lambrusco? Waarschijnlijk heb ik sinds die tijd (eind jaren zeventig, begin jaren tachtig) nooit meer een Lambrusco gedronken, maar inderdaad, dit was er eentje. En helemaal geen slechte: IGT Lambrusco dell'Emilia van Poggio Reale, van de uitgestrekte wijngaarden op de Povlakte.

De echte pret begon hierna pas: grote en bekende wijnen als Valpolicella, Barbera d'Alba, Chianti, Vino Nobile di Montepulciano en Brunello di Montalcino passeerden de revue. Allen had ik wel eens gedronken, maar nooit zo naast elkaar. Bovendien kende ik alleen de versies van 15-20 jaar geleden: in mijn herinnering donkere en zware wijnen, waarschijnlijk versneden met allerhande wijn die er anno 2008 niet meer in thuis hoort.
De drie laatste wijnen zijn allemaal gemaakt van de sangiovese-druif en het was fantastisch samen de overeenkomsten en verschillen te ontdekken. Bij de Brunello (locale naam voor sangiovese) deden we ook een experiment met de zogenaamde vinoglobe, een glazen opzetstukje op de hals van de fles dat moet zorgen voor extra zuurstof om de wijn prettiger drinkbaar te maken. Het werkte verbluffend goed!

Larissa's proeverij vond plaats op een vrijdagavond: absoluut ongeschikt voor serieus proeven. Het was een heel gezellige avond met fantastische wijnen, begrijp me niet verkeerd. Maar concentratie en proefvermogen ontbreken aan het eind van de werkweek echt volkomen. Het was wel een heel leerzame ervaring, overigens!
De eerste wijn was gelijk al een unicum: 2006 Aceste Bianco van Terra Elima op Sicilië, gemaakt van cataratto en insolia druiven. Fred Nijhuis had ons verteld over de druif die het meest in Italië staat aangeplant maar die niemand kent en die ook in ons lesboek ontbreekt: cataratto. En nu proefden we hem. Eerlijk gezegd vond ik hem niet heel prettig; hij deed me aan een mindere pinot blanc denken. Maar we hebben deze bijzondere wijn toch maar mooi geproefd.

Wel verrukkelijk vond ik twee wijnen van Sardinië: Tyrsos, gemaakt van vermentino, en Karmis, van vernaccia. Beide wijnen komen van de firma Contini, gelegen tussen de zee en het meer van Cabras. Deze ligging zorgt voor wijnen die heel fris en fruitig zijn.

Nadat hij diverse keren genoemd stond bij het proeven tijdens de ochtendsessies, was hij dan eindelijk aanwezig: een rode wijn van de druivensoort cannonau, wat ze in Frankrijk grenache noemen (Tonaghe, ook van Contini op Sardinië). Paul wist me bij te brengen dat de typische geur van deze wijn 'minty' genoemd wordt, en dat je dan moet denken aan after eight... Ik zal het waarschijnlijk niet snel meer vergeten.
Verder proefden we wijnen van verdicchio, greco di tuffo, nero d'avola, primitivo, sangiovese, barbera, nebbiolo, om uiteindelijk af te sluiten met een overheerlijke 2004 Albana di Romagna van Monticino Rosso, een zoete wijn van ingedroogde druiven van de eerste witte DOCG van Italië. Exactly my cup of tea!
Italië hebben we voor deze cursus achter de rug, maar ik vrees dat er nog een leven lang nodig zal zijn om de wijnen ervan beter te leren kennen. Ze zijn het waard (om met een bekende dagcrème-reclame te spreken.....)!

zaterdag, maart 01, 2008

Les 11 – De warmte en de frisheid van Italiaanse wijnen

Samen met Frankrijk heeft Italië de eer de grootste wijnproducent van Europa te zijn. Het ene jaar staat Frankrijk op nummer 1, het andere jaar Italië. Toch blijft het land voor veel Nederlanders, gewone consumenten zowel als wijnliefhebbers, lastig te doorgronden en onbekend.
Ontzettend blij was ik dan ook met de fantastische les Italië die we op 18 februari kregen van Fred Nijhuis, wijnschrijver voor onder andere Proefschrift en The Wine & Food Association. Op verbluffende heldere wijze wist Fred in slechts vier uur en aan de hand van 12 wijnen een fraaie indruk van het land te geven. Centraal in de les stonden de vragen: Wat betekent Italië nu op wijngebied? Wat maakt een wijn typisch Italiaans? Op beide vragen kregen we een gedegen antwoord, vooral vanwege het feit dat Fred de 12 wijnen als leidraad van zijn verhaal nam én geen tijd verknoeide met het luisteren naar onze aarzelende en knullige beoordelingen van de wijn.

