woensdag 9 september 2009

European Wine Bloggers Conference

Zijn ze er nog, Nederlandse wijnbloggers? Volgens mij wel! Misschien is dit dan iets voor jou: de European Wine Bloggers Conference in Lissabon in oktober van dit jaar.
Voor de tweede maal wordt deze bijeenkomst georganiseerd, onder andere door Catavino.

Het programma biedt workshops, lunches, een diner met wijnen van de Douro boys, een bezoek aan een Portugees wijngebied, en dat alles voor slechts € 95 euro (exclusief reis en verblijf). Kijk op de website voor meer informatie over het programma en de kosten.
Zelf zal ik dit jaar niet gaan, maar hoop volgend jaar zeker van de partij te zijn.

Veel plezier, en laat me even weten als je gaat.

Harvesting cava grapes


In a series on cava, I cannot omit the harvest! And harvesting cava-grapes has started this week in the Penedes, with the chardonnay.

From Can Sadurni, in the village of Begues, 15 kilometer from Barcelona, I got a message from Barbara Siemianiuk, export manager at Montau de Sadurni. The Sadurni family has lived and worked at Can Sadurni from the 15th century, and produces traditional, quality oriented cavas and still wines. Barbara told me about the harvest and send me some pictures as well.

About the chardonnay, she writes (also on her blog): “We seek a good balance of sugar and color, and harvest the chardonnay when the skin is thin and the concentration of sugar and acidity at its best.

We have good expectations for this vintage due to optimum climatic conditions. We had a sunny spring with sufficient moisture and a long, dry summer. Factors that favor a slow ripening and elaborate flavors in the grape skin, which will be reflected in the quality of the wine later on.”



Next week, the xarel.lo will be harvested. I will come back on Montau Sadurní then and of course will also introduce the cava’s.



Photos: Montau de Sadurni

dinsdag 8 september 2009

Wijnboekenoogst – Manuscripta 2009


Tot vijftien titels ben ik net gekomen. 'Slechts' vijftien nieuwe wijntitels dit najaar, waarvan vier koopgidsen, een bluffersgids, een gidsje langs Nederlandse wijngaarden en twee naslagwerken.

Eerlijk gezegd ben ik een beetje teleurgesteld over de oogst aan leuke wijnboeken gisteren op Manuscripta. Gelukkig zijn er wel diverse titels die de moeite waard zijn, maar waar blijven toch die leuke, spannende, wijnboeken? Aan kook- en eetboeken geen gebrek. Iedere uitgever lijkt wel een titel in dit genre te hebben. Collega Edith zal er een forse kluif aan hebben ze dit najaar allemaal te beschrijven. Een voorproefje gaf ze vast op koken.blog.nl (De overvloed aan culinaire titels komt ook omdat het thema van de Kinderboekenweek dit jaar ‘Eten’ is. Jammer dat het Spaanse kinderboek over een jaar in de wijngaard nog niet is vertaald!)

Biografie Veuve Clicquot
Waar ik me zelf nog het meest op verheug is de biografie van De weduwe Clicquot, geschreven door cultuurhistorica Tilar Mazzeo. Het werd vertaald uit het Engels en verschijnt in november bij Artemis & Co. Heerlijk, dit soort inkijkjes in het leven van een wijnpersoonlijkheid.
Ook naar het eerste nummer van WineLife, ‘het eerste glossy lifstylemagazine voor wijnliefhebbers’, uitgegeven door Dutch Media Uitgevers, kijk ik uit. Als het goed is, ligt het eind september in de winkels.

Dan is er de Nederlandse vertaling van Jancis Robinson's The Oxford Companion to Wine, waar lang aan gewerkt is maar die nu in november eindelijk bij het Spectrum verschijnt. Dat naslagwerk mag in geen boekenkast van een wijnliefhebber ontbreken! In dezelfde categorie valt Hugh Johnson's Wijngids 2010, die ook bij het Spectrum verschijnt.

BNN-Verslaggever en presentator Filemon Wesselink verdiepte zich na de drugs nu in de wijn: Spugen of slikken. Opnieuw natuurlijk als ervaringsdeskundige ;-) Het verschijnt in december bij Prometheus.
Een andere beroemdheid, Ilja Gort, komt in november met een nieuwe titel, Slurp. Eten, drinken en zelf wijn kopen in Frankrijk, dit keer bij A.W. Bruna Uitgevers B.V.

