Posts tonen met het label Hongarije. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Hongarije. Alle posts tonen

vrijdag 10 december 2010

Over Hummergraben en Pfneiszl: Blaufränkisch anders

In Oostenrijk werd ik onlangs verliefd op de wijnen van de druif Blaufränkisch, vooral die uit Mittelburgenland. Het gaat dan om volle, geconcentreerde bijna bordeauxrode, donker gekleurde wijnen die over het algemeen rijping op barriques hebben ondergaan, soms gedeeltelijk nieuw. Het hout overheerst echter nergens, de fruitigheid voert de boventoon. Het zijn wijnen voor bij het eten, bij een stevig stuk vlees. Er is echter nog een andere stijl Blaufränkisch, waar ik gek genoeg pas in Nederland mee kennismaakte, en die ik wel zo prettig vind, misschien zelfs wel beter verteerbaar, zeker voor doordeweeks.

Totaal anders
Op de proeverij van de wijnen van Herrenhof, bij Good Grapes thuis, stond ook een rode wijn op tafel: Hummergraben 2009, gemaakt van 100% Blaufränkisch. Dat bleek een totaal andere Blaufränkisch dan de stevige jongens uit Mittelburgenland, Eisenberg en Leithaberg die ik eerder in Oostenrijk zelf geproefd had. De Hummergraben was helderrood en doorzichtig van kleur, elegant, slank, soepel, met relatief lage tannines en een lekkere kruidigheid. Kleur en structuur deden aan een goede maar simpele Pinot Noir denken, type Maconnais. Heel wat anders dus dan de volle, fluwelige en donkere wijnen die ik eerder had leren kennen.

Rijtjes wijnstokken in de Eisenberg DAC
Eisenberg
Ik dacht even dat het aan de herkomst van de druiven zou kunnen liggen: Steiermark, waar Herrenhof ligt, is toch weer een heel ander wijngebied, redeneerde ik. Gottfried Lamprecht, wijnmaker van Herrenhof, blijkt de druiven voor deze wijn echter niet zelf te verbouwen in Steiermark, maar te halen in Eisenberg (Südburgenland) waar hij van een boer de oogst opkoopt. Vreemd is dat niet: Eisenberg is voor Gottfried slechts een paar heuvelruggen verder naar het oosten, 50 minuten rijden van huis. In dit gebied heeft iedere huisbezitter, en zeker iedere landbouwer, nog een aantal rijen druivenstokken in de achtertuin staan. Iedereen maakte vroeger wijn van eigen stokken voor eigen gebruik. Velen hebben daar in de 21ste eeuw echter geen zin meer in, en verkopen hun druiven of hun rijen stokken. Met als gevolg dat échte wijnboeren in het gebied Eisenberg steeds vaker perceeltjes verspreid over diverse locaties hebben, dat families samenwerken, en dat er nu langzaam ook grotere bedrijven ontstaan. Tijdens de persreis na EWBC bezochten we paar van die familie- of samenwerkingsbedrijven, waaronder Wachter-Wiesler en Vinum Ferreum in Deutsch-Schützen. We proefden er ook de wijnen, en uit ervaring weet ik: in Eisenberg maken ze Blaufränkisch met min of meer dezelfde structuur en concentratie als in Leithaberg of Mittelburgenland.

Oude mandpers
Het lag dus niet aan de herkomst van de druiven. Gottfried had de volgende verklaring voor de verschillen: "Ik ontsteel het grootste deel van de trossen, die vervolgens in een open vergistingstank gaan. Met de hand duw ik pitten en schillen onder de most. Vervolgens pers ik met een oude mandpers die ik een jaar geleden in de winter heb gerepareerd. De wijn gaat daarna in barriques van oud eiken en wordt gebotteld na tien maanden. Ik voeg alleen een klein beetje zwavel toe. Ik gebruik geen nieuw hout; dat zorgt namelijk voor donkerder en dikker wijnen. Voor mij telt de vraag: hoe smaakt een wijn écht als wijnmaaktechniek een stap terug doet?  Die oorspronkelijke smaak wil ik zo puur mogelijk zien te krijgen; dat houdt voor mij ook het bereiken van complexiteit in."

Pfneiszl
Het toeval wil verder dat ik enige dagen na de Hummergraben een zelfde soort Blaufränkisch proefde uit het assortiment van importeur Miranda Beems. Miranda importeert Hongaarse wijnen, waaronder de wijnen van Pfneiszl Hungarian Vineyards . De wijngaarden van dit domein liggen in Sopron. En Sopron ligt... net over de grens met Mittelburgenland. Het is de grote hap uit de Oostenrijkse grens die door politieke en historische gebeurtenissen nu Hongaars is, in tegenstelling tot het omringende gebied. Deze Kékfrankos 2009 – Hongaars voor Blaufränkisch - was eveneens helderrood en doorzichtig, fris en fruitig, kruidig, elegant en slank, misschien een tikje voller dan de Hummergraben. Een zeer prettige wijn, en met slechts 12,5% alcohol. En daar houden de overeenkomsten met de Hummergraben nog niet op: Gottfried wist me wel te vertellen dat hij met Birgit Pfneiszl, een van de twee wijnmakende zusjes, op school (wijnschool, dan) heeft gezeten.