Over het algemeen voegt het bespreken van de proefnotities uit de middagsessie weinig toe aan ons begrip van een land; wat mijn buurvrouw in een wijn meent te herkennen, wordt vaak niet herkend door iemand twee rijen verderop. Als er door de docent vervolgens geen eindoordeel over de wijn wordt gegeven, blijf je als cursist met een onbevredigend gevoel achter. Had ik nu wel of geen banaan/kers/citrus moeten ruiken?
De besprekingen van Fred Nijhuis waren anders: hij vertelde ons wat je in die wijn zou kunnen, soms moeten, herkennen, en waarom. Druivenrassen, vinificatietechnieken, aroma’s, jaargangen: hij wist op heldere wijze telkens uit te leggen waarom een wijn rook en smaakte zoals hij rook en smaakte. Als wij daar wat aan toe wilden voegen of vanaf wilden dingen, waren we van harte welkom, maar Fred’s impressies vormden het kader. En dat was een verademing, moet ik zeggen. Velen vonden dit gelukkig met mij!

Italiaanse wijnen kun je prima in een paar woorden samenvatten, aldus Nijhuis. Italiaanse wijnen worden gekenmerkt door warmte en rijkdom, gebalanceerd door verrassende finesse en frisheid. De frisheid heeft vaak te maken met de ligging van de wijngaarden: onder invloed van de zee, wat hoger op de heuvels, of echt in de bergen. Van de 2004 Fiano di Avellino van Pietracupa tot de 2003 Sagrantino di Montefalcone van Tabarrini wist Fred ons die frisheid te tonen. Heerlijk! Voeg daar nog eens aan toe dat Italië ‘een feest is van onbekende(re) druiven en eigenwijze wijnmakers’ en je snapt dat Italië er in mij weer een fan bij heeft.

De een na de andere wijn is deze middag enerzijds een feest, anderzijds een minicollege over het betreffende wijngebied of de betreffende druif. En bij de een na de andere wijn noteerde ik: fris. Zo staat me de 2005 Trebbiano d’Abruzzo Marina Svetic van Masciarelli nog levendig bij, een volle, complexe wijn met uiteraard het karakteristieke Italiaanse bittertje in de afdronk. En dat terwijl de trebbiano als ugni blanc in Frankrijk een minder goede naam heeft. Op onze vraag hoe dit bittertje eigenlijk te verklaren is, antwoordde Nijhuis dat de wijnen in Italië afgestemd zijn op het eten. Het bitter in de wijn heb je nodig om tegen het smaakpalet van de Italiaanse keuken op te kunnen. Denk aan rucola, pesto, kaas, kruiden etc… Volgens Nijhuis is het geen toeval dat nebbiolo in de buurt van truffels groeit…..

Door de les heen werden diverse krachtige uitspraken gedaan door Nijhuis: wij vinologen krijgen veel te veel wijn van slechte kwaliteit te proeven bijvoorbeeld, of 'het jaar 2000 was een Amerikaans jaar: groot en dom'. Daarnaast kregen we nuttige tips waar we veel aan hebben: bijvoorbeeld dat als tannines storend plakken in je mond, je te maken hebt met onrijp fruit óf teveel hout. Tannines moeten ‘schoon’ zijn.
Samen met de twee proefsessies bij Larissa en Arjan heeft deze les voor mij het wijnland Italië een stuk dichterbij gebracht. Over die proefbijeenkomsten binnenkort meer.

dinsdag, februari 26, 2008

Slow Food-wijngids Barolo en Barbaresco

Slow Food brengt sinds enige tijd ook reisgidsen uit. Aangezien wijnland Italië voor veel mensen lastig te begrijpen is, is de gids Barolo en Barbaresco geen overbodige luxe. Het is de tweede Slow Food-reisgids in de serie. Na Turijn voert deze gids de lezer langs een van 's werelds beroemdste wijngebieden, gelegen iets ten zuiden van de Piemontese hoofdstad. Routes die lopen door de heuvels van de smaak, langs de beste osteria's en restaurants, langs enoteca's, wijnboerderijen, gastenverblijven... alles onder het toeziend en goedkeurend oog van Slow Food.

Prijs: € 19,90, isbn 978 90 53304 96 9.

Binnenkort meer info over Italiaanse wijn op Wijnkronieken!

maandag, februari 11, 2008

Les 10 - Oostenrijk en Piemonte

Hoe beschrijf je een les waarin 's morgens een blinde proeverij van 12 wijnen plaatsvindt en 's middags de wijnlanden Oostenrijk en Italië aan bod komen? Dat kan alleen maar schetsmatig en aan de hand van een paar (hoogte)punten. Om maar bij het begin te beginnen: 's morgens moesten we voor de tweede keer aan de slag met 12 wijnen. Binnen een uur moesten die wijnen geproefd worden, notities gemaakt én 14 vragen beantwoord. Ditmaal had ik niet te klagen: van de 14 vragen had ik er 12 goed, van de 12 wijnen raadde ik 10 keer correct wat er in het glas zat. Nou, raden... Hoewel het bij een enkeling echt gokken was, merk ik dat het bij steeds meer wijnen beredeneerde keuzes worden. Glas 5 bijvoorbeeld, een 2003 Pinot Noir uit Australië, kon ik mede dankzij het glas rode Sancerre 2003 dat ik de avond ervoor had gedronken, eruit halen. Ook bij glas 7 werd ik gered door een glas wijn dat ik eerder die week had gedronken, een Rosso Piceno uit de Marken van Italië. Die wijn was het zeker niet, dus bleef een 1999 DO Navarre Reserva over. Bovendien klopte ook mijn proefnotitie uitstekend met die constatering. Mijn voorliefde voor zoet en versterkt zorgde ervoor dat ik met de vragen over die categorie nog zelden de mist ben ingegaan. Een 2001 Montbazillac en een 2001 Pedro Ximenez waren voor mij dan ook weggevers. Maar dat is lang niet voor iedereen het geval: zoete wijnen blijken voor veel medecursisten toch een terra incognita. Zal ik dit niveau kunnen handhaven? De volgende ochtendsessie zal het uitwijzen.