Naast het recent verschenen Nederland Nieuw Wijnland, van TerraLannoo, besteedt ook de ANWB aandacht aan Nederlandse wijngaarden. In het gidsje Boer zoekt vrouw, Reisgids Platteland is een hoofdstuk gewijd aan Nederlands wijntoerisme. Het gidsje verschijnt in oktober.

Koopgidsen
Rest ons nog de gidsen. Reeds verschenen bij Fontaine & Noë is een Bluffersgids Wijn, evenals één over Whisky.
Harold Hamersma en het Spectrum brengen die jaar niet één maar twee koopgidsen: een Wijnalmanak voor onder de € 5 en een Wijnalmanak voor wijnen tussen de € 5 en de € 10. De feestelijke presentatie is eind september. Hamersma komt ook nog met de Wijnscheurkalender 2010.

Ook Nicolaas Klei schreef weer zijn jaarlijkse gids, Superwijngids 2010. Deze verschijnt pas in november. Bovendien kan er een IPhone-applicatie bij gekocht worden. Daarnaast publiceert Klei, eveneens bij Podium, een boekje getiteld Van druif tot dronk (oktober). Klei was gisteren tevens aanwezig om zijn boek door middel van een proeverij te promoten.


Boekpromotie
Tot slot kunnen we een tweede boek van Cuno van ’t Hoff tegemoet zien. Cuno 2010 verschijnt medio oktober, De handige sms-codes zijn vervangen door een gratis IPhone applicatie. Ook Van ’t Hoff was aanwezig op Manuscripta. In de keuken van Iens presenteerde hij twee goede wijnen uit zijn nieuwe boekje. Vooral de Portugese Quinta de Pancas (Gall&Gall, € 5,99) kon me wel bekoren. Van ’t Hoff werkte bovendien mee aan een nieuw boek van Matt Skinner (gegevens onbekend).

zondag 6 september 2009

Nicolas Joly in Nederland

Er zijn van die dingen die intrigeren en boeien zonder dat je precies weet wat het is. Een van die dingen is biologisch-dynamische wijn.

Over Nicolas Joly, de grote voorvechter van biodynamie in de wijnbouw, had ik wel gehoord, maar wat hij precies uitdroeg stond me niet helder voor de geest. In de tv-serie van de BBC uit de jaren ’80, waarin Jancis Robinson de wereld rondreist om allerhande wijngebieden te bezoeken, had ik kennisgemaakt met Lalou Bize-Leroy, wijnmaakster in de Bourgogne. Ik had de film Kissed by the Grape gezien en Alvaro Espinoza aan het woord gehoord, die koehoorns in de grond graaft voor een beter resultaat. Maar me in biologisch-dynamische wijnbouw verdiept, nee, dat had ik nog niet.

Maandag 31 augustus organiseerde Proefschrift een bijeenkomst rondom de groep La Renaissance des Appellations in de Amsterdamse Olofskapel. Er waren biologische en biologisch-dynamische wijnen van tientallen wijnmakers uit de groep te proeven én Nicolas Joly, wijnbouwer in en eigenaar van de appellation Coulée de Serrant (Loire, chenin blanc) hield een voordracht. Dus op naar Amsterdam op die maandagmorgen.

Kerkdienst
Het zou hoogmoedig van mij zijn te pretenderen dat ik alles wat Joly heeft verteld ook echt heb begrepen. Alles wat ik hier straks over de lezing probeer weer te geven, zal dan ook maar een stukje van het grotere geheel zijn. Een geheel dat ik wel aanvoel, maar zelf niet in woorden kan vatten. Joly heeft me echter wel van het feit overtuigd dat het anders moet. Dat de huidige grootschalige aanpak van de wijnbouw tot drinkbare en prettige wijnen kan leiden, maar dat we er de aarde ernstig mee te kort doen, om uiteindelijk aan het kortste eind te trekken.
Joly is een boeiend verteller die de aandacht van zijn gehoor makkelijk een uur weet vast te houden; er is aan hem een uitstekend predikant verloren gegaan. Een kennis noemde zijn lezing na afloop dan ook een kerkdienst ;-)

Onkruidverdelgers
Het is allemaal mis gegaan bij gebruik van de eerste onkruidverdelgers, aldus Joly. De eerste jaren reageert de wijngaard er goed op, en ziet alles er prima uit. Maar na een jaar of zeven gebruik van herbiciden blijkt dat alle leven in de bodem gedood is en dat er kunstmest toegevoegd moet worden om de planten er weer bovenop te helpen. Kunstmest bestaat uit zouten, waardoor de planten meer willen drinken en teveel water aan de bodem onttrekken. Bovendien put het de planten uit. Die moeten dan weer opgepept worden met allerhande chemisch plantmedicijn, dat het sap van plant en vrucht vergiftigt.