Twee stijlen Blaufränkisch, allebei uit hetzelfde gebied in Midden-Europa. Iets zegt mij dat de wijnen uit Steiermark en Sopron veel meer de nazaten zijn van een wijntraditie uit de tijd van de Oostenrijk-Hongaarse dubbelmonarchie dan die uit Burgenland. De ene stijl is daarmee niet meer of minder dan de andere. Beide zijn spannend en origineel, maar leveren gewoon andere wijnen. En dat maakt de wijnwereld voor mij zo ongelooflijk fascinerend.

donderdag 28 januari 2010

Wijnavontuur in Canada


Het blijft de droom van velen: een wijngaard exploiteren in een ver en mooi land. Heel toevallig proefde ik deze week kort na elkaar wijnen van twee verschillende stellen expats.
Van Marit le Noble (schrijfster van onder andere het boek De Achteruitrijvogel) kreeg ik eerder deze week een doos toegezonden met de wijnen I, II, III en IV van Saint Paul le Marseillais in de Languedoc. De II, Rosé 2008 van grenache, Vin de Pays de l'Herault, was een verrassend lichte en zuivere wijn, prima voor terras en camping. Als er meer wijnen geproefd zijn, volgt een uitgebreider stukje.

Van Rolf en Heleen Pannekoek, die anderhalf jaar geleden naar Canada emigreerden, proefde ik zaterdag 23 januari wijnen op een proeverij in het Amsterdamse Casa400. Ik sprak er ook kort met Rolf en Heleen, die zelf hun wijn presenteerden. De wijnen van Fort Berens, het 'estate' van Rolf en Heleen, waren te proeven samen met een mooie selectie Hongaarse wijnen van Miranda Beems, jaargenoot van Heleen op de Wijnacademie.

Ik hoorde het eerst van het wijnavontuur van Rolf en Heleen op Wijnerij, het weblog van de helaas te vroeg overleden Ed Starren. Ed gaf een mooie introductie, die het lezen waard is.
Rolf en Heleen vertrokken in de zomer van 2008 naar Canada, na eerst ook elders naar mogelijkheden voor het starten van een wijngaard te hebben gekeken, onder andere in Hongarije.
Na een spannend 2008, waarin veel onderzoek werd gedaan, onder andere in de Okanagan Valley in British Columbia, kochten Heleen en Rolf land in het plaatsje Lillooet, 250 kilometer van Vancouver in noordelijke richting, en ook 250 km van de Okanagan Valley, in westelijke richting. De Okanagan Valley is een bekend wijngebied in Canada, waar goede wijnen vandaan komen. De landprijzen zijn er echter inmiddels vrij hoog en een wijngaard aankopen is een kostbare onderneming. Vandaar dat ze elders zijn gaan zoeken. Hoe dit allemaal verliep is uitgebreid te lezen op hun eigen website Rolf en Heleen Wijnavontuur.

In het voorjaar van 2009 werd dan eindelijk Fort Berens gevestigd en gingen de eerste stokken de grond in in Lillooet. Met gekochte wijnen en druiven (uit de Okanagan Valley) is later in het jaar de wijnverkoop gestart, vooral ook om geld voor de toekomst te genereren. Lillooet is gunstig gelegen ten opzichte van Whistler, waar de Olympische Spelen gehouden worden. Rolf en Heleen hopen dan ook op veel aanloop van toeristen die van Vancouver via Whistler British Columbia in trekken.

Rolf en Heleen plantten vooral riesling, naast pinot noir, pinot blanc, pinot gris en nog wat andere druivenrassen. Het zijn dezelfde druivenrassen die zij ook hebben ingekocht en die zij afgelopen weekend lieten proeven. Van de Riesling was ik niet zo gecharmeerd; de zuren waren te overheersend en er stond weinig tegenover. De Meritage echter, een blend van cabernet sauvignon, cabernet franc en merlot mocht er zijn: lekker soepel en rond, een prima rode wijn voor alledag. Ook de rosé van pinot noir was zeer aangenaam: gelukkig geen zoetje te ontdekken, maar wel lekker fruitig. En de Selected Late Harvest van Pinot Blanc vond ik zo geslaagd dat ik er een flesje van heb meegenomen. Zo vaak proef je tenslotte geen Canadese zoete wijn, en al helemaal niet uit British Columbia.

Fort Berens verwacht in 2011 zijn eerste oogst te hebben, waarna in 2012 de eerste eigen witte wijnen en in 2013 de eerste eigen rode wijnen op de markt zullen komen. Ik wil toch al eens naar die kant van Canada op vakantie, dus als het zover is weten we alvast één adres om langs te gaan. (En misschien is het guesthouse / hotel van Fort Berens dan ook wel gerealiseerd. Als ik de plannen van Rolf en Heleen zo lees, zou dat er best eens kunnen komen.)

zondag 22 november 2009

Geproefd: Napbor van St. Andrea

Normaal gesproken drink je aan tafel witte wijn vóór rode wijn. Tenzij de rode wijn veel lichter is dan de witte wijn, of tenzij je een glas champagne inlast als intermezzo natuurlijk.
Tijdens proeverijen beginnen wij ook altijd eerst met de witte, om daarna door te gaan met de rode en zoete wijnen, in die volgorde. Maar soms loopt het gewoon anders. En dan blijkt een glas verfrissend wit heerlijk om een proeverij met heftige rode wijnen af te sluiten. Afgelopen donderdag stonden door omstandigheden alleen stevige rode wijnen als Rioja, Bordeaux, Argentijnse Malbec en Australische Cabernet-Merlot op mijn proeftafel. (De laatste was trouwens een verrassend frisse en fruitige, gewoonweg lekkere wijn, Rolling, van Cumulus Wines.)