Oostenrijk
's Middags kregen we les van pas de tweede vrouwelijke docent in de cursus. Regina Meij van Imperial Wijnkoperij, sinds bijna 15 jaar dé Oostenrijkspecialist van Nederland, schetste in vliegende vaart het 'opwindendste wijnland van Europa' voor ons (aldus Hubrecht Duijker alweer enige jaren geleden). Opvallend was de overeenkomst met de andere vrouwelijk docent, Magda van der Rijst (zie les 2). Beide dames hadden een opvallend gevoel voor détail, waarbij precieze zuurgehaltes en restsuikers zonder moeite genoemd werden. Dankzij de diashow én de mooie wijnen was dit weer een prettige kennismaking met Oostenrijk. De wijnen waren erg bekend voor mij, maar toch ook weer heerlijk nieuw. Uiteraard maakte ik net als velen dezelfde klassieke fout een mooi gerijpte Grüner Veltliner voor iets anders aan te zien. Sommigen meenden een Chardonnay te herkennen - niet voor niets hebben Grüner Veltliners bij blindproeverijen van specialisten het in het verleden gewonnen van grote Bourgognes. Anderen, waaronder ikzelf, hielden de 2004 Grüner Veltliner Loibenberg Smaragd van Weingut Knoll voor een gerijpte Riesling. Ook deze fout wordt regelmatig gemaakt. Samen met de 2006 Grüner Veltliner Federspiel Terrassen van Domäne Wachau gaf dit glas wijn heel mooi aan wat een prachtige én verschillende wijnen de belangrijkste druif van Oostenrijk kan opleveren.
Regina liet ons ook kennismaken met twee autochtone rode druivensoorten van Oostenrijk, de St. Laurent en de zweigelt. Net als bij andere proeverijen was ik ook nu minder gecharmeerd van Oostenrijks rood. Maar het toetje, de 2006 Neusiedlersee Beerenauslese van welschriesling en chardonnay van Aloïs Kracher, maakte dat meer dan ruimschoots goed. Voor uitgebreide informatie over wijnland Oostenrijk, zie mijn bijdrage van enige dagen geleden.

Piemonte
De laatste twee uur van de middag mocht 'flying winebuyer' Ron Andes - bovendien Nederlands eerste Magister Vini - ons inwijden in de wijnen van Piemonte, Noord-Italië. Zoals Ellen Dekkers, onze cursusleidster, het verwoordde: Ron heeft op gedegen wijze een fors aantal bouwstenen aangeleverd waarop wij Italië als wijnland kunnen bestuderen. Eén zo'n bouwsteen is de eeuwenlange traditie van wijnverbouw door kleine boertjes die eigenlijk alleen wijn maakten voor het eigen gezin en de directe familie. Pas in de 19e eeuw slaagden de markiezin van Valetti erin 'moderne' Franse wijnbouwprincipes in Italië door te voeren. Daarna waren het in de tweede helft van de twintigste eeuw mannen als Piero Antinori en Angelo Gaja die met hun vernieuwende initiatieven zorgden voor de aansluiting van Italië bij de moderne wijnwereld. Vooral Angelo Gaja werd door Ron Andes geroemd als vernieuwer in Piemonte.

Als grootste rode wijnen van Piemonte, maar ook van heel Italië, gelden Barolo en zijn buurman Barbaresco. Beide worden gemaakt van de nebbiolo-druif. We proefden vier wijnen van de nebbiolo: een Barberesco, twee Barolo's en een Langhe. De laatste, 2005 DOC Langhe Sito Moresco van Gaja, vond ik persoonlijk het prettigste en toegankelijkste glas van de vier. Het is de instapwijn van Gaja en vertegenwoordigt de moderne stijl nebbiolo's, gemaakt om het fruit tot uiting te laten komen.