Deze hele cyclus is overbodig volgens Joly: laat zon, wind en bodem hun werk doen, en de planten herstellen na een aantal jaren vanzelf. De Oostenrijkse producent Meinklang is daar een goed voorbeeld van.
De biodynamie houdt zich vooral bezig met de krachten die enerzijds vanuit de bodem en anderzijds vanuit de lucht op de planten werken. Zwaartekracht en zonlicht zijn de bepalende factoren voor een gezonde plant, zoals ik het heb begrepen. Van belang voor een gezonde wijngaard zijn ook de omringende energieniveau’s, die mede worden bepaald door de omgeving. Een wijngaard staat nooit alleen: boomgaarden, weiden met koeien, ruige stukken bos, alles heeft een invloed. Sterk verstorend voor de energieniveau’s zijn bovendien de enorme hoeveelheid radiogolven, van mobieltjes, radio, satellieten etc…

Terroir
In verband met terroir zei Joly: ‘Terroir is soil and climate linked by the vine’. Ofwel: een gezonde wijnstok drukt in zijn opbrengst (wijn) altijd de invloed uit die de bodem en het klimaat op hem hebben. Biodynamische wijnbouw is daarmee ook niet iets dat je zomaar doet. Je kunt niet zeggen: ik ga biodynamisch werken, zonder daarbij de omgeving, de bodem en alles wat ermee samenhangt erbij te betrekken. Biodynamische wijnbouw op een stuk land dat eigenlijk alleen geschikt is voor bieten heeft geen enkele zin.

Uiteraard kan ik nog wel een poosje doorgaan over deze lezing te schrijven. Feit is dat het me geïntrigeerd heeft, dat ik het nog lang niet helemaal snap en dat er nog veel vragen zijn. Die bleken ook wel uit de vragen aan het eind van de lezing. Joly’s antwoorden op sommige van die vragen overtuigden bovendien niet altijd. Maar het boeit me wel; ik heb ter plekke een boek van Joly aangeschaft, het laten signeren en zal het snel gaan lezen.

Uiteraard komt het vervolgens ook aan op de wijnen zelf. In een volgende stuk ga ik daar nog kort op in.

vrijdag 4 september 2009

Geproefd: Gaillac Perlé 2008

Eigenlijk zijn dat de leukste flessen: de flessen wijn die vrienden, kennissen of collega’s voor je meenemen uit hun vakantiegebied, omdat ze er zelf zo van hebben genoten. En helemaal natuurlijk als ze ook nog eens totaal onbekend én lekker zijn.

Mijn oud-collega Inez bracht recent een flesje Gaillac Perlé voor me mee, van haar vakantieadres in de Dordogne. Het gebied kende ik alleen van naam, wijnen ervan had ik nog nooit gedronken.
De Gaillac ligt westelijk van Albi, noordoostelijk van Toulouse, in het zuidwesten van Frankrijk. Het is een gebied met een zeer oude wijngeschiedenis die teruggaat tot de eerste eeuw van onze jaartelling. Vanaf de 12e eeuw is ook export uit het gebied bekend. Misschien werd er wel eerder wijn uit Gaillac geëxporteerd dan uit Bordeaux. In het verleden waren dat vaak zoete wijnen (net als heel veel wijnen in vorige eeuwen), reden waarom de export in de loop van de 19e eeuw een flinke deuk kreeg. Na WO II namen een aantal vooruitstrevende producenten echter het initiatief tot een nieuwe start, die heeft geresulteerd in een aardige range droge, zoete én mousserende wijnen. Veel wijn wordt ter plekke geconsumeerd, waarbij de vele toeristen in de aangrenzende Dordogne ongetwijfeld een handje helpen.

Een creatie uit de tijd van die nieuwe start is ook de Gaillac Perlé, ‘uitgevonden’ in 1957 door de Cave de la Bastide de Lévis, een coöperatie en een van de betere producenten van het gebied. Vooral op het gebied van de inheemse druivenrassen mauzac en len de l’el (loin de l’oeil) heeft deze cave een goede naam.