We hadden na al dat roods behoefte aan een opwekkende afsluiter, en dat werd de Napbor, van het Hongaarse wijngoed St. Andrea. Importeur Miranda Beems beschreef hem mij eens als ‘zonnewijn’. 'Napbor' schijnt dat ook te betekenen. In deze blend van pinot blanc, harslevelü, chardonnay, sauvignon blanc en olaszrizling proef je inderdaad de zon, of misschien meer nog de warmte van het Hongaarse land rondom Eger. Napbor is een wijn met een schone, frisse smaak, met veel rijp fruit, maar ook iets aards, in de richting van goudgeel tarwe (geen idee hoe dat smaakt, maar die associatie kwam nu eenmaal bij me op ;-)) of hooi. Een wijn die iedereen lekker vindt, die lekker weg drinkt maar toch wel iets om het lijf heeft. Geen niemendalletje (zeker niet voor de prijs van € 11,25, die we toch wel aan de stevige kant vonden.)

Ik zou graag iets meer schrijven over het wijngoed, maar de website is alleen in het Hongaars. En verder dan tot drie tellen, kom ik niet in die taal… Wel weet ik dat het een vrij jong bedrijf is, gestart in 2002, en dat de eigenaar Gyorgy Lorincz is. Lorincz werkte samen met Tibor Gal, tot deze in 2005 bij een tragisch auto-ongeluk in Zuid-Afrika om het leven kwam. Het bedrijf is bezig met een omschakeling naar biodynamie, wat met vallen en opstaan gaat.

Overigens, de zoete wijn links op de foto, ook Hongaars, was ook niet te versmaden. Deze Magita Cuvée 2007 werd gemaakt van laat-geoogste druiven en komt uit Tokaj. Hij combineerde fantastisch met een stuk mokka-schuimtaart! Met het huis Béres maakte ik al eerder kennis.

donderdag 1 oktober 2009

Mosselen met Hongaarse wijn

Nederlanders drinken graag wijn bij het eten. En daarbij maakt het niet uit wat het eten is en of de wijn die in huis is, wel bij het eten past. We drinken gewoon graag wat we lekker vinden. Klaar! Dat is één van de opmerkelijke uitkomsten van een onderzoek dat Trendbox in opdracht van het Productschap Wijn uitvoerde.
Maar als we dan wel een wijn willen uitzoeken die past, dan missen we adviezen voor bij de pizza, de spaghetti, de afhaalchinees of bij scherper Aziatisch eten. Voor bij simpel, doordeweeks eten dus. Ook dat was een uitkomst van het onderzoek.

Gewurztraminer en Muskaat
En daar zal ik hier dan maar eens snel wat aan gaan doen. Bijvoorbeeld: bij Aziatisch eten passen diverse leuke wijnen. Toevallig zijn dat alleen wel wijnen die wat minder bekend zijn, zoals Gewurztraminer, of droge Muskaat. Kijk hiervoor eens naar wijnen uit de Elzas, via bijvoorbeeld de website Smaakexperience. Je vindt ook prima voorbeelden in de recent uitgekomen wijngidsen.

Helemaal onbekend is waarschijnlijk de Hongaarse Irsai Oliver. Toch zijn daar lekkere voorbeelden van op de Nederlandse markt. Icarius wijnen bijvoorbeeld verkoopt voor € 6,95 een verrassende Budai Irsai Oliver, een wijn uit het gebied Buda gemaakt van het druivenras irsai oliver, door het wijnhuis Nyakas.

Lychees en druiven
De wijn ruikt alsof je een blik tropisch fruit opentrekt, met wat lychees in de mix, maar vooral ook druiven. De zuren zijn heel fris, eigenlijk precies goed, en het alcoholpercentage slechts 12%. We dronken deze wijn bij een schaal oosters klaargemaakte mosselen. Uit de schelp gehaald, overgoten met een sausje van soja en kokos, en geserveerd op een bedje van mie, broccoli en oesterzwam (aangepast recept uit het Mosselboek).

Nyakas
De Nyakas Cellars is een jong bedrijf, opgericht in 1997 met een productiecapaciteit van 6.000 hl. Deze coöperatie is in handen van meer dan 40 eigenaren, allemaal locale mensen die ook na de verandering van het regime in Hongarije geloven in de coöperatie.

De wijngaarden beslaan ongeveer 124 hectaren en liggen zo’n 25 km ten westen van Boedapest, rondom de dorpen Budajenô en Tök. De toevoeging Budai voor het druivenras irsai oliver verwijst dan ook naar dit gebied. De aanwezigheid van kalk en mineralen in de bodem en het heersende microklimaat dragen bij aan het droge, crispy karakter van de wijnen.
De naam Nyakas refereert aan de heuvel naast de wijnkelder. De paarden op het etiket symboliseren de paarden van de Hongaarse poesta’s. In de directe omgeving van het bedrijf zie je nog altijd vele honderden paarden in de weilanden lopen.

maandag 24 augustus 2009

Geproefd: Furmint 2007, Chateau Megyer


Even gniffelen, om een toch wel erg oubollig wijnetiket! Van etiketontwerp hebben ze nog niet veel kaas gegeten bij Chateau Megyer. Deze Tokaji Furmint 2007 smaakt gelukkig heel anders dan dit 'lieve' etiket doet vermoeden. Ik verwachtte een wat wollige, zoetige wijn, maar gelukkig bleek hij totaal droog te zijn. Vol en mineralig, echt een superbe verrassing uit oostelijk Hongarije.