Verder moet ik eerlijk bekennen dat de les van Ron Andes mij minder goed beviel. Mogelijk komt dat ook - ik geef het eerlijk toe - omdat ik de stof uit het lesboek voor het eerst niet van tevoren had bestudeerd. Ik besteed mijn zondagen momenteel voornamelijk aan het studeren voor het eerste tentamen: Frankrijk!!
Maar terwijl Regina Meij in haar twee uurtjes een heel wijnland wist te schetsen, heeft Ron Andes mij niet kunnen interesseren voor Piemonte. Jammer, want ik weet dat het gebied het zeker waard is. Overigens zijn er ook mensen die het niet met mij eens zijn wat betreft de inhoud van deze les: zij vonden de les over het noorden van Italië boeiender dan die over Oostenrijk. Ik ben benieuwd hoe de lesmiddag over de rest van Italië zal verlopen.

woensdag, januari 23, 2008

Geproefd: een eenzame zwerver

In een heel groot bedrijf zwierf een eenzame fles rode wijn rond. Ergens rond Kerst was hij afgegeven, in een houten kistje, maar niemand wilde hem hebben. Diegene voor wie hij bestemd was, werkte er niet meer, was onbekend, onvindbaar.... Gelukkig ontfermde een barmhartige samaritaan zich over de eenzame zwerver en mocht hij gisteren mee naar ons huis. En vandaag werd de eenzame fles eindelijk een gewaardeerde fles .....

Vanavond geproefd, bij de rode kool met pruimen: een opgepikte fles Rosso Piceno Superiore 2001 van Tenuta De Angelis. Ondanks het feit dat deze eenzame fles een heel lichte tik van kurk bleek te hebben, vonden we hem zeer de moeite waard. Uitgeschonken fonkelde de Rosso Piceno Superiore donkerrobijnrood in het glas en had ze een verrassend fruitige geur voor haar leeftijd. Bovendien bleek ze een uitstekende begeleidster van de simpele woensdagavond-maaltijd.
Het zoete, rijpe rode fruit kwam ook terug in de smaak; verder was de wijn fris, had zij mooie afgeronde tannines en een alcoholpercentage van 13%. We vonden haar een heel prettig glas wijn, dat we eigenlijk ook wel eens zonder die kurk willen ervaren. Zeker omdat de fles toch al ruim 6 jaar oud was. Zo willen we nog wel eens vaker zwervers oppikken!

Rosso Piceno is een herkomstgebied in de Midden-Italiaanse streek de Marche, aan de Adriatische kust. De wijnen worden er gemaakt van sangiovese en montepulciano, terwijl er ook wat trebbiano en passerina bij gemengd mag worden. De Marche maakt niet alleen goede rode wijnen, maar ook de bekende Verdicchio dei Castelli di Jesi komt er vandaan. Onze Superiore bestond uit 70% montepulciano en 30% sangiovese en rijpte na een lange inwekingstijd tussen de 12 en de 18 maanden op oudere eiken vaten. Daarna rijpte de wijn nog 6 maanden op de fles voordat hij verkocht werd.
Na wat Googlen vond ik de waarschijnlijke leverancier van onze zwerver: Brand Wijnimport in Leiden. We zullen bij ons volgende bezoek aan de sleutelstad zeker eens langsgaan!

Op de foto: Tenuta De Angelis in Castel di Lama.

zondag, oktober 21, 2007

Italiaanse geneugten

Als ik vertel dat proeven hard werken is, word ik regelmatig meewarig aangekeken. 'Meid, stel je niet aan: lekker wijn drinken is toch geen werk, dat is lol!' Maar ga maar eens serieus op een middag 49 wijnen beoordelen en je piept wel anders. Bovendien is wijn proeven achter een rustige tafel tijdens de vinologenopleiding ook nog eens heel anders dan op een zonnige zondagmiddag, staand in een volle ruimte, met in je ene hand een glas, in de andere een pen, en nergens ruimte om je vel met notities te laten. Tel daar nog bij een tasje met camera en papieren (op je rug) en zie dan maar eens te proeven zoals je dat op de opleiding geleerd is!

Vorige week zondag bezochten Nico en ik een proeverij van Margaret Wines, aangesloten bij Les Genereux. Hans Janssen had als thema Italië gekozen, en Italiaanse wijnen hebben we geproefd!! Beneden in de winkel 25 Noord-Italiaanse, op de eerste verdieping 24 Zuid-Italiaanse kanjers.
Mijn interesse dit keer was speciaal de witte wijnen, aangezien we voldoende rood in huis hebben. En gelukkig werden we op onze wenken bediend: er stond een prachtige selectie witte wijnen, hoewel we uiteindelijk toch ook voor een paar rode exemplaren gevallen zijn.
Ik ga jullie niet vermoeien met alle proefnotities van die middag, maar zal er een aantal uitlichten. De toppers onder de witte wijnen waren voor ons de wijnen van Azienda Agricola Monte del Frá en de Vernaccia di San Gimignano's van Panizzi.
De 'wijnboerderij' Monte del Frá ligt in het gebied Custoza, aan de oostkant van het Gardameer, 15 km van het centrum van Verona. Het bedrijf werd in 1958 door de broers Eligio en Claudio Bonomo opgericht en omvat tegenwoordig zo'n 100 ha. Vooral de Cà del Magro 2006 beviel ons uitstekend. Hij is gemaakt van 50% garganega en 50% andere druiven in min of meer gelijke hoeveelheden, waaronder trebbiano toscano, cortese (fernanda), chardonnay, riesling en sauvignon blanc. De gisting en rijping van de verschillende druivenrassen is niet gelijk: chardonnay, riesling en sauvignon gisten en rijpen in kleine Franse vaten, de andere druivenrassen krijgen een gisting met temperatuurcontrole in roestvrijstaal. Zodra al deze basiswijnen uitgerijpt zijn, wordt een blend gemaakt.
De neus van de Cà del Magro is mineralig en je ruikt iets van citrusfruit, de kleur is bleekgeel (als veel Italiaanse witte wijnen) en de smaak is vol, maar ook fris en fruitig. Het leek ons een uitstekende wijn bij pastagerechten met kaas en artisjok, wat we binnenkort gaan uitproberen.