De Gaillac Perlé Esprit de la Bastide 2008 die ik van Inez kreeg is een wijn van deze coöperatie en gemaakt van bovengenoemde druivenrassen aangevuld met sauvignon blanc. Het levert een heerlijk frisse, lichte, naar appeltjes geurende wijn, met slechts 12% alcohol, die je zou kunnen drinken van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Een 24/7 wijn, eigenlijk. De bubbels zijn alleen waar te nemen als je de wijn in je glas uitschenkt, en geven een subtiele, prettige frisheid.
Er worden jaarlijke een miljoen flessen Gaillac Perlé door de coöperatie geproduceerd. Bovendien kreeg de wijn in 2004 een plaatsje in de Guide Hachette van dat jaar.

Dank je Inez, voor deze leuke fles! We hebben hem met plezier leeg gedronken. En hopen zeker eens naar de Gaillac af te reizen voor meer Perlé.

donderdag 3 september 2009

De nieuwe Languedoc-Roussillon


“Wij hebben besloten om met elkaar de Languedoc-Roussillon, de grootste wijnstreek van Frankrijk, wereldwijd tot een toonaangevende en rendabele speler op de wijnmarkt te maken”. Aldus Bernard Devic, president van InterSud de France, de organisatie achter de promotie van de wijnen uit de Languedoc-Roussillon.
En dat zullen we weten ook. Alles wordt er aan gedaan de wijnen van het gebied onder de aandacht te brengen. Zo is er een nieuw overkoepelend ‘merk’, Sud de France, waaronder veel van de wijnen gepromoot worden. Eén stijl of kenmerk hebben de wijnen niet, het kan om wit, rood en rosé gaan, droog, zoet of mousserend, vin de pays of aoc. Of dat de consument nu echt helpt....

De wijnen uit het zuiden hebben een fors aandeel op de Nederlandse markt: het aanbod Franse wijnen voor thuisconsumptie in Nederland bestaat voor ongeveer 50% uit Vins de Pays, waarvan de Vins de Pays d’Oc (die ook onder Sud de France vallen) het leeuwendeel vormen. Het zijn vaak moderne wijnen, die als ‘cépagewijnen’ duidelijk herkenbaar zouden zijn voor de consument.

De 100 beste
Met dergelijke cépagewijnen – bedoeld zijn hier wijnen van één of meerdere druivenrassen waarbij die rassen ook op het etiket vermeld staan - maakte ik recent nog weer eens kennis in het kader van de uitgebreide promotie van de 100 beste Vins de Pays d’Oc in Nederland. Deze 100 werden gekozen door een proefpanel jonge vinologen en gepubliceerd in een gratis boekje. Proefgroepgenote Marianne zat in het proefpanel, dus voor mij was het extra leuk een paar weken geleden enkele van de wijnen uit dat boekje thuisgestuurd te krijgen.

We hebben de vier toegestuurde wijnen aandachtig geproefd, gecombineerd bij het eten en bediscussieerd. Ik zou geen van de vier wijnen omschrijven als ‘typisch’ voor de Languedoc-Roussillon. Tenminste, de Languedoc-Roussillon van de wijnopleidingen en de wijnboeken. Daarin leren we nog dat er vooral grenache, syrah, mourvèdre en carignan voor rood groeit, en grenache blanc, vermentino en nog vele andere rassen voor wit.
Deze proefflessen waren echter van malbec, chardonnay/viognier, sauvignon blanc en cabernet sauvignon/petit verdot/syrah. Met uitzondering van syrah niet echt druivenrassen die vanouds ‘thuishoren’ in de Languedoc-Roussillon. Dat is echter een discussie die ik hier niet wil uitspinnen. Bovendien moet ik zelf mijn mening daar nog verder over vormen.

Vier geproefde wijnen
Laat ik de vier wijnen gewoon beoordelen op hun kwaliteiten. Gelukkig waren die volop aanwezig, die kwaliteiten. We dronken:

After Be Fore Sauvignon Blanc 2008 van Les Vignerons de Cers Portiragnes, bij de mosselen met room en kaas. Absoluut geen slechte combinatie: een heerlijke frisse wijn, met prima zuren, mooie aroma’s en veel fruit. (tussen € 3 en € 5)

Les Hauts de Médian Chardonnay/Viognier 2008 van Preignes Les Vieux, bij een rijstsalade met venkel, noten, kaas en paprika. Een aromatische wijn, waarin de perzik en de abrikoosaroma’s van de viognier het glas uit denderden. Een erg aanwezige wijn, maar bij de venkel toch lekker drinkbaar. (tussen € 5 en € 7)

Malbec 2008 van Domaine de la Ferrandière, bij de taco’s met gekruid gehakt en kidneybonen. Erg malbec, erg veel fruit, soepele en prettige wijn. (nog niet in Nederland).