Ik zou graag meer proefnotities geven, maar helaas, mijn bureau is de afgelopen week zo'n zootje geweest dat ik de aantekeningen niet meer terug kan vinden. Stom, stom, stom. Maar ik ben ook maar een mens.... ;-) Wel weet ik nog dat ook Cuno van 't Hoff hem geweldig vond, aldus een opmerking op Twitter.

Geïnteresseerd in deze wijn, van een druivensoort die we vooral kennen van de zoete Tokaji Aszu, maar dus ook prachtige droge wijnen kan voortbrengen? Bij Werkhoven Wijnen in Nieuwegein is hij te verkrijgen, voor circa € 8,50.

zaterdag 18 juli 2009

Appeltjes en vanille in de Törley Sec

Sinds ik 'aan de cava' ben, komen er ook steeds meer andere mousserende wijnen op mijn pad. Hoe heb ik het ooit zonder kunnen doen, vraag ik me nu af ;-). Op een warme zondag maakten we dan ook in de tuin lekker de proeffles Törley Sec open, een mousserende wijn uit Hongarije.

Kleur: bleekgeel, met stevige mousse en niet al te grote belletjes.
Geur: appeltjes; de pubers omschreven het meer als vanille, wat ik ook kon plaatsen. Zoete appeltjes dus.
Smaak: duidelijk geen champagne, maar ook geen sekt of cava. Een vrolijk, zachte, vriendelijke fruitige wijn, die net even wat zuren mist naar onze smaak. We zochten naar een beetje bite, maar vonden die niet. Dit kan komen omdat wij gewend zijn aan Brut; dit was een Sec, wat toch een paar gram suiker per liter kan uitmaken.
Gebruikte druivenrassen zijn pinot noir, chardonnay en riesling, alcoholpercentage 11.5%. We dronken het restje door bij de simpele nasi van die dag, wat nog niet eens zo slecht combineerde....
Törley Sec is te koop voor € 11,00 bij 4-Trading en via deze website.

Törley is de grootste producent van mousserende wijn in Hongarije, en bovendien één van de oudste. 'Met grote toewijding en doorzettingsvermogen ben ik er in geslaagd iets veel beters te produceren dan de Champagne wijnen die tot nu toe bekend zijn,' schreef József Törley in 1882, toen hij had besloten om de vakkennis die hij had opgedaan in Reims te gebruiken in zijn eigen land. Hij had namelijk in Budafok de ideale plek gevonden in Hongarije om mousserende wijnen te gaan maken.
In Budafok worden al eeuwen druiven verbouwd op de hellingen langs de Donau. In de bodem van kalksteen zijn kilometers lange grotten uitgehakt. De kalksteen werd ondermeer gebruikt voor de bouw van het Hongaars Parlementsgebouw (1904). De grotten, met hun constante temperatuur, werden gebruikt voor de mousserende wijnen van Törley. Rond 1900 waren de mousserende wijnen van Törley in heel Europa te verkrijgen en ook in Parijs vonden deze wijnen gretig aftrek. Het kasteel van Törley en de vele kelders bevinden zich ten noorden van Boedapest. Er worden rondleidingen gegeven.

vrijdag 17 juli 2009

Kékfrankos 2006, Heimann

Nog niet zo lang geleden werd er een prachtige houten kist met vier Hongaarse wijnen afgeleverd, van Nederlands grootste wijnpr-bureau. Na een aantal fraaie presentaties van deze wijnen, onder andere op Wine Professional, worden de producenten nu ook met direct marketing gepromoot. En terecht, want het land heeft heel wat te bieden, maar de wijnen dringen nog maar mondjesmaat door tot de consument.

Kékfrankos
Afgelopen week proefde ik de eerste twee, allereerst een Kékfrankos 2006 van Zoltan Heimann en vervolgens een Törley Sec, van één van Hongarije's oudste producenten van mousserende wijnen. Beide waren het uitstekende wijnen, maar ik had ook eigenlijk niet anders verwacht. Met de wijnen van Heimann en met Zoltan Heimann zelf maakte ik enkele maanden geleden al kennis, en was danig onder de indruk. Aan de rode kwam ik toen niet toe, maar deze Kékfrankos voorzag dan nu in die lacune.

Kékfrankos is de Hongaarse benaming van blaufränkisch, een druif die verder vooral in Oostenrijk voorkomt. Er worden soepele, fruitige wijnen van gemaakt, met veel bessig rood en zwart fruit. Ik had op een goed moment de indruk van zeer rijpe bosbessen, heerlijk! Deze wijn heeft zes maanden op eikenhout gerijpt; het hout is uitstekend geïntegreerd in de wijn en geeft structuur, smaak en kruidigheid. De Kékfrankos is voor € 9,95 te koop bij IldiVino.