Beter nog bij datzelfde pastagerecht leek ons de Vernaccia di San Gimignano 2006 van Azienda Agricola Panizzi. Ook deze wijn had een mineralige neus, was bleekgeel van kleur en vol van smaak, maar had bovendien een bepaalde strakheid die we in gedachten goed vonden combineren met kaas en artisjok. Het karakteristieke Italiaanse bittertje ontbrak ook hier niet. De Vernaccia-wijnen kunnen laf en simpel zijn, hoewel het gebied toch de DOCG-status heeft. Bij deze Vernaccia was dit echter absoluut niet het geval! Deze wijn heeft geen hout gezien en rijpte vijf maanden op zijn gist in roestvrijstalen tanks.

Na al dit heerlijke wits bleek er bij de rode-wijnenronde ook nog een leuke verrassing: wij waren erg onder de indruk van de wijnen van het bedrijf Stefano Accordini. Het bedrijf ligt in de Veneto in Noord-Italië en maakt vooral Valpolicella's, in alle soorten: gewone Classico, Amarone en Recioto. We kochten twee van deze roden: de Passo 2004, een mix van traditionele druiven en cabernet sauvignon en merlot, waardoor deze wijn als een IGT, het Italiaanse equivalent van de Vin de Pays) op de markt gebracht wordt; en de Amarone della Valpolicella Classico 2004.
Net als voor Amarone hebben de druiven van de Passo een drogingproces na het plukken achter de rug. De druiven werden met de hand geoogst in de eerste week van oktober 2004 en daarna op een zolder veertig dagen lang gedroogd aan de lucht. Daarbij gaat tot een kwart van het oorspronkelijke gewicht (vocht) verloren en drogen de druiven iets in. Daardoor neemt het percentage suikers ten opzichte van het vocht toe, en kan een hoger alcoholpercentage en een hoger percentage restzoet bereikt worden bij de vinificatie. De Passo heeft dan ook nog 8 gram suiker per liter restzoet bij een alcoholpercentage van 14,6%.
Voor de Amarone werden de druiven al eind september 2004 geoogst, waarna ze 120 dagen hebben liggen drogen! Pas in de eerste weken van januari 2005 is er geperst. Deze wijn heeft dan ook een alcoholpercentage van 15,5% en een restsuikergehalte van 9 gram per liter. Deze wijn gaat onze wijnkast in, om er hopelijk pas over een jaar of tien uit te komen. Maar dikke kans dat we zo lang niet kunnen wachten.

Al met al was deze middag een uitstekende en langverwachte serieuze kennismaking met Italiaanse wijnen. Heel langzaam gaat het wijnland Italië nu iets voor me leven, en ik wil er absoluut nog verder kennis mee maken!

donderdag, mei 24, 2007

TOH!


Na al dat geschrijf over vieze wijnen wordt het tijd voor weer eens iets verrukkelijks. Onlangs kwam er uit onverwachte hoek weer een pracht van een wijn op ons af, waar we helemaal van ondersteboven raakten. We dronken vorig weekend een fles TOH! van Massimo diLenardo, wijnmaker in Friuli, Italië. De TOH! is een witte wijn van de tocai friulano, een druivensoort die eigenlijk niet meer zo mag heten omdat de term tocai sinds 1 april van dit jaar is voorbehouden aan een wijn in Hongarije. In Friuli bedenken ze er van alles op om de naam toch vast te houden, omdat ze hem al eeuwenlang gebruiken. Het etiket van TOH! vermeldt dan ook trots 'da uve tocai friulano'.

Massimo diLenardo is een zeer eigenzinnige wijnmaker. Op zijn website omschrijft hij het zo: The "Di Lenardo Vineyards" estate produces quality wines from the grapes coming from its four large properties vineyards of Ontagnano, in the middle of Friuli region ... the far North/East of Italy. So ... physically the estate and the cellar are located in the famous DOC area of Grave del Friuli, but I always like to say that we're located ... on the moon , because our wines are very particular and their tastes are not typical from the area but are very typical of ... ours!
De TOH! is volgens eigen zeggen zijn beroemdste witte wijn. Evenals zijn andere wijnen draagt deze wijn een bijzondere naam. Naast TOH! heeft diLenardo namelijk ook een Just me (merlot) en een Pass the cookies (dessertwijn van verduzzo).