Domaine de Nizas Reserve 2005, bij de bbq met spiezen van varkensvlees met spek, brood en een salade. De beste wijn van de vier, wel een beetje een krachtpatser. Mooie aroma’s, soepel en fruitig in de smaak, maar géén doordrinkwijn, zoals in het boekje De 100 beste Vins de Pays d’Oc staat. Gemaakt dus van cabernet sauvignon/petit verdot/syrah. (tussen € 7 en € 10)

De balans opmakend kom ik tot een positief resultaat. Het zijn geen klassieke AOC-wijnen, ze ‘horen’ dan misschien niet in de Languedoc-Roussillon zoals ik dat nog geleerd heb, maar ze waren wel goed gemaakt en uiterst drinkbaar. Een gebied om in de gaten te houden, dat Languedoc-Roussillon.

woensdag 2 september 2009

De valkuil van kwaliteit


De teleurstelling is nog steeds groot, de verontwaardiging ebt langzaam weg. Gisteren stond op het proefexamen van de Wijnacademie een wijn die ik fout beoordeeld heb. Nou ja, één, ik had er vier fout, maar over die ene wil ik het hebben.
Pas vanmorgen begreep ik wat ik eigenlijk fout gedaan had. Tot die tijd had ik me vooral opgewonden over de slechte kwaliteit van de voorgezette wijn in glas 12.
Maar dankzij een opmerking van Nico realiseerde ik me dat ik me had laten leiden door kwaliteit, en niet door het totaalpakket aan zogenaamde organoleptische kenmerken. Simpel gezegd: alle kenmerken op gebied van kleur, geur en smaak die maken dat een wijn herkenbaar is als een wijn van een bepaald jaartal, van een bepaald druivenras, uit een bepaald gebied. Kwalitatief beoordelen op proefexamens, dat moet je dus nooit doen. Dat blijkt.

Het ging om een AC Banyuls gisteren, uit 2007. Als antwoord kon ingevuld worden een port (neeeeee), een AC Rasteau of een AC Banyuls. Ik koos de AC Rasteau, een zoete wijn uit de Rhônestreek waarbij de gisting gestopt is met alcohol, net als bij de Banyuls overigens. Evenals voor Banyuls worden voor Rasteau rode, zuidelijke druivenrassen gebruikt. Maar van de Rasteau stond een 2005 op de lijst, en van Banyuls een 2007. En daar ging ik de mist in.

Die Banyuls was namelijk alles wat ik NIET van een Banyuls verwachtte. Vies, vies en nog eens vies; gewoon afkooksel van bramenjam met een alcoholisch sausje. Dat was zo in tegenstelling met de verschillende flessen Banyuls die ik vorig jaar heb gedronken, ter plekke in de Roussillon en hier thuis, dat ik totaal vergat op het jaartal te letten. In mijn beleving kon dit gewoon geen Banyuls zijn. Die man in het stalletje langs de weg verkocht nog betere Banyuls….

Maar helaas, de wijn in het glas was zo knal donkerpaars dat het eigenlijk alleen maar een jonge wijn kon zijn. Een Banyuls Rimage, zoals dat heet. Ik was niet in de val getrapt dat een Banyuls geoxideerd moet zijn, zoals ik om mij heen hoorde roepen na afloop. Banyuls Rimage is niet geoxideerd, maar gewoon een jonge rode wijn die wat op ruby port lijkt.

Van een Rasteau had ik de smaak niet zo paraat – ik dronk hem denk ik een jaar of zeven geleden voor het laatst. Dus koos ik maar voor Rasteau als antwoord. Een Rasteau 2005 is echter te oud om diepdonkerpaars te zijn, en zou misschien zelfs al wat ouderingsverschijnselen vertonen. En dus had ik Banyuls moeten kiezen. Vieze Banyuls weliswaar, maar echt Banyuls.

Die les vergeet ik in ieder geval niet. Het zal van pas komen, want ik vrees dat de Wijnacademie mij begin 2010 weer op het examen zal zien.