Heimann
Al sinds 1758 is de van oorsprong Duitse familie Heimann actief in Hongarije. In 1990 heeft Zoltan Heimann het roer overgenomen. Hij is niet alleen bankdirecteur, maar vooral gepassioneerd wijnmaker en kartrekker van de wijnen uit het Szekszárd gebied in zuidelijke Hongarije, langs de oevers van de Donau. Samen met zijn echtgenote Agnes en twee zoons stelt hij alles in het werk om karaktervolle wijnen te maken.
Het wijngoed telt zo’n 20 hectaren, waarvan de wijngaarden verspreid liggen op de heuvels net buiten de provinciestad Szekszárd. Op het domein staan lokale druivenrassen aangeplant: kadarka, kékfrankos, kékoporto (portugieser) en diverse internationale druivenrassen.
De kékfrankosdruiven komen van drie speciale wijngaarden, gelegen op de Gesztenyés top, de heuvels van Báta en de Baranya vallei.

Szekszárd
Szekszárd maakt deel uit van de grote Pannonische wijnregio, het warmste gebied van Hongarije. Er zijn lange, droge, vaak mediterrane zomers en milde winters. De Pannonische wijnregio in het zuiden van Hongarije wordt gezien als een van de meest veelbelovende wijngebieden van het land. Het gebied staat vooral bekend om rode wijn, waarbij de topcuvées gemaakt zijn van typische Bordeaux druiven – cabernet sauvignon, cabernet franc en merlot. De rosé die hier vandaan komt wordt gemaakt van kékfrankos en merlot.

Morgen meer over de Törley Sec van Hongarije's oudste producent van mousserende wijnen.

zondag 26 april 2009

Een rondje Hongarije


Veertien producenten met ieder zeker zeven wijnen: het was weer lastig kiezen in Amsterdam vorige week dinsdag. Het duurde dan ook even voordat ik mijn draai een beetje gevonden had op de proeverij van Hongaarse wijnen die Mercury International had georganiseerd. 20 april mocht de vakpers en de handel naar het Hotel des Indes in Den Haag komen, 21 april was de consument welkom bij Tastevin Dehue in Amsterdam.

De afgelopen dagen heb ik geprobeerd een rode draad te vinden in de proeverij, om er een verslag van te maken. Maar dat blijkt knap lastig. Want ik proefde goede wijnen van zowel inheemse als internationale druivenrassen; uitstekend rood en uitstekend wit; prima cuvée's en goede monocépage wijnen (van één druivenras). Het onderstaand is dan ook slechts een impressie, al proevend van wijn naar wijn en van producent naar producent.

Laat ik met wat Furmint beginnen: ik kende de druif alleen uit de assemblage met hárslevelü zoals die gebruikt wordt in de zoete Tokaj Aszú. Er blijken echter ook uitstekende droge witte wijnen van gemaakt te worden, met veel aroma en mooie zuren. Bijvoorbeeld de Furmint Löcse Dülö 2007 van Béres Winery, op eiken gerijpt, met ingetogen zuren en zeer aromatisch. Of voor mij de absolute topper van de middag, Kerkaborum 2007, een samenwerkingsproduct van Heimann en Bussay: veel exotisch fruit in de neus, een frisse en volle dronk; veel aan te ruiken en te genieten!

Dan zijn er de Olaszrizlings - waarom die soms zo'n slechte naam hebben, is mij een raadsel! Neem die van 2007 van Figula bijvoorbeeld: gevinifieerd en gerijpt in oude eiken vaten, van druiven die al deels aangetast waren door edele rotting. Enorm mineraal in de neus en veel citrus in de mond; heeft wat zuurstof nodig om los te komen. Of die van Dr. Bussay, nog zo'n topper: heerlijk kruidig en fris.

Olaszrisling en Furmint kwamen onder andere weer samen in de Ranolder Féher Cuvée van Jásdi, een producent gevestigd aan de noordkant van het Balatonmeer. Ook de andere wijnen van Jásdi Pince (pince = kelder) waren zeer de moeite waard, bijvoorbeeld de Szürkebarát 2006 (Pinot Gris), kruidig en met een aangenaam bittertje. Voor de rijping is Hongaars nieuw eiken gebruikt.

Een laatste witte topper proefde ik bij Zoltan Heimann: een totaal onverwachte, maar uitstekende Viognier 2007. Opgevoed deels op roestvrijstaal, deels op barriques. Een Viognier herkennen kan nog wel eens lastig zijn, maar in deze waren nu eens overduidelijk de aroma's van witte perziken te herkennen die zo karakteristiek schijnen te zijn. Samen met wat vleugjes laurier leverde dat een zeer aromatische en interessante wijn op.

Rood proefde ik door tijdgebrek voornamelijk bij Joszéf Bock: Portugieser 2008, Cabernet Franc 2007, Bock Cuvée 2003 en Merlot Manifico. En dat was helemaal geen straf, integendeel. Joszéf Bock is een beminnelijk man, die graag over zijn wijnen vertelt. Vooral de Cabernet Franc, gerijpt in grote houten voeders, vond ik prachtig: fruitig, bessig, echt zoals ik een Cabernet Franc ken. Bock is dan ook één van de topwijnmakers van Hongarije van dit moment. De streek Villány, in het zuiden van Hongarije, waar Bock zijn wijngaarden en kelder heeft, geldt als een van de beste terroirs voor rode wijnen in het land.