Friuli heeft, net als diverse andere Italiaanse wijngebieden, sinds de jaren negentig een enorme inhaalslag gemaakt op kwaliteitsgebied. Er wordt al eeuwen wijn verbouwd, maar pas sinds een aantal decennia wordt er ook goede wijn gemaakt. DiLenardo is één van de bedrijven die aan deze inhaalmanoeuvre hebben deelgenomen, met groot succes. Ruim 70% van de 600.000 flessen die het bedrijf jaarlijks produceert wordt geëxporteerd

Nico maakte vorige week al kennis met de wijn, bij een dineetje met 'gewone' asperges in botersaus. Geheel onverwacht kregen we later die week een fles in handen, die we dit weekend natuurlijk ook weer bij asperges hebben uitgeprobeerd. Wat een wijn was dat! Vanuit het glas komt je een heerlijk volle geur tegemoet, met een hint van sinaasappelbloesem. Vervolgens proeft je volop fruit, vooral heerlijk sappige zoete druiven, maar zonder dat de wijn zoet smaakt. In de afdronk proef je vooral citrusfruit, nu eens geen citroenen of grapefruits, maar eerder volle, rijpe sinaasappel. De wijn heeft ook een aangenaam bittertje, wat goed combineert met asperges en andere verse groentes.
Bij de aspergesalade met kalkoenham, aardappeltjes, gekookt ei en een sausje met kerrie was het een prima combinatie. Het recept vind je terug op Herberg De Ketel en de Kurk. Wat ons betreft is de uitspraak van de eigenaar van Wijnhandel Alexander in Amersfoort terecht: TOH! is de ultieme aspergewijn. TOH! is behalve bij Wijnhandel Alexander verkrijgbaar bij de wijnhandels die aangesloten zijn bij Les Genereux. De prijs is € 8,70.

zondag, mei 13, 2007

Picolit en Ramandolo

Gisteren kwam Nico thuis met enthousiaste verhalen over een witte wijn die hij bij de asperges had gedronken: een Tocai uit Friuli (Noord-Italië, noordoostelijk van Venetië). Inmiddels denk ik dat ik de wijn achterhaald heb, waarschijnlijk verkrijgbaar bij de winkels van Les Genereux. Daarover binnenkort meer, als ik die intrigerende wijn ook uitgeprobeerd heb, bij de asperges.
Waar het me in dit blogje om gaat, is het feit dat er nog zo veel meer is dan het vertrouwde. Naar welke wijn grijp je snel als je asperges gaat eten? Juist ja, een Pinot blanc of een Weissburgunder. Wat drink je als je lamsbout met Pasen op tafel zet? Rode Bordeaux, uit de Medoc, van de klassieke druivenrassen cabernet sauvignon en merlot. Zo zijn er talloze standaardcombinaties waar helaas nog te weinig van afgeweken wordt. En dat terwijl er dus ontelbare spannende wijngebieden zijn waar ook goede wijnen vandaan komen, die mogelijk net zo goed bij een bepaald gerecht passen als de wijnen die we er altijd bij drinken.
De Tocai uit Friuli is een goed voorbeeld. Wie heeft er in Nederland nu eigenlijk van dit wijngebied gehoord? Ik toevallig wel, maar met 'gehoord' is dan ook alles gezegd.

Hoewel, nu ben ik aan het jokken: op Prowein heb ik wel een aantal wijnen uit Friuli geproefd, en nog een paar hele mooie ook. Het gebied Friuli-Venezia-Giulia was met een grote stand aanwezig en de geïnteresseerde bezoeker werd overladen met informatiemateriaal. In mijn blauwe Friuli-tas trof ik een dik naslagwerk over de wijnen van Friuli, diverse toeristische folders en een aantal brochures van wijnmakers. In de stand proefde ik zes fantastische zoete wijnen, van de druivensoorten ramandolo en picolit. Ramandolo heeft een eigen DOCG, de hoogste categorie met herkomstbenaming in Italië. Picolit valt onder het herkomstgebied Colli Orientali del Friuli - Sottozona Rosazzo. Volgens de spreker was de Picolit typisch zo'n wijn die de bevolking vroeger voor eigen gebruik maakte, voor feesten en partijen. Het is een minder belangrijke druivensoort, die echter anno 2007 wel wijnen van topkwaliteit levert. Totale aanplant van de picolit is 50 ha., van de ramandolo 60 ha. Goede producenten zijn bijvoorbeeld Dario Coos en Jacùss. We kregen bij de wijnen zoete koekjes van maismeel en stukjes licht-zoute koemelkse kaas, één van de vele specialiteiten van het gebied. Beide hapjes combineerden uitstekend.
De beide edelzoete wijnen kunnen goed bewaard worden, minstens zo'n 10 à 20 jaar. Helaas zijn ze buiten het gebied nog weinig verkrijgbaar; de database van het Wijninformatiecentrum meldt mij dat er een handjevol Picolits in Nederland verkrijgbaar is en geen Ramandolo.
En ergens heb ik ook wel mijn twijfels of dat nu echt jammer is. Volgens de spreker van de presentatie op Prowein moesten de halve literflesjes zoete Picolit en Ramandolo tussen de 12 en de 25 euro opbrengen. Niet echt heel duur voor goede zoete wijnen, maar of ze de concurrentie met andere 'stickies' aankunnen, bijvoorbeeld uit Duitsland en Oostenrijk, vraag ik me af.
Feit blijft dat er veel interessante wijngebieden in Europa zijn, soms totaal onbekend voor de wijnliefhebber. Wat hebben we nu toch in Chili of Zuid-Afrika te zoeken, als er dichter bij huis zulke spannende wijngebieden te ontdekken zijn?