Gelukkig wordt veel van dit moois al geïmporteerd in Nederland: Béres tref je bijvoorbeeld bij Miranda Beems Wine Import, Heimann bij Il diVino Wijnen, Jásdi Pince bij Wijnkooperij Koopmanschap in Veldhoven en Figula en Bock bij Grapes Unlimited. De meeste importeurs zijn te vinden via de database van Wijninfo.nl.

woensdag 22 april 2009

Hongaarse toppers

Twitteren doe ik niet, te vluchtig. Maar soms is het handig om even iets kwijt te kunnen. Zoals dat ik gisteren opnieuw fantastische Hongaarse wijnen heb geproefd. Op een proeverij bij Tastevin Dehue in Amsterdam, georganiseerd door Krisztina Galambos van Mercury International.

Top vijf van geproefde producten: Bock, Heimann, Dr. Bussay, Pannonhalma en Figula. Gelukkig allemaal met Nederlandse importeurs.

Grootste verrassing: Kerkaborum 2007 Reserve, 100% Furmint, samenwerking tussen Zoltan Heimann en Dr. Bussay. Geweldige wijn, maar nog niet in Nederland. Dat kan bijna niet lang meer duren, schat ik zo.

Leuke eerste kennismaking: Jasdi, een kelder rond 1850 in het bezit van bisschop Janos Ranolder, maar nu door voormalig topdiplomaat István Jasdi in ere hersteld. Ook met Nederlandse importeur.

Binnenkort volgen natuurlijk diverse verslagen, nu eerst naar Beaune en Féminalise.

Vlnr Een paar Hongaarse 'toppers': Jószef Bock, Krisztina Galambos, Zoltan Heimann

zondag 1 februari 2009

Szürkebarat en Olaszrisling: Hongaarse wijnen op Wine Professional


Er zijn van die landen waarvan de boeken zeggen dat er goede wijn vandaag komt. Een enkele importeur heeft die wijnen, een vooruitstrevende restaurateur zet ze op de kaart. Maar de gemiddelde wijnliefhebber moet er met een lantaarntje naar zoeken, helaas. Zo'n land is Hongarije, een land met een eeuwenoude wijncultuur, door het communistische regime in de tweede helft van de 20ste eeuw echter fors op achterstand gezet.

Al één à twee decennia importeert Imperial Wijnkopers Hongaarse wijnen; sinds het begin van de 21ste eeuw zie je gelukkig in Nederland steeds meer kleine én grote importeurs die zich op de Hongaarse markt begeven. Dat is echter geen sinecure: zaken doen met Hongarije is alleen al lastig vanwege het taalverschil. En dus is er ruimte voor tussenpersonen, waarvan Krisztina Galambos van Mercury International Wijnkopers in Maastricht er één van is. Op Wine Professional was zij vertegenwoordigd met een aantal prachtige Hongaarse wijnen, die bij velen in de smaak vielen.

Zelf was ik vooral onder de indruk van de Hongaarse witte wijnen. Een ding viel daarin vooral op: de grote mineraliteit. Zowel in de Szürkebarat (Pinot Gris) 2007 en de Olaszrisling (Welschriesling) 2007 van Dr. Bussay als in Tradició van Domein Kreinbacher bijvoorbeeld. Maar het meest onder de indruk was ik van twee cuvée's: de Szilénusz Cuvee van Figula, uit Balatonfüred, en de Hemina Cuvee van de Pannonhalma Abdij in de gelijknamige regio.

Alle genoemde wijnmakers zijn te vinden in noord- of west-Hongarije. Dr. Bussay is gevestigd in Csernyeföld, westelijk van de westelijkste punt van het Balatonmeer, op het drielandenpunt van Hongarije, Kroatië en Slovenië. Dr. Bussay is huisarts en maakt sinds tien jaar wijn. Zijn maximale rendement is 1 tot 1,5 kg druiven per stok, met een totaal aantal stokken van 6500 tot 8300 per ha. De witte wijnen worden vergist op grote vaten van 1000 tot 1200 liter, technische ingrepen worden tot een minimum beperkt.

Szürkebarat 2007: mineraal, heel licht restzoet, fraai gebalanceerd door zuur, vol en mooi.
Olaszrisling 2007: rijk, vol, romig, veel fruit, mineraal.


Kreinbacher vinden we in Somló, ten noorden van het grote Balatonmeer. De bodem is vulkanisch, met grote stukken basalt op de hoger gelegen hellingen. De wijnen uit Somló waren al in de tijd van de Habsburgers beroemd. De voormalige glorie van de regio wordt inmiddels hersteld door onder andere József Kreinbacher, die gebruikt maakt van oudere aanplant maar ook nieuwe stokken heeft geplant. Gisting en rijping van de wijnen vindt plaats op vaten van Hongaars eiken van 500 liter.

Szent Ilona Trádicio 2007: mineraal, vol, ellenlange afdronk, laurier, drop (assemblage).


De kelder van Mihály Figula en zijn zoon tref je in Balatonfüred, aan de noordelijke oever van het Balatonmeer. Wijnbouw is er langs de hele noordelijke oever van het meer, en olaszrisling - in Oostenrijk welschriesling - is er een belangrijke druif. Krijgen we op de vinologenopleiding geleerd dat we deze druif maar snel moeten vergeten, voor de wijnen die ze er in Hongarije van maken geldt dat absoluut niet (overigens ook niet voor sommige wijnen die er in Oostenrijk van gemaakt worden!).
Het Figula-domein is nog jong, en Olaszrisling en Szürkebarat (Pinot Gris) zijn de specialiteiten. De wijnen worden reductief gemaakt (zonder dat zuurstof een kans krijgt invloed uit te oefenen) en vergisting en rijping vinden deels op Hongaars en Frans eiken plaats.

Szilénusz Cuvée 2007 (pinot gris, olaszrisling, chardonnay): minerale neus, veel citrus, stevige gastronomische wijn met brede inzetbaarheid.

De Benedictijner monniken van de Pannonhalma Abdij maken al sinds het jaar 996 wijn! Rond 1900 bezaten zij 100 ha. wijngaard, en de wijnen werden in die tijd al gebotteld en buiten de grenzen van Hongarije verkocht. De abdij én de door de eeuwen vergaarde wijnkennis hebben het communisme gelukkig overleefd; nog circa 50 monniken wonen in de abdij, die inmiddels als belangrijk erfgoed gekoesterd wordt. In 2003 werd een nieuwe wijnkelder in gebruik genomen en in die jaren was ook de beroemdste Hongaarse oenoloog Tibor Gál, inmiddels helaas overleden, betrokken bij de hernieuwde opstart van de wijnbouw en wijnproductie. Tweederde van de aanplant is wit: riesling, sauvignon blanc, chardonnay, pinot blanc en gewürztraminer bijvoorbeeld, aangevuld met diverse regionale rassen als olaszrisling, ezerjó en sárfehér. Pinot noir is het belangrijkste ras voor rode wijn, aangevuld met een beetje merlot en cabernet franc. Circa 300.000 flessen worden jaarlijks geproduceerd.

Hemina Cuvee 2007: assemblage van olaszrisling, chardonnay en pinot blanc; mineraal, vol, frisse zuren, laurier; goed inzetbaar in de gastronomie.

dinsdag 12 februari 2008

Wijnglas Narcisso

Mocht je in de kast van je (groot)ouders een dergelijk glas tegenkomen, zet er dan geen tulpenbol in en gooi hem zeker niet weg! Mocht je het op de rommelmarkt tegenkomen: schaf het gelijk aan, het is een zeldzaamheid. Het is namelijk een wijnglas, ontworpen voor de Leerdamse glasfabrieken door de Italiaanse Isabella Antonia Giampietro. Isabella kreeg haar opleiding aan de kunstacademie in Rome en studeerde textiel- en glastechnieken in Stockholm. Zij is echter bekender geworden door haar beeldhouwwerk, vooral in de Verenigde Staten, waar zij ook opgroeide. Tijdens een verblijf in Nederland ontwierp zij in 1956 voor de Glasfabriek Leerdam de rank gestileerde, in helder kristal uitgevoerde serviezen Narcisso en Riflesso. Tevens huwde zij in 1957 een Nederlander, Hendrik Knoll, en vertrok in hetzelfde jaar naar de Verenigde Staten waar zij haar werk als beeldhouwster voortzette.

Mocht iemand een ander glas van Riflesso of Narcisso willen ruilen voor dit schitterende wijnglas, neem dan even contact op.

donderdag 12 juli 2007

Olaszrizling

De eerste fles wijn uit vakantiebestemmingen is al weer binnen ... en opgedronken. Geen eigen import, dat nog niet. Deze fles was door mijn ouders meegebracht van een reis door Hongarije en omringende landen. Tijdens hun tocht van Sopron naar Budapest werd haltgehouden bij Domaine Edegger in Badacsony, aan de noordelijke oever van het Balatonmeer. Zo'n vijfentwintig jaar geleden was ik zelf al eens in het gebied, maar als 18-jarige had ik nog weinig kijk op wijn en wijnbouw. Ik weet dat het er toen ook was (we dronken wijn op de hotelkamers) maar in een heel andere opzet dan nu. Toen was het land nog communistisch, al was er meer eigen initiatief toegestaan dan in de andere Oost-Europese landen. De Hongaarse wijnbouw is dan ook in een relatief betere toestand achter het IJzeren Gordijn vandaan gekomen dan de wijnbouw van bijvoorbeeld Bulgarije of Roemenië. Inmiddels lijkt het me, op basis van de informatie die mijn ouders meebrachten, dat Hongarije zijn wijnboeren en wijngebieden stevig ondersteunt. Er zijn wijnroutes in Badacsony, websites, modern vormgegeven foldermateriaal etc... Een vakantie in het gebied kan een echte wijnvakantie worden, zo te zien. Zeker als je het combineert met een verblijf aan de zeer dichtbij gelegen Neusiedlersee, in Oostenrijk. Net als de Neusiedlersee oefent het wateroppervlakte van het Balatonmeer grote invloed uit op het klimaat in het gebied. Daarnaast spelen in Badacsony de vulkanische bodem en de vele zonne-uren een rol.

Domaine Edegger is pas sinds het jaar 2000 in bedrijf en wordt gerund door het jonge en enthousiaste echtpaar Caroline en Martin Georg Edegger. Zij bezitten 12 ha wijngaard en leggen zich toe op wijnen van goede kwaliteit voor zowel de thuismarkt als de export. De opbrengsten per hectare worden sterk beperkt, wat zeker te proeven is aan een van de specialiteiten van het bedrijf, Olaszrizling (Welschriesling, ter plekke ook wel Italian Riesling genoemd) die zowel droog als zoet gevinifieerd wordt. Welschriesling kan in Hongarije nogal eens een laf wijntje opleveren, maar juist in Badacsony en twee andere gebieden aan het Balatonmeer worden de betere versies gemaakt. Dit heeft onder andere te maken met de vulkanische bodem, die zorgt voor een mineralige indruk.