zaterdag, maart 03, 2007

Goede Hema-wijn: Feudo di Sicani

De Hema heeft de beste wijninkopers, werd onlangs verklaard in Foodpersonality. Ik schreef er al over op Winelog. Als dat dan zo is, dacht ik bij mezelf, dan wordt het toch weer eens tijd een wijn van de Hema uit te proberen. In het verleden kochten we er vaak. Onze wijnhobby is zelfs begonnen met een wijnproeverij bij de Hema in de jaren tachtig. Om wat bij te verdienen werkte ik als student achter de kassa van de Hema en werd daarom ook uitgenodigd voor een personeelsproeverij onder leiding van de toenmalige wijninkoper. We waren erg onder de indruk van de Australische wijnen, kan ik me nog herinneren.

Recent heb ik nog wel eens Les Douze, een mooie wijn uit Fitou, op. En bij de eerste Wine Blogging Wednesday namen we een rosé van de Hema, Le Passé Authentique 2004 of 2005, die er naast de La Tulipe rosé van Ilja Gort helemaal niet slecht vanaf kwam. Aangezien ik rood en rosé van de Hema had gehad, was het nu tijd voor een witte wijn. 's Avonds stond pasta-pompoen-courgetteschotel met kaas op het menu, dus iets wits zou wel kunnen. Ik koos de Feudo di Sicani 2005 uit Sicilië, gemaakt van de onbekende druivensoort grillo.

En eerlijk is eerlijk, dit was een prima wijn. Heerlijk voor alle dag, een prima begeleiding van ons vegetarische pompoengerecht met kerrie. Droog, met een frisse indruk en een geur van gedroogde abrikozen en soms wat tijm. Nicolaas Klei heeft hem dan ook bekroond met bijna vier glaasjes in de Supermarktwijngids 2007. Op Winelog zal ik wat meer ingaan op de beoordeling van Klei versus onze eigen notities. Hier nog even wat informatie over de druivensoort en over Sicilië als wijngebied.

Moderne wijnbouw in Sicilië begon eigenlijk met de komst van de firma Planeta in 1995. Zij maakten wijnen van uitstekende kwaliteit en zijn nog steeds de belangrijkste en beste firma op het eiland. Uiteraard hebben andere bedrijven van de belangstelling voor Siciliaanse wijnen van Planeta geprofiteerd; het gebied is erg in opkomst. De Feudo di Sicani is een landwijn uit Salemi, dat in 1996 deze IGT (Indicazione Geografica Tipica)-status kreeg. Veel van de verbouwde druiven zijn uniek voor het eiland; de grillo is daar een goed voorbeeld van. De grillo wordt ook gebruik in marsala, een zoete wijn die ergens tussen sherry en madera in zit qua smaak. Oorspronkelijk werd de wijn geëxporteerd via Marsah-el-Allah, een oude havenstad gebouwd door de Arabieren. Vandaar de naam.

Heeft de Hema de beste wijninkopers? Ik durf het niet te beweren, maar ze hebben in ieder geval inkopers met een goede neus voor aparte wijnen.

zondag, februari 11, 2007

Kennismaking met de DOC Castel del Monte

Apulië (Puglia) is het gebied in Italië dat de hak en de spoor van de laars omvat. Het uiterste zuidoosten dus, waar uitgestrekte landbouwgronden met wijngaarden, olijfboomgaarden en graan te vinden zijn. Voor 1970 werd er vooral wijn van mindere kwaliteit gemaakt, alleen geschikt voor assemblages of vermout. Gelukkig heeft de invoering van moderne inzichten in dit gebied de kwaliteit van de wijn enorm verbeterd, al komen er nog steeds heel middelmatige wijnen vandaan. Het gebied is bovendien een schatkamer aan inheemse druiven, waaronder de nero di troia, de bombino bianco, bombino nero en de aglianico. Daarvan is de nero di troia de bekendste. Men zegt dat de naam verwijst naar het oude Troje en dat de druif door de oude Grieken naar deze streek is gebracht. De totale productie van het gebied is 11 miljoen hl., waarvan slechts 198.000 hl. DOC-productie is: wijnen die binnen de regels van een afgebakend gebied, Denominazione di Origine Controllata - de Italiaanse appellations -, zijn geproduceerd. Het DOC-systeem heeft dezelfde tekortkomingen als het Franse systeem: alleen middelmatigheid wordt gegarandeerd.