Wij kregen van mijn ouders een al wat oudere fles van deze Olaszrizling, uit 2004, met een droge - szàraz - variant van de wijn. Ter plekke betaalden ze er slechts 4 euro voor. De Olaszrizling had een zeer opvallende maar aangename geur van custard of vanille, die echter niet afkomstig is van rijping in houten vaten. Voor deze wijn wordt alleen roestvrij staal gebruikt, om de frisheid en fruitigheid van de druif tot zijn recht te laten komen. De romige geur werd gebalanceerd door een mineralige, kruidige smaak, met een nasmaak van amandelen. Verder heeft de wijn een aangename hoeveelheid frisse zuren, die uitstekend combineerden bij de preitaart met ei en pastrami die wij gisteren aten, en een prima alcoholpercentage van 11,5%.
Eerlijk gezegd denk ik dat deze Olaszrizling het uitstekend doet op de thuismarkt, bij pittige schotels en op het terras. Ook als vakantiewijn kan je er prima een doos of wat van meenemen. Maar om de wijn te exporteren, daar is hij misschien nog iets te 'gewoontjes' voor. Hoewel: ik heb deze fles vele malen liever dan een slappe Steen uit Zuid-Afrika of iets dergelijks uit de supermarkt. Misschien toch maar exporteren dan? Heren en dames importeurs van Hongaarse wijnen: ga eens kijken in Badacsony, en sla Domaine Edegger dan zeker niet over.

vrijdag 1 december 2006

Erlauer, Morer en Badacsonyer

Sommige wijnlanden krijgen nog altijd niet de aandacht die ze verdienen. Neem nou Hongarije: als sinds de val van het communisme in 1989 is de wijnindustrie in dat land in op weg naar een mooie toekomst. Er zijn begenadigde wijnmakers als Attila Gere, Istvan Szepsy en anderen. Maar wie in Nederland kent ze? Een enkele importeur waagt zich er aan, maar bij het grote publiek zijn ze niet bekend. En dat is ongelofelijk jammer. Woensdagavond proefde ik bij Grand Restaurant Karel V namelijk weer eens een fantastische Hongaarse wijn: een late geoogste Furmint uit 2003. Helaas viel het dessert van ondefinieerbare cakejes in saus van thee en amandelmelk heel erg tegen, ik vond er kraak nog smaak aan. Maar de wijn vond ik goddelijk, dat was voor mij het eigenlijke 'toetje'.

De Late Harvest Tokaji Furmint 2003 is een zoete witte wijn uit de streek Tokaj van het druivenras furmint, met botrytis, op moderne wijze gemaakt. Wel een Tokaji dus, maar geen Aszu; geen klassieke zoete wijn uit Hongarije gemaakt in de houten kuipjes die ze puttonyos noemen en die bekend en geliefd was bij koningen en keizers. Wel een 'gewone' edelzoete wijn, zoals ze ook in Oostenrijk en Duitsland gemaakt worden. Het fruit wordt superrijp en laat geoogst, terwijl de edele rotting al heeft toegeslagen. De bijna ingedroogde druiven worden voorzichtig geperst en het zo verkregen sap wordt langzaam vergist.

Deze zoete Hongaarse wijnen zijn eigenlijk de enige die nog een beetje bekend zijn hier. Dat was in de eerst helft van de twintigste eeuw wel anders. Bij de verrassingszending historisch materiaal die ik onlangs van een kennis kreeg zat ook een brief van importeur N.V. Wijnhandel-Maatschappij Atlantic, Agentuur- en Commissiehandel te Amsterdam, aan een wijnhandel in Maastricht, uit 1937. Ik citeer hieronder uit deze brief:

Mijne heren,
Het is hier nog niet voldoende bekend, dat Hongarije behalve wereldberoemde Tokajer, ook zeer goede witte tafelwijnen zooals Erlauer, Morer, Badacsonyer, produceert. De soorten, die in het genre der Moezelwijnen zijn, voldoen het meest aan de Hollandsche smaak. In kwaliteit zijn de deze wijnen beslist beter en aromatischer, doch in prijs op het oogenblik lager dan de Luxemburgsche wijnen. Geen wonder dan ook, dat Hongaarsche Witte Tafelwijnen meer en meer, met stijgend succes in Frankrijk, België, Zwitserland en zelfs in Luxemburg ingang vinden.
Ook in bevoegde vakkringen hier worden bovengenoemde soorten zeer goed beoordeeld.

Indien u voor een bemonsterde offerte interesse hebt, gelieve U ons dit mede te deelen onder gebruikmaking van ingesloten kaart...... De levering geschiedt rechtstreeks uit Hongarije.

Het is dat de datum boven deze brief 14 december 1937 is, en dat de termen Erlauer, Morer en Badacsonyer de meeste wijnliefhebbers weinig meer zullen zeggen, anders zou het best een brief uit 2006 kunnen zijn.. Want er komen nog steeds goede wijnen uit Eger (= Erlau), Mor en Badacsony, aldus Stevenson in de Meest complete wijnencyclopedie.

Ik denk dat ik wel een thema weet voor een komende Wine Blogging Wednesday. Nu nog een wijnhandel met brede verspreiding over Nederland. Hongaarse internetwijnhandels: meld u maar!