Maar uiteraard zijn er ook heel goede wijnen binnen het DOC-systeem te vinden, ook in Apulië. Het bedrijf Rivera maakt bijvoorbeeld goede wijn in de DOC Castel del Monte, genoemd naar een karakteristieke burcht van Frederik II van Hohenstaufen uit de 13e eeuw (het kasteel staat op het Italiaanse muntstuk van 1 eurocent).

Onlangs proefde ik twee wijnen van Rivera, een bedrijf dat in de jaren vijftig door Sebastiano de Corato werd opgericht. Zoon Carlo en kleinzoon Sebastiano hebben er in de loop der jaren voor gezorgd dat Rivera een voorloper op het gebied van technische en andere vernieuwingen werd, waardoor het bedrijf momenteel de topproducent van de DOC Castel del Monte is.

Ik proefde wijnen van de inheemse druiven aglianico en nero di troia, beide voor Nederlanders totaal onbekende druiven. De Cappellaccio (prijs rond de 12 euro) is gemaakt van 100% aglianico-druiven, heeft 12 maanden op Franse eiken vaten gerijpt en daarna nog een jaar in de fles. Het bouquet is rijk, de wijn heeft het karakteristieke bittertje van een Italiaanse wijn en zal het heel goed doen bij het eten. Aangezien de bijeenkomst eigenlijk te gezellig was om goed te proeven, heb ik geen nadere notities.
Hetzelfde geldt voor de Violante (prijs rond de 7 euro), een wijn gemaakt van de nero di troia. Deze deed in de verte wel een beetje denken aan een pinot noir, had in de geur viooltjes en ook wat mooi rood fruit. Deze wijn is uitstekend te drinken als aperitief, maar zal ook smaken bij een pastagerecht.

De wijnen zijn binnenkort verkrijgbaar bij Van Wageningen en de Lange, die ook nog een rosé van bombino nero en een klassieke bewaarwijn van nero di troia en montepulciano zullen gaan voeren. Deze laatste, de Il Falcone, is het paradepaardje van Rivera. Tom Stevenson noemde deze wijn als enige van de Castel del Monte-wijnen in zijn Wijnencyclopedie.

Voor een wijnspecialist blijft het altijd een gok om wijnen te introduceren van druivensoorten die wij Nederlanders niet kennen: wat de boer niet kent..... Maar ik kan de wijnen van Rivera van harte aanbevelen, ze vormden voor mij een spannende kennismaking met een onbekend stukje Italië.

dinsdag, juni 06, 2006

Ligurische wijn en oude muziek

Utrecht zal over twee maanden een restaurant rijker zijn. Helaas tijdelijk, maar het beloofd wel spannend te worden. Tijdens het Holland Festival Oude Muziek, van 24 augustus tot en met 3 september, wordt in de foyer van Vredenburg het Trattoria Ipermestra ingericht, met Ligurische specialiteiten. Restaurateur Fausto Cavanna zal zijn authentiek-Italiaanse kookkunsten en diverse wijnen meebrengen om het 25ste festival in zuidelijker sferen te brengen. (Het thema van het festival is Le Nuovo Musische: het Seicento in Italië. Jubileumproductie is de opera L'Ipermestra van Francesco Cavalli).
Cavanna heeft twee restaurants in Genua, een eigen wijngaard in Piemonte en is bovendien een groot liefhebber van oude muziek. Mede dankzij vriend en zanger Marco Beasley, in Nederland onder andere bekend van diverse optredens tijdens het Festival Oude Muziek en succesvolle concerten met het Nederlands Blazers Ensemble, komt Cavanna in augustus naar Utrecht.

Zelf ben ik vooral benieuwd naar de Ligurische wijnen: de smalle streek land tussen de bergen en de zee, met als centrale stad Genua, heeft diverse interessante wijngebieden, onder andere de Cinque Terre, een gebied dat op de Unesco-lijst van beschermde landschappen staat. Samen met de Val de Loire (initiatiefnemer), Saint Emilion, de bovenloop van de Douro, de bovenloop van de Rijn, Tokaj en de Neusiedlersee participeert het Nationaal Park Cinque Terre in Vitour, een initiatief om de wijngebieden op de Unesco-lijst met elkaar in contact te brengen. Cinque Terre staat vooral bekend om zijn witte wijnen, uitstekend bij diverse mediterrane vissoorten.

De wijnen in Ligurië worden veelal gemaakt van onbekendere druivensoorten. De Vermentino en de Malvasia zijn nog de bekendste. Helaas kom je deze wijnen dan ook weinig tegen buiten het gebied van herkomst. Het is te hopen dat Cavanna een interessante selectie meebrengt. Wij gaan het in ieder geval uitproberen, uiteraard nadat we voor het 25ste jaar weer van een paar mooie concerten hebben genoten.

Bron: onder andere Tijdschrift Oude Muziek 2/2006